nieuws

Spectaculaire plannen voor Bredase binnenstad

bouwbreed

De gemeente Breda heeft vijf poontwikkelaars gevraagd bebouwingsvoorstellen te doen voor het Chasseterrein aan de rand van de binnenstad. Op een tentoonstelling zijn ontwerpen te zien met werk van internationaal bekende architecten zoals Rem Koolhaas, Josef Paul Kleihues, Peter Struycken, Hans Kollhoff, Cees Dam en Ashok Bhalotra. Begin 1995 verwacht men aanwijzing van het uit te voeren plan voor een terrein van 18 hectare met onder meer zes- tot zevenhonderd woningen.

Het Chasseterrein grenst direct aan de Bredase binnenstad, en maakte vroeger deel uit van de vestingwerken rond de stad. Bij het slopen van de vestingwerken kwam dit terrein tussen de historische binnenstad en een singelzone te liggen. Dit deel van het vrijkomende terrein kreeg een militaire functie met in 1898 de bouw van de langgerekte Chassekazerne in neo-renaissance. Het grote nonnenklooster uit 1308, gesitueerd tegen de binnenstad, was korte tijd in gebruik als school en woning, maar kreeg reeds in 1814 de bestemming van kazerne. Zo ontstond een aaneengesloten voor burgers ontoegankelijk terrein.

Vernieuwingen

De afgelopen jaren werd het duidelijk dat de militairen de locatie zouden verlaten en werd aan de rand alvast terzijde van de Kloosterkazerne een stadskantoor gebouwd, gevolgd door de Chasseschouwburg die nu in aanbouw is naar ontwerp van architectenbureau Hertzberger.

Op het immense terrein worden beide monumentale kazernegebouwen behouden. Ook is het behoud van monumentale boomgroepen gewaarborgd.

Het programma van eisen dat vijf geselecteerde ontwikkelaars meekregen, omvatte onder meer zes- tot zevenhonderd woningen, een museum in de Chassekazerne, uitbreiding van hotel De Keyser, en een parkeergarage. Gevraagd werd een stedebouwkundig plan met architectonische uitwerkingen. Ook een kunstenaar moest bij het po worden betrokken voor een geintegreerd kunstwerk in de museumzone.

De woningbouw bestaat vooral uit duurdere woningen, die de doorstroming moeten bevorderen, en een deel duurdere sociale woningbouw. Daarbij is zowel gedacht aan bewonersgroepen f. zoals juppen f. en welgestelde ‘jongere ouderen’; zeg maar vijftigplussers.

Uitdrukkelijk werd om een hoogwaardige invulling van het terrein gevraagd, met een relatief hoge bebouwingsdichtheid. Tussen de vijf onderling zeer uiteenlopende plannen zijn die van Matser en Hopman het minst spectaculair. De ontwerpers ontwikkelden stedebouwkundige plannen die gangbaar blijken, maar niet het ambitieniveau van de gemeente lijken te halen. De woningtypen zijn overigens vaak toegespitst op de specifieke situaties en doelgroepen.

De Proper-Peter Stok Groep komt met een typisch Bhalotra plan met veel sprookjesachtige woorden en een herhaling van stedebouwkundige uitgangspunten uit onder meer Amersfoort-Kattenbroek. Het ontwerp is vooral stedebouwkundig eigenzinnig maar voegt geen duidelijk nieuwe stedebouwkundig ontwikkelingen toe. Een ronde woontoren met steeds een woning per bouwlaag is licht spectaculair bij een hoogte van 21 verdiepingen met horeca in de top, terwijl voor de Chassekazerne als museum een interessante achtergevel is ontwikkeld.

Maar vernieuwend zijn de drie plannen slechts op enkele onderdelen. Opvallender zijn de twee ontwerpen van Geerlings/Wilma met Koolhaas en dat van Heijmans met onder meer Kleihues. Deze twee ontwerpen zijn hier dan ook nader uitgelicht.

Rem Koolhaas

Het ontwerp dat voor Geerlings en Wilma door Rem Koolhaas is ontwikkeld, samen met voornamelijk buitenlandse architecten, heeft zoals vaak een typisch ‘Koolhaasverhaal’ dat inspirerender lijkt dan de overige toelichtingen.

Het team verscheen bij openbaarmaking met een A3-boek van 145 vel eenzijdig bedrukte vellen waarin goede tekeningen een uitstekend beeld geven van de ontwerpen, overigens zonder veel ballast van toelichterslatijn.

Voorop stond een integratie tussen binnenstad en singelgracht als begrenzing. Het ontwerp is als campus opgezet, dat wil zeggen als een gazon met daarop losjes gearrangeerde gebouwen, verschillend van stijl als afzonderlijke bouwvolumen. Men spreekt over ‘integratie met de omgeving zonder verlies aan identiteit’. Welnu die identiteit is duidelijker dan de integratie, maar dat stoort nauwelijks.

Een gouden greep binnen de formule van het plan is de eenvoudige uitwisselbaarheid van onderdelen. Grijpt een onderdeel architectonisch, stedebouwkundig of programmatisch te ver, welnu dan is dat te vervangen door een incidenteel nieuw onderdeel. Het is fascinerend dat binnen een vernieuwend stedebouwkundig plan zo’n markante flexibiliteit wordt aangegeven; het kan bij minder inspirerend opdrachtgeversschap evenzeer tot verarming van de architectonische kwaliteit leiden.

Zou Breda dit plan kiezen, dan moet de tot nu toe gepresenteerde ambitie tijdens de hele uitvoeringsfase worden gehandhaafd. Daar roept dit scenario harder om dan welk ander plan. En of overschrijdingen van geamendeerde sloop dan wenselijk blijken voor een spectaculair zwembad is de vraag. Daar staat tegenover dat elders bestaande gebouwen een nieuwe functie krijgen in plaats van te slopen. Maar de ontwerpen van talrijke deelplannen van zowel Koolhaas als Kollhoff (recentelijk winnaar van de Amsterdamse Merkelbachprijs) doen hopen op realisatie, terwijl beide andere architecten ook intrigerende ontwerpen leverden. Opvallend is daarbij ook het landschappelijke aandeel van A. Geuze van ‘West 8 landscape architects’.

Geerlings is er opnieuw in geslaagd een respectabel team met binnen- en buitenlanders aan het werk te zetten. De keuze ligt nu in Breda.

Josef Kleihues

Het ontwerp voor Heijmans Poontwikkeling is stedebouwkundig door de Berlijnse architect Kleihues ontworpen (Kleihues is de man van de Berlijnse IBA-nieuwbouw en met Koolhaas ontwerper van de Verbindingskanaalzone in Groningen). Kleihues legde vier carre’s, vierkante bouwblokken, langs de singelzone op het terrein. In het verlengde van ieder carre liggen vier stedelijke villa’s langs de Singelgracht. Het vormt een tamelijk rationale verkaveling waarbij vier architecten ieder een carre met vier stedelijke villa’s voor z’n rekening nemen.

Op het overblijvende schegvormige binnenterrein zijn zes torentjes met woningen neergezet.

Hun strakke bouwvolumes zijn op aantrekkelijke computer simulaties voorzien van kleurvlakken die door Peter Struycken zijn bepaald, waarbij voor ieder blok keuze uit drie van de vijf geselecteerde kleuren per blok zijn gekozen. Struycken gaat hier verder dan in verschillende samenwerkingsvormen met Carel Weeber. Omdat de tekeningen weinig duidelijk zijn wat betreft de balkons, loggia’s en kozijnen, lijkt het opgeroepen kunstbeeld verleidelijker dan de werkelijkheid vermoedelijk kan worden. Maar als aanzet is het een van de hoopvolste toepassingen van beeldende kunst tussen de vijf ontwerpen. De woningtypen voor de carre’s tonen interessante opvattingen, maar zijn onderling erg verschillend qua architectuur en in detail soms ook voorbeelden van persoonlijke vormwil waarbij vraagtekens geplaatst ke worden.Beide hier gesignaleerde ontwerpen tonen een rijkdom aan uiteenlopende stedelijke ruimten die op eigentijdse wijze aansluiten bij de vaak verrassende binnenstedelijke ruimten in de aangrenzende binnenstad.

De verdere procedure bestaat uit de expositie tot 23 september in de hal van het stadskantoor. Een aantal deskundigen toetst de vijf ontwerpen en brengt daarover 5 september verslag uit.

B en W maken 8 november hun keuze voor een van de ontwerpen, die dezelfde maand nog in een gecombineerde commissievergadering wordt besproken.

In februari volgt een definitief voorstel van B en W aan de gemeenteraad, waarna in maart de definitieve keuze wordt bezegeld met het tekenen van een samenwerkingsovereenkomst met de desbetreffende ontwikkelaar.

Als de bouw daarna spoedig verloopt, kan nog deze eeuw een voorbeeldige invulling van de binnenstad van Breda tot stand komen.

kader

Vijf ontwerpteams

De vijf ontwerpteams die de poontwikkelingsmaatschappijen samenstelden zagen er als volgt uit:

Geerlings Vastgoed en Wilma Bouw werkten samen met Rem Koolhaas, Hans Kollhof (Berlijn), Joan Lluis Mateo (Barcelona), Christian de Portzamparc (Parijs), West 8 en Alfred Eikelenboom als kunstenaar.

Heymans Poonontwikkeling koos voor Josef Paul Kleihues (Berlijn), J. van der Meer, de gebroeders Wintermans, Gunnar Daan, CH partners en kunstenaar Peter Struycken.

De Hopman Groep ging in zee met Shyam Khandekar, bureau Klunder, Roy Geldens, Judith Barth, Chiel Verhoeff en Michiel van Gessel met Kees Verschuren als kunstenaar.

Johan Matser selecteerde R. Daniels, Erna van Sambeek, Bert Dirrix, J. Oostveen, S. Beel en B. Macken (Brugge), P. Lubbers en kunstenaar M. Toebosch.

Proper-Peter Stok Groep koos Ashok Bhalotra, Cees Dam, Maarten Min, Han van Ardenne en Wim Korvinus als kunstenaar.

De vijf plannen worden tot en met 23 september in de hal van het stadskantoor, Claudius Prinsenlaan 10, geexposeerd. Het Chasseterrein grenst direct aan dit kantoorgebouw.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels