nieuws

Volker Stevin houdt volgend jaar pas op de plaats Werkkapitaal slinkt door verwerving Vinex-gronden

bouwbreed Premium

De kosten van grondverwerving leggen een steeds groter beslag op het werkkapitaal. Zelfs voor de grote bouwconcerns blijkt er nu een grens bereikt te zijn aan de race om de Vinex-gronden. “Er zijn besprekingen met grondeigenaren waar ik gewoon uit wegloop. Ook voor ons bedrijf zijn er grenzen aan de prijs per ha”, stelt W.T.J. Dijkman, lid raad van bestuur Koninklijke Volker Stevin (KVS). “Als dit zo door gaat, zullen er bedrijven in de problemen gaan komen.”

Dijkman, beslist geen doemdenker, komt met deze opmerking naar aanleiding van een zin in het gisteren gepubliceerde halfjaarbericht. ‘Door een toenemend belang in poontwikkeling en het ten behoeve daarvan verwerven van gronden ontstaat een grotere behoefte aan werkkapitaal.’

Hij zegt beslist niet in te gaan op prijzen van f. 65 of meer voor zogenaamde hete gronden. “Natuurlijk hebben we op de Vinex-locaties onze posities. Als gevolg van enkele aankopen, of opties zal de behoefte aan werkkapitaal het tweede halfjaar nog toenemen. We betalen het uit eigen middelen. Maar voor 1996 maken we een pas op de plaats. De rentemeter loopt namelijk met een gigantische snelheid door. Overigens hebben we ons geld echt niet op dat ene Vinex-paard gezet. Uit oogpunt van risico-spreiding hebben wij ook posities buiten de Vinex-gebieden en in het buitenland.”

Mag dan de toekomst meer risico’s voor de woningbouw in zich hebben het eerste halfjaar 1995 is geruisloos verlopen voor KVS. De immer ‘scheve’ netto winst bereikte een niveau van f. 10,3 miljoen ( f. 8,1 miljoen). De omzet op produktiebasis bedroeg f. 1,160 miljard, een marginale groei van f. 16 miljoen ten opzichte van dezelfde periode 1994. De jaaromzet over 1995 uit op ongeveer f. 2,7 miljard ( f. 2,6 miljard).

Ideale mix

Het ingezette beleid van de optimale mix begint zijn vruchten af te werpen. Het is duidelijk waarneembaar in de resultaatsontwikkeling. Door zeer sterk te zijn in woningbouw en gww, de grootste groeimarkten in de bouwnijverheid, kan de nettowinst eind dit jaar 7 tot 12 procent hoger liggen dan vorig jaar ( f. 51,207 miljoen). Zonder de staking hadden de twee percentages hoger gelegen.

De twee eerder genoemde Volker-onderdelen ke de mindere ontwikkelingen in bijvoorbeeld de utiliteitsbouw en de milieumarkt goed opvangen. Voor het laatst genoemde onderdeel heeft het Rotterdamse beursfonds het geluk niet afhankelijk te zijn van de Nederlandse overheid en het bedrijfsleven. Dijkman: “Onze verwerkinginstallaties hebben een goede bezettingsgraad omdat we gronden uit Duitsland, Belgie/Luxemburg en Denemarken verwerken.”

Naar millennium

Vragen over de toekomststrategie rond de eeuwwisseling omzeilt Dijkman. Hij zegt niet te ver vooruit te willen kijken. De verhoudingsgetallen – rendement op vermogen is 15 procent – hebben het juiste niveau bereikt, en de opbouw en spreiding van activiteiten van de onderneming zijn voltooid. Wat nu?

“In de bouw in Nederland moeten we nog de komende twee jaar groeien. Kopen van een woningbouwer is nodig, want woningbouw stelt met een omzet van f. 350 miljoen (omzet 1994/red.) nog niet veel voor. Daarnaast leert een aantal onderdelen werken op de buitenlandse markt. De leermarkt is vooral gelegen in en om Berlijn. Ook al krijgen we aanbiedingen van banken uit de hele wereld binnen om aannemers over te nemen, eerst werken we aan een volwaardig Nederlands gezicht. Dan stellen we pas de vraag, of je altijd maar door moet groeien.”

Reageer op dit artikel