nieuws

Unie van Waterschappen werkt aan landelijke richtlijn Verduurzaamd hout in Friesland aan banden

bouwbreed Premium

Het gebruik van verduurzaamd hout onder water is in Friesland voortaan alleen nog toegestaan als het waterschap daarvoor een vergunning heeft verleend. Het dagelijks bestuur van het waterschap Friesland heeft daartoe besloten na een uitgebreide discussie. Men noemt het een interimbeleid zolang er geen landelijke richtlijn is. Die verwacht de Unie van Waterschappen overigens wel binnen enkele maanden te ke vaststellen.

Het Waterschap Friesland wilde al langer het gebruik van verduurzaamd hout terugdringen, omdat de verduurzamingsmiddelen na uitloging of verwering het water en de waterbodem ke verontreinigen. Het bestuur heeft echter eerst de ontwikkelingen elders in het land afgewacht.

Het besluit dat nu is genomen, is dan ook een rechtstreeks gevolg van de uitspraak, die de Raad van State vorige zomer deed in een zaak die speelde in het Hoogheemraadschap van Rijnland. Nederlands hoogste rechtscollege besliste toen dat het hoogheemraadschap geen algemeen verbod op het gebruik van verduurzaamd hout in oppervlaktewateren mocht uitvaardigen.

De Raad van State voegde daar echter aan toe dat het gebruik van geimpregneerd hout wel valt onder de Wet Verontreiniging Oppervlaktewateren en dus is gebonden aan een vergunning van het waterschap, waarbij vergunningaanvragen van geval tot geval moeten worden bekeken.

Geen alternatief

Voor het Waterschap Friesland betekent dat concreet dat voor ieder gebruik van geimpregneerd hout voor bijvoorbeeld steigers of oeverbeschoeiingen een vergunning moet worden aangevraagd. Over de aanvragen wordt binnen zes maanden beschikt. Met ingang van 1 juli 1995 zal het waterschap bovendien controleren of gebruikers van verduurzaamd hout in water wel een vergunning hebben en zich aan de vergunningvoorwaarden houden.

Voor het gebruik van verduurzaamd hout dat pak’s (polycyclische aromatische koolwaterstoffen) of arseen bevat zal waarschijnlijk geen vergunning worden verleend. Aanvragen voor het gebruik van hout, dat is verduurzaamd met koper of chroom, zullen daarentegen soepel worden behandeld, in afwachting van landelijke richtlijnen. De functie van het oppervlaktewater waar het hout wordt geplaatst zal daarbij doorslaggevend zijn.

De vergunning zal bovendien alleen maar worden verleend als er geen redelijk alternatief voor handen is. En die zijn er volgens het waterschap meestal wel.

Als alternatief voor beschoeiingen in brede sloten worden bijvoorbeeld natuurlijke oevers van riet en waterplanten genoemd. En onder water is onbehandeld hout bijna even goed als verduurzaamd hout en ook nog goedkoper. De andere alternatieven voor beschoeiingen en steigerdelen die het waterschap noemt zijn gekweekt inlands hardhout, glasvezelplaat, kringloopkunststof en ander gerecycled materiaal.

Richtlijnen

De Unie van Waterschappen is momenteel bezig met het opstellen van landelijke richtlijnen, die als aanbeveling naar alle 88 waterschappen zullen gaan. Dr. P. de Vries, beleidsmedewerker bij de Unie, verwacht dat deze over een maand of twee door het algemeen bestuur zullen worden vastgesteld.

In deze richtlijnen zal het eerdere standpunt van de Unie worden geconcretiseerd, namelijk dat het gebruik van verduurzaamd hout zoveel mogelijk moet worden teruggedrongen. De Unie wil primair een aanpak bij de bron dat wil zeggen het gebruik van alternatieven. Pas als dat echt niet mogelijk is, kan een vergunning worden aangevraagd voor het gebruik van verduurzaamd hout.

Voor iedere aanvraag zal dan volgens De Vries met behulp van uitloogproeven moeten worden vastgesteld of geimpregneerd hout ter plekke kan worden geaccepteerd en zo ja onder welke voorwaarden.

Niet bekend

Reageer op dit artikel