nieuws

Rijksmuseum vernieuwt VOC- afdeling

bouwbreed Premium

Het Rijksmuseum in Amsterdam heeft zijn historische presentatie over de Verenigde Oostindische Compagnie (VOC) vernieuwd. De VOC-Galerij, gevestigd op de afdeling Nederlandse geschiedenis, is nu veel uitgebreider dan voorheen.

Op de presentatie is vooral veel te lezen over de VOC, de in de 17e eeuw opgerichte handels- en transportonderneming. Politieke verhalen over uitbuiting of kolonialisme ontbreken, omdat het museum ervoor koos de VOC te belichten als bedrijf, handelaar, scheepsbouwer en bestuurlijke macht.

De tentoonstelling begint met een reeks portretten van de gouverneurs- generaal in Nederlands-Indie, de hoogste vertegenwoordigers van de Compagnie in Azie. Tijdens de VOC-tijd (1602-1800) hingen de elf schilderijen in de raadszaal in Batavia, waar de bestuurlijke macht van de Compagnie was gevestigd.

De doeken zijn niet echt subliem geschilderd. De kunstenaars waren in dienst van de VOC; toppers waren het niet. Het museum laat het werk dan ook niet zien om hun artistieke waarde, maar vanuit historisch perspectief.

Na de portretten volgen zeventien vitrines met voorwerpen uit gezonken VOC-schepen. Elke vitrine besteedt aandacht aan een ander aspect; de vervoerde goederen (tabak, porselein, verfstoffen), de opvarenden, de bewapening, de medische zorg. Tot de verbeelding spreekt de kist met zilveren staven afkomstig uit een schip dat in 1724 verging bij Porto Santo. Ernaast staat een geldkistje uit Het Vliegent Hart, een schip dat in 1735 in de Westerschelde zonk.

Een beetje luguber is de vitrine met de persoonlijke bezittingen van opvarenden. Daar zijn een stuk kaak met een zwart geworden kies en een tand te zien. Ook het behoorlijk aangetaste tafelzilver van het echtpaar Van Imhoff-Bentinck ligt uitgestald. De echtelieden waren met de Hollandia op huwelijksreis naar Azie waar de broer van Hendrik Frans van Imhoff gouveneur-generaal was. G.W. van Imhoff is ook opgenomen in het portretten-overzicht. Daar kwamen ze echter nooit aan. Alle 274 opvarenden van de Hollandia stierven bij de ramp in 1743 bij de Scilly Eilanden nabij Groot-Brittannie.

Voor het eerst gebruikt het museum bij een permanente opstelling ook interactieve videoprogramma’s. Bezoekers ke met de Engels- en Nederlandstalige versie een kijkje nemen op de 18e eeuwse werf Oostenburg, de grootste werf van de VOC in Amsterdam. Een ander interactief videoprogramma gaat over vestigingen in Azie en Afrika.

Reageer op dit artikel