nieuws

Hoog rendement van leerlingbouwplaatsen

bouwbreed

Leerlingen die op een bouwwerkplaats worden opgeleid, hebben 15 procent meer kans dat ze hun opleiding afronden, dan de overige leerlingen. Dit blijkt uit het rapport ‘Het rendement van de opleiding op leerlingbouwplaatsen’, dat is uitgegeven door het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid (EIB).

“Voor de leerlingen met werkervaring op leerlingbouwplaatsen ligt het slagingspercentage rond de 65 procent. Voor de overige leerlingen geldt dat iets meer dan 50 procent slaagt voor de primaire opleiding”, aldus het EIB.

Leerlingen die zijn opgeleid op een leerlingbouwplaats blijven doorgaans lang werken in de bouwnijverheid. Vier jaar nadat ze in de sector zijn gaan werken, werkt 95 procent van de leerlingen die de opleiding hebben afgerond nog steeds in de bouw. Terwijl 87 procent van de leerlingen die de opleiding niet voltooiden, maar wel onderwijs volgden op een bouwwerkplaats ook nog in de sector werkt.

Verbetering

In het school jaar 1992-93 rondde 22,8 procent van de leerlingen hun opleiding niet af. Dit is een verbetering in vergelijking met jaar er voor toen ruim 35 procent voortijdig afhaakte. In 1991 stopte 34 procent van de leerlingen die op een leerlingbouwplaats werden opgeleid voortijdig met de studie, terwijl 47 procent van de overige leerlingen afhaakte.

Leerlingbouwplaatsen leveren meer leerlingen op die na het afronden van de primaire opleiding een voortgezette opleiding volgen. Ruim 32 procent van de leerlingen die zijn opgeleid op een leerling bouwplaats studeert verder, terwijl ruim 25 procent van de overige leerlingen doorstroomt naar een hogere opleiding.

Angst

Volgens het EIB bieden leerlingbouwplaatsen een aantal voordelen. Zo worden de leerlingen intensief begeleid en hierdoor ke eventuele achterstanden gemakkelijk worden ingehaald. Praktijk en theorie ke goed op elkaar aansluiten.

Leerlingbouwplaatsen bewijzen ook hun nut voor de uitvoerende bedrijven. De onderneming kan zo zijn eigen personeel opleiden en selecteren.

Sommige bedrijven noemen als argument om geen leerlingbouwplaats te realiseren dat ze extra risico lopen voor wat betreft de investering in tijd en geld. Volgens het EIB komt deze angst voort uit het gegeven dat veel bedrijven niet of onvoldoende zijn geinformeerd over het nut van leerlingplaatsen. Ook spelen financiele overwegingen vaak een belangrijke rol.

Opdrachtgevers voor een bouwpo hebben meestal weinig bezwaren tegen leerlingen op de bouwplaats, mits de kwaliteit niet in het geding komt.

Door extra leerlingen in te zetten kan een bouwpo in dezelfde tijd worden uitgevoerd als een ‘normaal’ po. Het aantal plaatsen voor leerlingen is in bijna dertig jaar sterk gestegen, zo blijkt uit het rapport. In 1965 beschikte men over 44 leerplaatsen. In 1992 waren dit er 1106.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels