nieuws

‘Provinciale’ aannemers blijken concurrentie aan te ke Noord-Brabant te spreken over openbaar besteden

bouwbreed Premium

Gedeputeerde staten van Noord-Brabant zijn zeer te spreken over het aanbestedingsbeleid, waarbij sinds 1992 de openbare bestedingen, vanaf een bedrag van f. 500.000, de voorkeur genieten. “Puur kijkend naar het verschil tussen raming en aanneemsom wordt het argument ‘dat bij openbaar aanbesteden de laagste prijs wordt verkregen’ onderschreven”, aldus het dagelijks bestuur van deze provincie.

Tot eind 1991 werd vooral onderhands aanbesteed met als argument om zo de Brabantse ondernemingen uit een oogpunt van werkgelegenheid te ke beschermen tegen aanbieders ‘van buiten de provincie’.

Maar evaluatie van het tot nog toe gevoerde aanbestedingenbeleid van werken, leveringen en diensten, heeft aangetoond dat Brabantse ondernemingen goed vertegenwoordigd blijken te zijn geweest. Vermoed wordt, aldus de evaluatie, dat dit verband houdt met het feit dat in de grond-, weg- en waterbouw de markt regionaal georienteerd is.

Het jaarlijks totaal aanbestede bedrag van diensten en werken over de jaren 1992 t/m 1994 geeft een toenemend aantal openbare aanbestedingen te zien van 15 % in 1992 tot 79 % in 1994.

Bij andere vormen van bestedingen – in de evaluatienota onderhandelingsprocedure genoemd – valt een toename te zien van bestedingen via meervoudige uitnodiging van 37 % in 1992 tot 61 % in 1994 ten koste van enkelvoudige uitnodigingen.

Hogere ramingen

Om na te ke gaan of openbare besteding inderdaad de laagste prijs oplevert, hebben de aanbestedingen van werken in de sector verkeer en vervoer model gestaan. In deze sector heeft men de meeste ervaring met zowel openbare als onderhandse bestedingen.

In 1992 werd in deze sector acht maal een werk openbaar aanbesteed, waarvan de totale raming f. 4.588.340 bedroeg en de uiteindelijke totale aanneemsommen f. 3.013.354. Dat is een verschil van 34 %.

Het jaar daarop kon een verschil van 24 % ten gunste van openbaar besteden worden verkregen. Er werden 13 werken openbaar aanbesteed (raming f. 21.093.201), die gezien de inschrijvingen voor f. 16.081.753 werden uitgevoerd.

In 1994 is het verschil tussen de totale ramingen en aanneemsommen teruggelopen tot 14 %. Er werden 15 werken openbaar besteed, die werden geraamd op f. 23.305.607, terwijl de aanneemsommen in totaal f. 20.077.675 bedroegen. Het gunstige verschil tussen raming en aanneemsom neemt volgens deze evaluatie sterk af ten gevolge van marktontwikkelingen. Welke die zijn wordt niet vermeld. Wel wordt er nog op gewezen dat afhankelijk van de marktsituatie waarin de opdracht tot stand komt, openbaar aanbestede werken kwaliteitsverschillen ke vertonen met niet openbaar aanbestede werken.

Meer toezicht

Er wordt dan ook aandacht gevraagd voor toezicht op de uitvoering van werken. Dat is al evenzeer nodig omdat bij openbare besteding de bewijslast bij de aanbesteder ligt als een inschrijver niet aan de selectiecriteria voldoet. Dat kan er toe leiden dat het werk wordt opgedragen aan een aannemer, ‘wiens werkopvatting en maatschappelijke attitude niet correspondeert met die van de overheid als opdrachtgever’. Omdat dit de verhouding tijdens de uitvoering van het werk niet ten goede komt, is intensivering van het toezicht nodig. Niettemin komt men tot de conclusie dat met de huidige richtlijnen moet doorgaan.

Reageer op dit artikel