nieuws

Woningbouw flinke trekker noordelijke bouwactiviteit

bouwbreed Premium

Het gaat de bouwnijverheid in het noorden van het land niet slecht. Althans als het om woningbouw gaat. Volgens de kersverse, want per 1 januari aangetreden, voorzitter E. Hornstra van het NVOB-gewest Friesland, wordt er onder zijn collega’s in het noorden, en vooral in zijn provincie, dan ook niet aan doemdenken gedaan. Hoewel de eenzijdigheid van de bouwactiviteiten hem wel enige zorgen baart.

Maar zijn tevredenheid overheerst. Zeker als zijn secretaris Jan Bits zijn visie met wat statistieken onderbouwt. “Waar het totale bedrag aan verleende bouwvergunningen landelijk met 9% steeg, bedroeg dat percentage voor het noorden 13”, aldus Bits, om er onmiddellijk aan toe te voegen dat Friesland op dit punt de kroon spant met een toename met 22%.

Ook wat de bouwproduktie betreft tonen de heren zich niet ongelukkig, al laat Hornstra niet na te wijzen op wat hij het na-ijleffect noemt. Als de economie wat aantrekt, merkt men dat in zijn provincie niet zo snel, maar ook het tegenovergestelde gaat op, zo begrijpen wij.

Is er landelijk ten opzichte van 1993 een stijging van de bouwproduktie te constateren van 2 tot 3%, in Frie#sland blijkt die stijging 18% te zijn.

Mogelijkheden

Hornstra geeft toe dat vooral de woningbouw een stevig trekker is (“We realiseerden 150% van wat in de VINEX als taakstelling voor deze provincie staat vermeld”), maar ook de recreatie-nieuwbouw mag er wezen. Dat laatste is overigens heel specifiek voor Friesland.

Alleen de utiliteitsbouw baart wat zorgen. Hoewel de omvang ervan zodanig is dat een of twee grote werken de percentages danig ke beinvloeden.

De nabije toekomst ziet Hornstra met vertrouwen tegemoet. “Friesland zit goed in de ruimte en de grond is betaalbaar. Samen met de provinciale overheid wordt gekeken waar en wat de mogelijkheden nog zijn binnen het streekplan “.

Er zijn nog andere ijkpunten, waaruit kan worden opgemaakt dat het de bouw in Friesland niet slecht vergaat. Zo heeft het gewestelijk secretariaat het collegiaal in- en uitlenen van personeel opgezet, waardoor goede vakmensen, die tijdelijk teveel zijn, niet voor een bouwbedrijf verloren gaan, maar even bij een collega ke werken. Secretaris Bits heeft bij deze activiteit slechts ke constateren dat er vraag, maar praktisch geen aanbod heeft bestaan.

Instroom

En voorzitter Hornstra wijst bovendien op het ene Friese samenwerkingsverband – met vestigingen in Leeuwarden en Heerenveen – dat weer zo’n honderd vakmensen kon laten instromen. Waarmee overigens de uitstroom, die om velerlei redenen kan plaatsvinden, niet helemaal kon worden gecompenseerd.

Wat dit betreft maakt Hornstra zich wel wat zorgen over de samenstelling van de beroepsgroep. Het aandeel ouderen onder het cao-personeel is wat toegenomen en ook jongeren tussen 15 en 22 zijn oververtegenwoordigd. Maar hij mist een grote groep van vakmensen tussen de 31 en 45 jaar. Hornstra wil er even tussendoor wel graag kwijt dat de leerlingen van het samenwerkingsverband hun vakkennis op zinnige wijze in praktijk brengen. Zo maken ze momenteel voor een aantal instellingen voor geestelijk gehandicapten allerlei zaken van hout tot en met hele tuinhuisjes toe.

Marktverkenning

Samen met instellingen als de provincie, de Inspectie Volkshuisvesting en de Vereniging Stadswerk (waarin hoofden van gemeentelijke diensten zijn verenigd), en andere marktpartijen als makelaars en architecten houdt men de ontwikkelingen in de bouwmarkt goed in de gaten.

Over de provincie zijn ze trouwens in het Friese toch goed te spreken. Zo heeft de provincie het idee geopperd bedrijven, die hun zaakjes op het terrein van het milieu goed voor elkaar hebben , een korting op de provinciale leges te geven, een soort beloning voor hun inspanning.

Vanuit het NVOB-secretariaat worden bedrijven er op gewezen dat zaken als certificering en erkenning ook voor kleinere ondernemingen de moeite loont. “Er zijn al corporaties en gemeenten, die zeggen het liefst zaken te willen doen met bedrijven die een kwaliteitssysteem hanteren.”

Erkenning

Anderhalf jaar geleden is men in de drie noordelijke provincies begonnen toe te werken naar certificering. Eind 1994 ontvingen de eerste bedrijven een ISO-certificaat. Het gewest Friesland telde eind vorig jaar ook dertig bedrijven, die interesse toonden in het NVOB-traject Erkenningssystematiek. Vijftien bedrijven beginnen in februari aan dit traject. “Dat lijkt niet zoveel te zijn, maar is toch wel 10% van het ledenbestand”, aldus Hornstra.

Hij zegt de huidige ontwikkelingen ook voor de kleinere onderneming zeer interessant te vinden. Neem alleen maar zoiets als de decollectivering. Bedrijven worden steeds meer zelf verantwoordelijk en dat komt zowel het personeel als de onderneming ten goede.

Reageer op dit artikel