nieuws

Eisen voor controle bieden reinigers van zoab houvast

bouwbreed Premium

De markt voor reinigen van zeer open asfaltbeton (zoab) is vergroot sinds behalve de vluchtstroken ook de rijstroken moeten worden gedaan. Ook zijn inmiddels eisen vastgelegd die bij controle van reinigingswerk gehanteerd ke worden. Dat komt goed uit voor een bedrijf dat net een nieuwe wagen heeft aangeschaft voor reiniging van zoab met een water/zuigsysteem.

De Dienst Weg- en Waterbouwkunde (DWW) van Rijkswaterstaat oordeelde vorig jaar dat behalve de vluchtstroken ook de rijstroken van wegen met een wegdek van zeer open asfaltbeton gereinigd zouden moeten worden. Vastgesteld was dat in de delen van de rijstroken die niet intensief bereden werden veel vuil achterbleef. De watervoerende capaciteit van de zeer open asfaltbeton neemt daardoor sterk af. Het gedeelte tussen de rijstroken blijft niet schoon omdat de pompende werking van de banden hier te vaak ontbreekt. Dat gedeelte moet ook schoon gemaakt worden vond men bij DWW.

Reinigen van zoab gaat in beginsel het beste met een systeem dat gebruik maakt van water om het vuil los te maken en van veel lucht om water en vuil uit de zoab te zuigen. Er zijn inmiddels vier bedrijven in Nederland die beschikken over een vrachtwagen met zo een water/zuigsysteem.

Zoabclean uit Amstelveen, een van de vier, is sinds september 1991 met een vierassige reinigingswagen actief op de markt voor zoabreiniging. Sindsdien zijn aan deze auto veel mogelijke verbeteringen uitgeprobeerd en werkelijke verbeteringen aangebracht. Dat ook de rijstroken van zoabwegen gereinigd moeten worden is volgens J. Valk van Zoabclean uit Amstelveen aanleiding geweest een nieuwe auto te bouwen waarin de allerlaatste ideeen en inzichten zijn verwerkt.

Weinig hinder

Werken op de rijstrook betekent dat aan reinigingswagens andere eisen moeten worden gesteld dan voor werken op de vluchtstroken. Uitgangspunt is geweest de oude wagen te optimaliseren qua werksnelheid en capaciteit. Om verkeersstremmingen te beperken is het bijvoorbeeld zinvol de rijstroken in een werkgang schoon te krijgen. Alle verbeteringen zijn eerst in de oude auto toegepast. “Die is zo’n vier of vijfmaal verbouwd. Er is technisch veel aan gedaan om zolang mogelijk op de weg de blijven. In ieder geval zo lang als is toegestaan bij een zo groot mogelijke produktie”, aldus Valk.

De nieuwe reinigingsauto bestaat uit een 8×4 chassis van Ginaf en een opbouw met daarin de reinigingsapparatuur. Die is op de wagen gebouwd door Vemat BV, de materieeldienst van Vermeer in Hoofddorp. De bediening van de reinigingsinstallatie geschiedt geheel vanaf de bestuurdersplaats. Het systeem voor het terugwinnen van schoon water uit het vuile water is verbeterd. De bruto inhoud van de watertank is 33m3. Daarin is begrepen 6m3 voor de opslag van schoonwater.

Met de nieuwe wagen kan op gemiddeld vervuild zoab zes uur achter elkaar worden gewerkt. Dan wordt gereinigd over een lengte van 6 tot 7 km over een breedte van 3,60m. Daaruit komt dan 4 tot 5 ton vuil (zo’n 3m3). Dat mag nu nog worden gestort. Volgend jaar als het Stortbesluit van kracht wordt kan dat niet meer. Het vuil materiaal bestaat voor 80% uit zand. Als het Stortbestuit van kracht is zal dat eruit gehaald moeten worden. Voor dit zand is namelijk hergebruik mogelijk.

Eisen

Het opstellen van eisen die in verband met reinigen aan zoab te stellen zijn, is langzamer gegaan dan de ontwikkeling van de reinigingswagens en de daarin gebruikte technieken. Er is sinds begin jaren ’90 de situatie dat er wel reinigingswagen zijn maar eigenlijk nog geen eisen voor het reinigen van zoab. Op aandringen van de grote zoabreinigers zoals Zoabclean en Heijmans zijn partijen van de oude C.R.O.W werkgroep, belast geweest met bepalen van de onderhoudsbehoefte van zoab, opnieuw bij elkaar gekomen onder de naam B18 ‘reiniging zoab’. De taak was het opstellen van functionele eisen voor geluidsproduktie en watervoerendheid. Die eisen zouden het bijvoorbeeld mogelijk moeten maken duidelijke grenzen aan te geven of reinigen slechts wenselijk is uit preventief oogpunt of dat gereinigd moet worden om bijvoorbeeld de watervoerendheid weer op peil te brengen.

Een conceptvoorstel voor deze eisen is momenteel gereed. De definitieve versie kan door RWS in bestekken worden opgenomen als supplement op de standaard bestekken waarin die eisen gesteld ke worden waaraan de aannemerij moet voldoen. Naar verwachting zullen de voorstellen dit najaar definitief worden afgerond.

Het ontwikkelen van functionaliteitseisen voor zoab is gefrustreerd door verschillen van inzicht tussen Rijkswaterstaat en de zoabreinigers. Bij DWW had men niet voldoende vertrouwen in de meetmethode met de zogenaamde ‘drainometer’, een apparaat waarmee de uitstroomtijd van water als maat voor de doorlatendheid en daarmee voor de vervuiling werd gehanteerd. Deze meetmethode is tot nu toe wel gehanteerd, maar sinds kort beschikt DWW over een ‘drainometer’ die niet met water maar met lucht werkt. Hiermee zijn door Rijkswaterstaat volgens Valk “vrij snel” metingen en controles door het gehele land te doen.

De nieuwe reinigingswagen bezig op de N5 tussen Amsterdam en Halfweg. De bediening geschiedt volledig vanuit de cabine.

Reageer op dit artikel