nieuws

Maastricht zet financiering sociale huursector op rijtje

bouwbreed Premium

Maastricht heeft met de woningcorporaties afspraken gemaakt over de financiering van de sociale huursector. Kern van de overeenkomst is dat woningcorporaties tegen aantrekkelijke voorwaarde geld bij de gemeente ke lenen, terwijl de gemeente op zijn beurt de risico’s als geldverstrekker voor zichzelf zo klein mogelijk maakt. De overeenkomst wordt vandaag door betrokken partijen ondertekend.

De nieuwe overeenkomst moet de basis vormen voor een langdurige samenwerking tussen gemeente en corporaties waarbij het belang van de lokale sociale woningbouw voorop staat.

Het huidige bedrag van f. 1,35 miljard waarvoor de corporaties bij de gemeente in het krijt staan wordt nu door Maastricht bij het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) ondergebracht. “Het directe risico van verstrekte gemeentegaranties en gemeenteleningen wordt daardoor omgezet in een indirect risico”, aldus Maastricht in een toelichting op de overeenkomst.

In principe worden alle nieuwe leningen van de corporatie door de gemeente verstrekt. “Ieder jaar wordt vervolgens in overleg vastgesteld voor welke bedragen de corporaties gemeenteleningen aan willen trekken.” Overigens hebben de corporaties alle vrijheid om via het Waarborgfonds Sociale Woningbouw op de reguliere kapitaalmarkt leningen af te sluiten.

Zelfstandiger

De reden van de nu gesloten overeenkomst is volgens Maastricht omdat de corporaties steeds zelfstandiger te werk zullen gaan. In het kader van het Besluit Beheer Socialer Huursector (BBSH) ke corporaties zich ook als ontwikkelaar profileren. Mits de risico’s op een verantwoordde wijze zijn afgedekt. Dit kan onder andere door de oprichting van dochteronderneming. Het zijn juist deze ontwikkelingen waardoor de gemeente als geldverstrekker meer zekerheid wil hebben.

Om de voordelen van de samenwerking goed te benutten worden de activiteiten van de corporaties in drie categorieen ingedeeld. Daarbij gaat het om activiteiten door de corporaties, activiteiten door dochterondernemingen van de corporaties en overige activiteiten. “Bij elk van deze drie categorieen gelden andere voorwaarden omdat het risico verschillend is.”

De overeenkomst die vanmiddag officieel door betrokken partijen wordt ondertekend geldt voor de lange termijn en wordt minstens een keer in de drie jaar geevalueerd.

Reageer op dit artikel