nieuws

Taiwan zegt eindelijk op goede spoor te zitten

bouwbreed

De directie van het vervoerbedrijf Mass Rapid Transit van de Taiwanese hoofdstad Taipei hoopt eind deze maand de zogeheten Mucha-lijn in gebruik te nemen. De werken voor deze verbinding lijden tot op heden onder jarenlange vertragingen.

Mede om die reden gaan velen ervan uit dat augustus slechts een van de vele genoemde opleveringsdata is. De lijn maakt deel uit van een nationaal infrastructuurplan dat in 1990 werd voorgesteld.

Aanvankelijk toonde de internationale aannemerij grote belangstelling voor het plan. De enorme bezuinigingen op de investeringen, vertragingen, corruptie en de rol van de georganiseerde misdaad doen velen evenwel twijfelen aan de juistheid van de beslissing om mee te werken. Temeer omdat slechts een deel van de voorgestelde poen daadwerkelijk nieuw was. Pakweg tweederde van de ruim 700 beschreven werken bevond zich reeds in uitvoering. In 1993 maakte de officiele catalogus melding van ongeveer 300 poen. Daarvan viel intussen een niet onaanzienlijk deel af terwijl een ander deel fors achter raakte op het schema.

Hogesnelheidslijn

In voorbereiding bevinden zich de aanleg van een hogesnelheidslijn die de 345 kilometer tussen Taipei en Kaohsiun overbrugt, een openbaar vervoernet in de laatst genoemd gemeente, 22 energievoorzieningen, een vierde kerncentrale, enkele milieuwerken en poen voor de telecommunicatie. Eind juli liet de Taiwanese regering weten de regels voor buitenlandse aannemers te versoepelen. Het land doet daarmee een concessie die als wegbereiding geldt naar de GATT waarvan Taiwan eind dit jaar het lidmaatschap wil opnemen. Voor november 1993 stond inschrijving alleen open voor niet-Japanse bedrijven. Taipei wilde met die maatregel het handelstekort met Tokio verkleinen. Japanse aannemers wisten de uitsluiting echter weer in hun voordeel om te buigen.

Informatie

Buitenlandse gegadigden zeggen in Taiwan slechts met moeite informatie over werken te ke krijgen. Vijf ministeries beheren elk hun eigen projecten en stemmen de uitvoering ervan nauwelijks op andere af. Aannemers in staatsbezit realiseren vrijwel alle infrastructurele projecten. Politici hebben vaak aandelen in bouwbedrijven en voorzien die van geheime informatie over bijvoorbeeld prijsplafonds. Daarbij ke politici invloed uitoefenen op aanbestedingen. De buitenlandse aannemerij noemt aan verdere ongemakken ouderwetse regels, ingewikkelde voorwaarden, moeilijkheden omtrent de inzet van buitenlandse werknemers, de toelating van materialen en technieken en problemen rond clausules in de contracten.

De overheid hanteert uitermate lage prijsplafonds om te voorkomen dat buitenlandse aannemers zelf inschrijven. In plaats daarvan voeren ze werken in onderaanneming uit in opdracht van een plaatselijke aannemer. De laatste beschikt daarmee over een uitgelezen zondebok die alle schuld krijgt wanneer iets scheef loopt.

Onder de plaatselijke inschrijvers bevinden zich niet zelden georganiseerde misdadigers. Die worden aangetrokken door de forse aanbetalingen die de overheid voor poen doet. In sommige gevallen kan dat bedrag oplopen tot 25 procent van de contractwaarde. Bedrijven die contacten onderhouden met de misdaad en die een werk toegewezen krijgen investeren de vooruitbetaling in het buitenland en besteden het project aan een onderaannemer uit.

Nieuw verschijnsel

Overheidspoen waren in Taiwan een relatief nieuw verschijnsel. In het verleden toonde de regerende Nationalistische Partij nauwelijks belangstelling voor investeringen in de infrastructuur. Gelden kwamen doorgaans terecht in een fonds dat de verovering van het Chinese vasteland moest bekostigen. In 1987 hief de regering de noodtoestand op. Het ontwikkelingsplan voor de infrastructuur diende als tegemoetkoming aan de bevolking. De regering gebruikte het plan tegelijkertijd als onderhandelingswapen om concessies af te dwingen van westerse regeringen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels