nieuws

Lage prijs heeft ernstige gevolgen voor bescherming tegen watersnood Ontwrichting dreigt van Nederlandse grindmarkt

bouwbreed Premium

De Nederlandse grindmarkt dreigt de komende jaren te worden ontwricht door een meer dan overdadig aanbod vanuit Limburg. Dit geeft een zeer drukkend effect op de grindprijs, waardoor financiering (en dus haalbaarheid) van het miljardenpo Grensmaas (verdiepen en verbreden van de rivier) in gevaar komt. En daardoor zou dan weer het door de commissie Boertien bepleite beschermingsniveau tegen overstromingen van de Maas wel eens niet of veel te laat gerealiseerd ke worden.

Begin september willen gedeputeerde staten van Limburg orienterend overleg voeren met de twaalf in de Panheel Groep verenigde grindwinningsbedrijven. Die zijn namelijk behoorlijk boos op de provincie, omdat in het verleden gedane toezeggingen (vastgelegd in een convenant) over nieuwe winningen van grind en zand in relatie tot het afbouwen van de winningsactiviteiten (die zouden in het jaar 2010 moeten zijn beeindigd) niet zouden worden nagekomen.

De problematiek rond de winning van deze voor de bouw onmisbare grondstoffen is uiterst gecompliceerd geworden, omdat eerder gemaakte afspraken werden achterhaald door twee zware overstromingen en veranderde maatschappelijke inzichten.

Daardoor staat in Limburg niet langer het economisch motief voorop in het ontgrondingenbeleid, maar het bieden van veiligheid in combinatie met natuurontwikkeling.

“De wereld verandert ook wel eens”, stelt de voor het ontgrondingenbeleid verantwoordelijke Limburgse gedeputeerde dr. J.J. Schrijen in dat verband veelbetekenend vast.

Stelselmatig verlaagd

Of de grindwinningsbedrijven het helemaal met hem eens zullen zijn is hoogst twijfelachtig. Zij moesten met lede ogen toezien hoe de nog te winnen hoeveelheden grind ten behoeve van de landelijke behoefte in de te decennia door achtereenvolgende kabinetten en provinciale besturen stelselmatig zijn verlaagd.

Werd in de jaren tachtig nog uitgegaan van 140 miljoen ton grind, door toenmalig minister Smit-Kroes werd die hoeveelheid in de nota “Gegrond ontgronden” bepaald op de helft: 70 miljoen ton. Dat was volgens algemeen directeur dr. Th.F. Krans van de Panheel Groep “een bittere teleurstelling”.

Taakstelling

De vervolgens aangetreden minister, Maij, deed er vervolgens een schepje bovenop. Zij verlaagde – mede onder druk van groeiende maatschappelijke protesten – de landelijke taakstelling voor Limburg tot 35 miljoen ton. Dat werd vastgelegd in een convenant met de provincie.

Die heeft nu de plicht om de nodige winningslocaties aan te wijzen. Daarvan is echter tot op heden niets terecht gekomen. Wel mogen de winningsbedrijven eindelijk aan de slag in het Stevol-gebied: een locatie waarom sinds begin jaren tachtig is geprocedeerd.

Het uitblijven van locaties staat volgens Krans haaks op het convenant. Dat verplicht de provincie namelijk ook om “de winningsbedrijven goed zicht te bieden op vergunningen, teneinde hen in staat te stellen hun activiteiten op verantwoorde wijze af te bouwen”. Het uitblijven van locaties is op zich geen probleem. Immers, het natuurontwikkelingspo Grensmaas biedt voldoende soelaas. Ramingen gaan uit van een opbrengst van 60 miljoen ton grind.

De grindwinningsbedrijven, die de afgelopen vijftien jaar langs de Maas al een aantal gronden (met een rijke voorraad grind en zand) hebben gekocht, willen de noodzakelijke ontgrondingen uitvoeren. Dat kan volgens hen, door het verstrekken van een ontgrondingsvergunning.

Maar de provincie stelt zich tot nu toe onverbiddelijk principieel op het standpunt dat het Grensmaas-po openbaar moet worden aanbesteed.

Volgens Schrijen is dat niet alleen “als zodanig politiek uitgesproken door Provinciale Staten, maar valt daaraan op grond van wetgeving ook niet te ontkomen”.

Temporisatie Stevol

Het Grensmaas-po moet zichzelf bekostigen uit de opbrengst van met name het vrijkomende grind. Om de markt niet te overvoeren is het echter noodzakelijk dat grind in gepaste hoeveelheid wordt aangeboden. Daartoe zal de grindwinning in het Stevol-gebied (dat de komende acht jaar maximaal 25 miljoen ton grind oplevert) moeten worden getemporiseerd

Grensmaas

Krans geeft aan “daartoe best bereid te zijn mits – en dat kan een kind begrijpen – wij de Grensmaas mogen baggeren. Als dat werk aan anderen wordt gegund, zullen wij absoluut niet temporiseren. We gaan niet zelfstandig onze bedrijfstak om zeep helpen.”

Dat zal volgens hem zeker gevolgen hebben voor de financiering van het Grensmaas-po. Schrijen erkent dat. “Als je te veel grind op de markt gooit heeft dat effect op de prijs. En voor de financiering van het Grensmaas-po moeten we een bepaalde opbrengst uit het grind halen.”

Komt die er niet, dan zal de rekening gepresenteerd worden aan het rijk. Dat zal er namelijk niet aan ontkomen, om zich garant te verklaren voor uitvoering van het po.

Om verdere polarisatie en escalatie van het conflict te voorkomen wil de provincie nu op korte termijn met de Panheel Groep gaan praten. Zie ook pagina 5

Reageer op dit artikel