nieuws

Britse bouwbeurs overleeft twee wereldoorlogen

bouwbreed Premium

Interbuild, de internationale bouwbeurs van Groot Brittannnie viert dit jaar zijn 100 jarig bestaan. Daarmee heeft de beurs twee wereldoorlogen doorstaan. Vanaf 1895 is hij onder de niet aflatende leiding van de zogenaamde Montgomery-groep van een expositie met 147 deelnemers uitgegroeid tot een bouwbeurs met meer dan 1200 exposanten in ruim 1000 stands op een netto beursoppervlakte van ongeveer 47.000 m2 .

We spraken over het bereiken van deze opmerkelijke leeftijd met de jonge marketing managers van de beurs ,Susannah Sykes en Christopher Newton. Het leeuwedeel werd verteld door de 30-jaar jonge Susannah Sykes, die voor de tweede keer de internationale bouwbeurs organiseert. Ze werd bijgestaan door een 20 jarige stagiaire Kim Verpalen, laatste jaars HEAO-studente. Christopher Newton eveneens een jonge manager van dertig zorgde voor de vrolijke noot. Hij vertoont een treffende gelijkenis met John Cleese bekend van het TV-programma Monty Python Flying Circus en Fawlty Towers. Alleen de silky walk ontbrak er nog maar aan.

De beurs is in 1895 opgericht door de jonge Victoriaanse architect Greville Montgomery onder de naam Building Trades Exhibition. Deze beurs was gevestigd in the Royal Agricultural Hall, nu het Building Design Centre te Islington in Londen. Om zeker te stellen, dat de beurs het hoge bouwprofiel zou krijgen als hem voorstond vormde hij een architecten commissie. Deze omvatte de meest respectabele professionals in die tijd. Ze omvatte tevens hoog gekwalificeerde juristen aangesteld door de Science Committee of RIBA (Royal Institute of British Architects). Deze commissie heeft nu een ledental van 22.000. Van stonde af aan stond al vast dat het een tweejaarlijkse beurs moest blijven, om architecten en produktontwikkelaars enige rust te gunnen voor het ontwikkelen van nieuwe projecten en produkten. De eerste bouwbeurs met toch slechts 147 exposanten was een dusdanig succes, dat de beurs in 1897 al 150% toename kon boeken met 220 deelnemers.

Drie hallen

In 1899 moest de expositie al worden verdeeld over drie hallen, algemene bouwmaterialen, elektrotechniek en rookgassystemen. De beurs was voor deze tijd een puur nationale aangelegenheid. In 1899 kwamen de exposanten behalve uit Engeland ook uit de uit de overzeese gebiedsdelen en Amerika. De beurs werd toen omgedoopt tot International Building Exhibition. Al snel kwam de beurs in een stroomversnelling. In 1905 waren er al 317 exposanten. In 1907 verhuisde de beurs naar Olympia, waar hij gedurende de volgende zeventig jaar bleef. De beurs werd toen geopend door de Prince of Wales, die later King George de vijfde werd. De laatst vooroorlogse expositie werd gehouden in 1913. De Eerste Wereldoorlog strooide roet in het eten. Toch zorgde de eerste wereldoorlog ervoor dat er vervangende produkten kwamen en dat de mechanisatie op gang kwam. Toen de beurs dan ook in 1920 werd hervat, was de bouwindustrie radicaal veranderd. Het gebrek aan woningen werd als een groot nationaal probleem gezien. Woningen- en materiaalgebrek spoorden de inventiviteit aan. De mechanisatie leidde tot de ontwikkeling van betonmixers, betonnen blokken machines, standaard raamprodukties, steigerwerken en dergelijke. Het beton had een enorme vlucht voorwaarts genomen. In 1924 werden de eerste stoomlaadschopmachines getoond. In antwoord op de vraag naar betere woningen verbeterden de ontwerpen aanzienlijk. Verschillende vloercompounds verdrongen de houtpanelen-, marmeren en andere vloeren van natuurlijke materialen. In 1926 werd gefocust op de woningbouw van na de oorlog van meer dan 600.000 woningen per jaar. Vanaf die tijd gingen architecten kleinere woningen ontwerpen van betere kwaliteit. In 1930 werd deze ontwikkeling weer losgelaten en kreeg verfraaiing van de woning de boventoon.

Le Corbusier

Het was ook in die tijd dat de Venesta plywood manufacturers stand, ontworpen door Le Corbusier werd bekroond met de Royal Gold Medal for Architecture. De groei van de beurs ging onverdroten door tot de Tweede Wereldoorlog ondanks de crisis van Munchen in 1938. Het accent van die beurs lag vooral op de ontwikkeling van flateenheden en openbare gebouwen. Toen volgde de grote pauze. De eerste naoorlogse beurs werd gehouden in 1947. Er was gebrek aan alles, zowel aan materialen als aan geschoolde arbeiders en dat had ook zijn weerslag op de beurs. Het was min of meer een oorlogsvervolg beurs, waarin de ontwikkeling van luchtlandingsbanen, de wegenbouw en dienstverleningscentra centraal stonden. Door de wederopbouw geraakte alles in een stroomversnelling. Structurele en mechanisch ontwikkelingen leidden tot de introductie van aluminium daken, het inmiddels verfoeide asbestcement en de ontwikkeling van plaatstalen gevelbekledingen. De houten vezelplaten en kunststoffen bekledingen deden hun intreden.

Reputatie van belang

De Britse bouwindustrie kreeg in toenemende mate een internationale reputatie van belang. Dat werd overigens stevig gestimuleerd door Molly Montgomery de vrouw van Greville Montgomery’s zoon Hugh, die nu de leiding van de beurs op zich had genomen. Ze besteedde veel van haar tijd in buitenlandse ambassades in Londen. Dat resulteerde in een enorme toename van internationale exposanten. Er werden speciale inkopers-trips georganiseerd. Kortom Groot Brittannnie ging internationaal. In 1949 was de beurs uitgegroeid tot 415 exposanten. De meest spectaculaire stand was die van Lafarge Aluminous Cement, ontworpen door James Holland en Peter Chamberlin. Het leek op een duikersplatform. Na 1951 toen de Labourpartij door de Conservatieven opzij werd gezet, kondigde de minister van Arbeid Davis Eccles een terugval in werkgelegengheid aan. Dat resulteerde in een ‘ambitieus’ woningbouwprogramma van 300000 woningen per jaar. Het verhinderde de groei van de beurs niet. De beurs werd zelfs uitgebreid met de beganegrondruimte van de Empire Hall.

Drie dagen na de show van 1951 stierf Greville Montgomery’s broer Stow, die een belangrijke rol had gespeeld bij de ontwikkelingen van de beurs. Datzelfde lot onderging drie maanden later de voornoemde Hugh Montgomery. Greville trok zich terug en Molly en haar zoon Brian bleven aan de leiding van Interbuild. Deze laatste heeft zich met ingang van de vorige beurs in 1993 teruggetrokken uit de actieve organisatie, maar bleef president van het Montgomery netwerk over de hele wereld, waarvan Interbuild deeluitmaakt. Dit jaar is hij tevens president geworden van het pretentieuze UFI (Union des Foires Internationales) te Parijs.

Coronation Year

De Coronation year expositie in 1953 werd geopend door de minister van Volkshuisvesting Harold Macmillan. Controle van zaaghoutimporten werden afgeschaft en de aankondiging van een groot schoonmaak programma was de impuls voor een geweldig boom in de woningbouw. Er ontstonden aannemers, architecten en ingenieurssamenwerkingsverbanden. In een sfeer van samenwerking, ontwikkelingsstimulansen en verbetering van materialen groeide de beurs in de volgende jaren immer meer onder de onaflatende leiding van Molly. Zelfs de devaluatie van het pond in 1967 had hier nauwelijks effect op. Aan de industrie ging de schok niet voorbij. In 1971 werd de situatie wat beter, maar de donkere wolken bleven zichtbaar door onder andere de Vietnam oorlog en de ernstige problemen in Noord Ierland met de IRA. Toch waren in dat jaar de exposanten van de beurs aangegroeid tot 630 uit elf landen. De beurs van 1973 werd als eerste betiteld met de naam Interbuid. Op deze beurs bestond 15% uit nieuwkomers en werden 21 landen vertegenwoordigd. Het thema luidde milieudiensten. Architecten boetten in aan belangrijkheid en werden verdrongen door ontwerpbureaus. In 1975 werd de beurs voor het laatst gehouden in Olympia.

In 1977 is hij verhuisd naar NEC Interbuild’s huidige onderkomen in Birmingham. Een prima plaats vanwege zijn grote bereikbaarheid per vliegtuig, trein, metro en auto. In dat jaar meldde staatssecretaris van milieu Peter Shore een exportgroei van 33%, die overigens al snel werd opgevolgd door een daling van 10% industriele activiteiten. In 1987 was het bezoekersaantal van de beurs al opgelopen tot 143.000, onder wie ook bezoekers uit verre landen zoals Japan en Canada. Vanaf 1990 heeft zich in Engeland een algehele recessie voltrokken, waaraan ook de bouwindustrie niet ontsnapte. Deze recessie duurt nog voort. Volgend jaar verwacht of hoopt men op enige verbetering.

Reageer op dit artikel