nieuws

Een dienstbode was inbrekers te glad af

bouwbreed Premium

De vader van de Zweedse industrie was de Nederlander Louis de Geer (1587-1652), zo leren alle jongens en meisjes op de Zweedse lagere scholen. Deze eretitel werd aan onze landgenoot gegeven, omdat hij met behulp van vele Nederlandse emigranten in de zeventiende eeuw de mijnbouw en metaalindustrie van midden Zweden krachtig op poten zette.

Louis de Geer kocht in Amsterdam het bekende ‘Huis met de hoofden’, Keizersgracht 123. Dit in zuiver Hollandse renaissance-stijl gebouwde huis werd ontworpen door Hendrik de Keijzer en het werd tot 1746 bewoond door leden van de familie De Geer. In de hal bevindt zich nog het borstbeeld van koning Gustaaf II Adolf die aan Louis de Geer het Zweedse burgerrecht schonk. De vermaarde Amsterdammer stierf op 19 juni 1652 en werd in de Westerkerk begraven.

Aan zijn ‘Huis met de Hoofden’ is een aardig verhaal verbonden. In de gevel ziet men zes gehelmde Romeinse hoofden, met druiventrossen en korenaren versierd. Er moeten echter eens zeven hoofden geweest zijn, namelijk nog een boven op de gevel, dat een vrouwenhoofd voorstelde.

Wat was namelijk het geval? Eens woonde er een rijke koopman die een dove dienstbode had. Toen de koopman en zijn ega eens ergens op bezoek waren, liep de dienstmaagd, die niet op haar gehoor vertrouwde en bang voor inbrekers was, voortdurend door het huis. Plotseling zag zij in de tuinkamer dat zich door een paneel een zaag voortbewoog. De dienstbode greep de bijl, ging naast het bewuste paneel zitten en wachtte tot dat was weggewerkt. Toen stak een inbreker zijn hoofd door het gat. Onvervaard, zij het met trillende knieen, sloeg de maagd het hoofd eraf en trok de man die geen geluid meer gaf, naar binnen.

De tweede inbreker volgde zijn makker maar was eveneens snel levenloos. En zo onthoofdde de dienstbode achtereenvolgens zes inbrekers. Van die lijken en afgehouwde hoofden werd de dienstbode tenslotte zo naar dat zij flauw viel. Zo vond de koopman haar toen hij thuis kwam. De meid was gelukkig gauw bijgebracht en ter eeuwige herinnering aan haar moed liet de koopman toen zeven hoofden in de gevel aanbrengen, waarvan het te, dat van de dienstbode, verdwenen moet zijn. Hoewel deze gebeurtenis niet door de historie wordt bevestigd is het een mooi verhaal.

Reageer op dit artikel