nieuws

Cobouw/Nipo enquete wijst uit: Nederlanders zijn tegen bouwen in Groene Hart

bouwbreed

Een ruime meerderheid van de Nederlandse bevolking, namelijk 95 procent, is tegen het volbouwen van het Groene Hart. Negentig procent dicht het Groene Hart grote landschappelijke waarde toe. Drie op de vijf Nederlanders, oftewel 58 procent, kent het Groene Hart, al is het maar van naam. Dit blijkt uit een enquete over het Groene Hart die het Nipo in opdracht van Cobouw heeft gehouden. Minister De Boer zegt in een reactie de cijfers als steun voor haar beleid te zien.

Het marktonderzoeksinstituut Nipo heeft in een telefonische enquete onder 500 Nederlanders de mening over het Groene Hart gepeild. Aanleiding voor dit onderzoek vormen de Groene Hart-gesprekken waarvoor VROM-minister De Boer maandag 9 oktober in Alphen aan den Rijn het startsein geeft. Gedurende de weken die volgen zal de bewindsvrouw regelmatig met betrokken overheden en maatschappelijke organisatie praten over de toekomst van het Groene Hart.

Als opmaat voor deze gesprekken wilde Cobouw weten hoe de Nederlandse bevolking denkt over het Groene Hart, het in de visie van minister De Boer zo kostbare natuurgebied in de Randstad.

Tegenvallen

De vraag aan de Nederlanders of ze uberhaupt wel eens van het Groene Hart hebben gehoord beantwoordde 58 procent met ‘ja’. De resterende 42 procent had nog nooit van het fenomeen gehoord. Overigens blijkt de kennis over wat nu precies het Groene Hart is tegen te vallen. Zo gaf maar liefst 45 procent een andere definitie van het Groene Hart. De antwoorden op de vraag ‘wat is volgens u het Groene Hart?’ varieerde daarbij van “groen op de pleintjes” en “een soort medische instelling” tot “een schoonmaakmiddel” en “dat stukje weiland rondom Zoetermeer en Gouda”.

Stellingen

Vervolgens kregen de ondervraagden een aantal stellingen voorgelegd waarmee ze het eens of oneens konden zijn. Van de geenqueteerden was 58 procent het oneens het met de stelling ‘dat vanwege de toenemende vraag naar woningen het onvermijdelijk is dat er in het Groene Hart gebouwd zal gaan worden’. Eens met deze stelling was 38 procent van de ondervraagden. Zeventig procent onderschrijft de stelling ‘Het Groene Hart mag niet worden aangetast door woningbouw’ terwijl 27 procent het hiermee oneens is.

De overgrote meerderheid, namelijk 90 procent is het eens met de bewering ‘dat het Groene Hart een grote maatschappelijke waarde heeft’. Slechts zes procent is het hiermee oneens en vier procent zegt hierover geen mening te hebben.

Hoewel de aantrekkelijkheid van het gebied wordt onderschreven blijkt toch bijna tweederde, 63 procent, hier niet te willen wonen. Ruim eenderde, 35 procent, zou wel in het Groene Hart willen wonen en dat aandeel stijgt naar ruim de helft, 51 procent, voor diegene die op dit moment in de buurt van dit gebied woonachtig zijn.

Volbouwen

Het volbouwen van het Groene Hart is voor de overgrote meerderheid van de ondervraagden onbespreekbaar: 95 procent is hier tegen. Enkel lagergeschoolden (89 procent) en senioren (92 procent) spreken zich iets minder uit op dit punt. Hiertegenover staan 18-34-jarigen (98 procent) en hogergeschoolden (97 procent) die zich bijna geheel ‘contra’ verklaren.

Ondanks deze tegenstand blijkt wel zeventig procent van de geenqueteerden beperkte woningbouw in het gebied toelaatbaar te achten. Ruim een kwart, 27 procent is hier tegen. Beperkte woningbouw blijkt vooral acceptabel voor lager geschoolden (79 procent). Ook is vijftig procent het eens met de stelling dat bouwen voor uitbreiding van recreatieve voorzieningen in het Groene Hart wenselijk is. Desondanks blijkt toch nog een vrij grote groep, namelijk 44 procent, deze mogelijkheid af te wijzen. Op de vraag of de ondervraagden het Groene Hart wel eens bezochten zei 24 procent dit maandelijks te doen. Een op de zeven zegt het Groene Hart voor recreatie of ontspanning zelfs wekelijks op te zoeken.

Steun

Met name dit laatste cijfer zegt minister De Boer te verassen. “Ik vind dat een hoog cijfer”, aldus de bewindsvrouwe in een reactie op de enquete-cijfers. Verder is De Boer “buitengewoon verheugd” over het hoge percentage van 90 procent dat het Groene Hart een belangrijke landschappelijke waarde toedicht. “Dat betekent dat de Nederlanders de open ruimte die het nu is belangrijk vinden. Ik zie daarin dan ook een ondersteuning van het huidige beleid.”

Begrijpelijk

Overigens noemt De Boer het “volstrekt begrijpelijk” dat ‘slechts’ 58 procent spontaan zegt weleens van het Groene Hart te hebben gehoord. “Het Groene Hart heeft lange tijd alleen bij direct betrokken bestuurders en planologen geleefd. Door de komende gesprekken, waar ook veel over naar buiten zal komen, zal de naamsbekendheid wel toenemen”, zo verwacht De Boer.

Meer over de Cobouw/Nipo-enquete en de reactie van minister De Boer op pagina 5.

De landschappelijke waarde van het Groene Hart wordt door 90 procent van de Nederlandse bevolking onderschreven. Volbouwen is voor 95 procent van de bevolking uit den boze

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels