nieuws

Woningbouwleningen niet in strijd met wet

bouwbreed

De corporaties handelen met hun collegiale leningen niet in strijd met het Besluit Beheer Sociale Huursector. Integendeel: dat rijke corporaties tegen gunstige voorwaarden geld lenen aan arme corporaties betekent juist “een doelmatige inzet van kapitaal”.

Dat schrijft staatssecretaris Tommel in antwoord op vragen van PvdA-Kamerlid Duivesteijn over de Nationale Woningbouwleningen.

Deze leningen zijn een initiatief van de Nationale Woningraad en het NCIV, en moeten ertoe leiden dat de welvarende corporaties hun overschot aan bedrijfsreserves toch nog doelmatig in de volkshuisvesting ke investeren.

De centrales hebben inmiddels een akkoord gesloten met de Bank Nederlandse Gemeenten over de vorm van deze collegiale financieringen. De eerste lening is ook al verstrekt, door Woningbeheer Lochem aan Groene Stad Almere.

De PvdA ziet dergelijke constructies niet zitten. Volgens het Kamerlid Duivesteijn wordt de door Tommel aan de Tweede Kamer beloofde discussie over inzet en verevening van de bedrijfsreserves gedwarsboomd. Bovendien ontwikkelen corporaties zich op deze wijze als beleggingsinstituten. En daarmee zou in strijd worden gehandeld met het Besluit Beheer Sociale Huursector. Tommel wordt gevraagd zijn veto uit te spreken over de leningen, totdat het debat over de reserves is gevoerd.

Tommel weigert dit. Volgens hem wordt in het geheel niet gehandeld in strijd met de wet. Integendeel, de collegiale financiering is conform artikel 21 van het BBSH, waarin wordt voorgeschreven dat er een verantwoord beleid en beheer wordt gevoerd op financieel gebied, en zij voldoet aan artikel 23, waarin staat dat batige saldi moeten worden ingezet in het belang van de volkshuisvesting.

Het gaat hier volgens de bewindsman om een effectieve en doelmatige inzet van het teveel aan bedrijfsreserves en de bevordering van de solidariteit tussen corporaties. “Ik heb dan ook geen aanleiding te veronderstellen dat corporaties zich ontwikkelen tot een beleggingsinstituut.

Evenmin is Tommel het eens met Duivesteijn, dat de nationale leningen de discussie over de bedrijfsreserves dwarsbomen. “Door de lening blijft de financiele positie van de sector onveranderd en vindt slechts een egalisatie van rendementen tussen instellingen plaats. Dit kan niet worden gezien als een verevening van vermogens. Bovendien kan van een verevening geen sprake zijn, gezien de eerder door de Kamer verworpen motie dienaangaande.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels