nieuws

Boedapest bouwt nieuw op oude industrieterreinen

bouwbreed Premium

“In Boedapest bestaat veel belangstelling voor het herstructureren van voormalige industrieterreinen. De vrijkomende ruimte moet dan opgaan aan woningen en kantoren. Bij elkaar een aanzienlijk oppervlak dat we onder de aandacht van buitenlandse investeerders willen brengen. In de meeste gevallen kan de nieuwe ontwikkeling direct op de sloop van de bestaande bebouwing volgen.”

“Alleen in een enkel geval zal sanering van de bodem nodig zijn omdat Boedapest over niet al te veel zware en vervuilende industrie beschikte. Herontwikkeling van vroegere industriegebieden vraagt ook renovatie van de infrastructuur. De gemeente Boedapest wil deze werken deels met eigen middelen en deels met gelden van particuliere investeerders uitvoeren”, zegt voorzitter P. Gyori van de raadscommissie voor sociale zaken en volkshuisvesting van het gemeentelijke bestuur van Boedapest. “Van de staat valt in deze weinig te verwachten gezien de toestand van het regeringsbudget. Het zal de gemeente niet al te veel moeite kosten financiers te interesseren. De stad staat bekend als een goede betaler met geregelde en voldoende inkomsten. Het bestuur ontving inmiddels leningen van internationale banken wat aangeeft dat de gemeente goede vooruitzichten heeft. Niet verwonderlijk omdat de stad zich steeds verder als centrum voor handel en financien ontwikkelt. En ook omdat het landsbestuur er zetelt, kan Boedapest met een redelijk stabiele investeringsstroom rekenen. Dat is een interessante ontwikkeling omdat Hongarije momenteel niet bepaald florissante tijden doormaakt. De regering kampt met een fors begrotingstekort en ondervindt om die reden beduidend meer moeite met het aantrekken van investeerders.”

Infrastructuur

“In Boedapest kwamen op niet al te grote schaal al enkele stadsvernieuwingspoen van de grond”, legt Gyori uit. “De gemeente wil evenwel voorrang geven aan het verbeteren van de infrastructuur. Het plaatselijke bestuur maakt om die reden veel werk van de (gedeeltelijke) privatisering van de nutsbedrijven en andere gemeentelijke organisaties als de dienst wegbeheer en het gemeentelijke vervoerbedrijf. Te denken valt aan een financiele bijdrage in ruil voor een deel van de zeggenschap of aan reorganisatie tot een gezamenlijk bedrijf. Vooralsnog mag over de buitenlandse belangstelling zeker niet worden geklaagd. Andersom tonen bijvoorbeeld Nederlandse investeerders zich over het geheel ook niet ontevreden over de gang van zaken.”

Voordelen

“Het gaat dan bijvoorbeeld om Nationale Nederlanden en de ING Bank die geleidelijk aan hun positie in Hongarije vergroten”, weet Gyori. “Nu hebben deze bedrijven ook het voordeel dat ze uit een in grootte vergelijkbaar land komen. Organisaties uit bijvoorbeeld de Verenigde Staten of Duitsland wekken, ongewild, de indruk op inlijving uit te zijn; de grote die de kleine opslokt. Daar wordt aan Hongaarse zijde duidelijk mee gerekend. Dat mag niet altijd even rationeel zijn, maar biedt Nederlandse ondernemingen wel voordelen. Nationale Nederlanden zette in Hongarije inmiddels een investeringsfonds op voor poen inzake stedelijke vernieuwing. Ze zijn daarmee niet de enige maar wel de eerste die al op resultaat kan terugzien. Temeer omdat het bedrijf anders dan nogal wat andere voorstellen doet op grond van ter plaatse verworven kennis. Als gevolg daarvan komt er ook veel Nederlandse kennis over stadsvernieuwing Hongarije binnen.”

“De stadsontwikkeling in de buitenwijken gaat voorlopig nog aan de ‘nederzettingen’ met paneelflats voorbij”, stelt Gyori. “Nieuwbouw concentreert zich vooral op half vrijstaande een- en meergezinswoningen met een of hooguit twee verdiepingen die deels met voorgefabriceerde materialen tot stand komen. Evenals bij de stadsvernieuwing gaat ook hier de voorkeur uit naar goede en niet al te dure bouwtechnieken en -methoden. Voor absolute bodemprijzen bestaat weinig interesse omdat die slechts een schijnbare besparing opleveren die teniet wordt gedaan door vroeger te plegen onderhoud.”

Kantoren

“In de binnensteden zal de ruimte vooral opgaan aan kantoren terwijl er ook veel behoefte aan parkeergelegenheid bestaat, hetzij ondergronds of in garagegebouwen”, inventariseert Gyori. “De nieuwe parkeerverordening van de gemeente geeft een extra stimulans aan de bouw van dergelijke ruimte. Stadsvernieuwing in het centrum zal veelal neerkomen op het aanpakken van de bestaande bebouwing. Restauratie overeenkomstig de periode waarin deze bebouwing tot stand kwam zal niet altijd mogelijk zijn en is ook niet altijd noodzakelijk zolang het karakter van het gebouw maar behouden blijft. Op die manier kan Boedapest het architectonische aanzien bewaren. Bijvoorbeeld Nationale Nederlanden kocht een complex op een goede locatie, stelde de zittende bewoners schadeloos en realiseerde in de vrijgekomen ruimte kantoren waarbij de gevel behouden bleef.”

Privatisering

“Meer dan de helft van het woningbestand in Boedapest valt onder particulier bezit”, zegt Gyori. “Mede door de actieve privatiseringsmaatregelen zal dat aantal in de komende tijd nog toenemen. Dat neemt niet weg dat de stad ook nog veel sociale huurwoningen in gemeentelijk bezit heeft. Renovatie in deze sector betekent dat bewoners tijdens de werken in een andere woning verblijven en na de oplevering ervan weer terug ke keren, zij het tegen een hogere huur. In het geval van particuliere renovatie ke zittende bewoners zich laten uitkopen door de investeerder en bijvoorbeeld verhuizen naar een gemeentelijke huurwoning. Vorig jaar stond de stadsvernieuwing nog op een uitermate laag peil maar kent dit jaar een aantoonbare verbetering. De stilstand hangt samen met de privatisering, met het veranderen van eigendom. Nu het bezit in andere handen is overgegaan staat niets opknappen meer in de weg. Met dat in gedachten zal de stadsvernieuwing in Boedapest in de komende jaren een gestage toename laten zien. In het verlengde daarvan valt een groeiende interesse van investeerders te constateren die op hun beurt weer zorgen voor een verdere stijging van bouwactiviteiten.”

Reageer op dit artikel