nieuws

Convenant provincie met Breda, Eindhoven, Den Bosch, Helmond en Tilburg Noord-Brabant zet in op grote-stedenbeleid

bouwbreed Premium

De provincie Noord-Brabant en de vijf gemeenten Breda, Eindhoven, Helmond, ‘s-Hertogenbosch en Tilburg gaan nauw samenwerken op gebied van infrastructuur, woningbouw, milieu en economische ontwikkeling. Daartoe hebben ze hedenmorgen een ‘Convenant Grote-Stedenbeleid Noord-Brabant’ ondertekend. Bij die gelegenheid hebben Gedeputeerde Staten de vorming van een speciaal fonds voor de vijf Brabantse steden aangekondigd. Daarin storten ze f. 5 miljoen.

“Nog pregnanter dan voorheen staat Noord-Brabant op de economische kaart van Nederland en Europa. De Nadere Uitwerking Brabantse Steden maakt zichtbaar, dat de provincie niet alleen een uitstralingszone is van de Randstad, maar ook beschikt over sterke endogene krachten voor verdere economische ontwikkeling”, aldus de convenantspartijen.

Volgens hen is het daarom noodzakelijk te kiezen voor de stad “juist omdat de provincie Noord-Brabant als totaal en de vijf grote steden in het bijzonder niet meer hoeven af te wachten wat hen ten deel zal vallen, maar zelfbewust hun eigen weg ke bepalen. Onvermijdelijk zullen conform het verstedelijkingsbeleid de Brabantse steden daarom groeien. Wij moeten daarop voorbereid zijn omdat de groei anders leidt tot chaos en verlies van ruimtelijke kwaliteit in de stedelijke en landelijke gebieden. Hoe groter de stedelijke concentraties in de Brabantse steden worden, hoe urgenter wordt het specifiek grote-stedenbeleid te ontwikkelen en uit te voeren.”

Overigens zal het convenant uitgewerkt worden in nieuwe afspraken of deelconvenanten per beleidsveld.

Afstemming

In het convenant concluderen provincie en steden dat “een gezamenlijke en meer op elkaar afgestemde inzet van bevoegdheden en middelen moet leiden tot een verdere versterking van de steden en een resultaatgerichte aanpak van de grootstedelijke problemen”.

De keuze voor de stad gaat uit van “een sterke regierol voor de steden op die terreinen waarop de stedelijke problematiek het meest effectief en efficient op lokaal niveau aangepakt kan worden. Natuurlijk zullen de steden regiogemeenten actief blijven betrekken bij aspecten van het grote-stedenbeleid en zich inspannen hun medewerking bij de uitvoering daarvan te verwerven. Maar het kan en mag niet zo zijn dat het welslagen van dat beleid van die medewerking afhankelijk wordt”.

Om de steden hun woningbouwtaakstelling te ke laten waarmaken zullen alle beschikbare instrumenten, bevoegdheden en middelen op het terrein van de volkshuisvesting nadrukkelijker en selectiever op de steden worden gericht: “Beoogd wordt een substantiele financiele impuls, gericht op de Brabantse steden, om op nieuwe woningbouwlocaties woningbouw voor de doelgroepen van het woningbouwbeleid mogelijk te blijven maken.”

Daartoe zullen de steden en de provincie een op de Brabantse steden gericht woningbouwsubsidiebeleid bepleiten bij de rijksoverheid. Procedures en regelgeving in het kader van het Besluit Locatiegebonden Subsidies (Vinex) worden “zodanig toegepast dat maximale bestedingsvrijheid en flexibiliteit bestaan teneinde het woningbouwprogramma te ke realiseren”.

Locaties nodig

Essentieel in de ontwikkeling van de Brabantse steden is “de tijdige beschikbaarheid van locaties voor zowel de woningbouw als bedrijventerreinen. Bij binnenstedelijke locaties spelen de hoge kosten als gevolg van milieumaatregelen de snelle voortgang van de woningbouw parten. Locaties aan de stadsrand zijn, nog afgezien van landschappelijke en andere belangen, stedebouwkundig en verkeerstechnisch veelal moeilijk aan te haken aan bestaand stedelijk gebied. Beoogd wordt door een gezamenlijke inspanning van provincie en steden en hierop gerichte maatregelen de versnelde ontwikkeling van de woningbouw en bedrijventerreinen te bevorderen”.

Het convenant richt zich erop “door stroomlijning en afstemming van procedures op het gebied van de ruimtelijke ordening, de gevolgen van bestaande belemmeringen terug te brengen tot een aanvaardbaar niveau”.

Zo zullen behoefteramingen voor woningbouw en bedrijventerreinen op elkaar worden afgestemd en taakstellende afspraken worden gemaakt over realiseren van grote woningbouwlocaties, bedrijventerreinen en bijbehorende infrastructuur. Duurzame stadsontwikkeling vormt daarbij een belangrijk criterium.

Infrastructuur

Om hun rol als economische trekker volop waar te ke maken, wordt voor/door de Brabantse steden een infrastructuur tot stand gebracht die hun verstedelijkingsproces ondersteunt en versterkt. Het gaat vooral om voortvarende aanleg van grootschalige infrastructuurpoen uit de diverse Regionale Verkeers- en Vervoersplannen.

Provincie en steden hebben afgesproken te komen tot versnelling van procedures bij bepalen van tracekeuzes voor infrastructuur en het ondervangen van de financiele gevolgen daarvan.

Ook is overeengekomen te zorgen voor versnelde revitalisering en herinrichten van verouderde bedrijfscomplexen.

Reageer op dit artikel