nieuws

Bauhaus in Dessau als jong monument geboekstaafd

bouwbreed

In de reeks ‘Architecture in detail’ verscheen een deel gewijd aan het hoofdgebouw van het Bauhaus in Dessau. Het vooraanstaande ontwerp van Walter Gropius en medewerkers zette de toon voor de afdeling architectuur aan het vooraanstaande Duitse onderwijsinstituut uit de jaren twintig. De bekende architectuurhistoricus Dennis Sharp schreef de toelichtende tekst.

Het Bauhaus heeft een sleutelpositie ingenomen bij de ontwikkeling van het Nieuwe Bouwen in Europa, maar ook daarbuiten. Bij de noodgedwongen verhuizing in 1925 van Weimar naar Dessau ontwierp Bauhausdirecteur Walter Gropius, met een staf die uitgroeide tot 25 man, het gebouw met aparte vleugels voor onderwijs, administratie en studentenwoonruimte.

Het werd een sleutelwerk in de recente geschiedenis van de bouwkunst. Maar met de ligging in het voormalig Oost-Duitsland duurde het langer voordat het gebouw de status van een jong monument kreeg. Toch nam het binnen de DDR een belangrijke plaats in en vond in de jaren zeventig een restauratie plaats. Inmiddels is die nog eens dunnetjes overgedaan en staat het gebouw uit 1926 er goed bij.

Tot de verworvenheden in het ontwerp behoorde een tien meter hoge gordijngevel van stalen raamprofielen, verwant aan de net wat later gebouwde gevel van de Rotterdamse Van Nelle-fabriek van Brinkman en Van der Vlugt. Het skelet bestaat uit beton dat plaatselijk ook voor de gevels is gebruikt.

Het gebouw heeft curieuze details, zoals de reeksen ramen die op grotere hoogte met speciaal hang en sluitwerk werden geopend. Een onderdeel waar vooral bij de laatste restauratie aandacht aan werd besteed, is de kleur. Met name in het Duitse Nieuwe Bouwen heeft kleur altijd een belangrijker rol gespeeld dan in ons land; vooral de woningbouw in Berlijn en in wat mindere mate in Frankfurt, werden gekeimd met ademende verflagen op pleisterwerk en beton. Bij het Bauhaus waren het gedekte kleuren die in de gevels werden verwerkt, terwijl voor interieuronderdelen fellere kleuren werden toegepast.

Het voordeel van zo’n grondige documentatie is dat de kleurenfoto’s een goed beeld geven van hetgeen Gropius en medewerkers indertijd voor ogen heeft gestaan. Dennis Sharp beschrijft inleidend de ontwikkelingen in de architectuur van het Bauhaus, met de docentenwoningen dicht bij het hoofdgebouw, maar ook een proefwoning. Daarnaast zijn voorstudies opgenomen en wordt ook ander werk van Gropius uit de tijd in Dessau in beschouwing genomen.

Zo ontstond een voorbeeldige monografie over dit belangrijke complex. Het werd voor deze uitgave opnieuw gefotografeerd, waarbij zowel kleuren- als zwart/witfoto’s onbekrompen zijn opgenomen. Interessant zijn naast de tekeningen van plattegronden en gevels de details van bijvoorbeeld de gordijngevel. Natuurlijk voldoen deze niet aan de hedendaagse normen, zowel constructief als bouwfysisch. Maar voor de vakman illustreert het ook de bouwmethodiek gezien in de tijd van nog geen zeventig jaar. Met het royale formaat en de goed verzorgde opmaak ontstond een voortreffelijk document over dit sleutelgebouw in het Duitse Nieuwe Bouwen, waarvan de invloed nauwelijks te overschatten valt, ook buiten Europa.

Dennis Sharp: ‘Bauhaus, Dessau’. Uitgave: Phaidon Press, Londen 1993. Importeur: Nilsson en Lamm.

Formaat: 29,5 x 29,5 cm, 60 blz. ISBN: 0 7148 2779 7. Prijs: – 65,65.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels