nieuws

Kras-poraties

bouwbreed

De berichten in de media over speculerende corporaties wijzen erop dat er aanleiding is het toezicht op de corporaties beter vorm te geven. Als immers aan een deel van de corporaties de geur van speculatie en financieel gerommel gaat kleven, zou daarmee het opgebouwde maatschappelijk krediet worden verspeeld. De corporaties zouden dan, ondanks de fraaie constructies van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw en het Centraal Fonds ook op de kapitaalmarkt niet meer als kredietwaardig en solide worden beschouwd.

De Nota-Heerma predikt de verzelfstandiging van woningcorporaties. Sociale verhuurders moeten sociale ondernemers worden, die intelligent weten om te gaan met financiele risico’s. Zojuist is verslag uitgebracht over het Proefpo Verzelfstandiging Woningcorporaties van de Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting, inclusief een OTB-evaluatie (1).

Het po was breed opgezet maar omvatte nauwelijks het beleggingsbeleid van de woningcorporaties. Slechts heel voorzichtig kwamen thema’s aan de orde als bedrijfsfinanciering en marktgericht investeringsbeleid. Op bescheiden schaal experimenteerden enkele corporaties met beleggingsconstructies. Een corporatie paste een ‘beleggingsfonds rente plus’-constructie toe, in samenwerking met de NMB Postbank NV.

De praktijk blijkt hier echter spectaculairder dan het weloverwogen SEV-experiment. Een aantal woningcorporaties is in de greep geraakt van de zogenaamde rente-derivaten, zoals opties en swaps. “Het lijkt een beetje op sex”, aldus R.G. Vuurens, directeur van het Financieel Intermediair Bureau in Den Haag, dat herhaaldelijk wordt genoemd als adviseur terzake. De pers meldt dat een behoorlijk aantal woningcorporaties in Nederland gezamenlijk tientallen miljoenen guldens verliezen door riskante speculatie in opties. Met name worden Kombinatie 77 (K77) in Utrecht, Onze Woning in Nieuwegein, en Wonen Amersfoort genoemd, die elk voor miljoenen guldens het schip in zouden zijn gegaan. Staatssecretaris Heerma heeft op 23 juni 1994 opdracht gegeven om de speculatie met gemeenschapsgeld bij corporaties in vijf gemeenten grondig uit te zoeken. Binnen enkele dagen zal het onderzoek naar verwachting worden afgerond.

Voordat we allen schande spreken over ‘speculerende’ woningcorporaties, moeten we allereerst vaststellen dat woningcorporaties nieuwe stijl niet alleen woningbeheerders en ontwikkelaars zijn, maar ook beleggers tegen wil en dank. Zij beheren immers miljoenenvermogens om latere onderhoudsuitgaven, verbeteringen en nieuwbouwvoorinvesteringen te ke bekostigen. Zij moeten dat geld niet in een oude kous bewaren maar op een alerte manier beleggen, waarbij financiele risico’s zoveel mogelijk worden afgedekt. Het door Heerma aangekondigde onderzoek moet uitwijzen of bepaalde corporaties in de fout zijn gegaan. Eigenlijk zouden ook slapende woningcorporaties moeten worden onderzocht die een verontrustend laag rendement op beleggingen boeken door een te passief, inert financieel beleid.

De officiele spelregels voor de woningcorporaties zijn recentelijk vereenvoudigd. Een van de prestatie-eisen luidt dat de financiele continuiteit van de woningcorporatie moet worden veiliggesteld. Dat is een zeer bescheiden eis. Een corporatie met een algemene reserve van f. 100 miljoen kan rustig 10 miljoen vergokken aan opties en krasloten zonder dat de financiele continuiteit in het gedrang hoeft te komen.

Basis

Het is de vraag of corporaties die zich – maatschappelijk gezien – misdragen, ook formele regels hebben overtreden. De resultaten van het onderzoek ke een goede basis vormen voor de concretisering van de gedragscode waaraan de corporaties thans werken en voor de mijns inziens hoognodige toespitsing en uitwerking van de criteria die in het Besluit Beheer Sociale Huursector 1993 zijn vastgelegd. Riskant beleggen past niet bij het profiel van een sociaal huisvester.

Alles wijst erop dat er aanleiding is om het publiek toezicht op de woningcorporaties beter te profileren. Als aan een deel van de corporaties de geur van speculatie en financieel gerommel zou kleven, zou daarvoor het in vele decennia opgebouwde maatschappelijk krediet worden verspeeld. De corporaties zouden dan, ondanks de fraaie constructies van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw en het Centraal Fonds, ook op de kapitaalmarkt niet meer als kredietwaardig en solide worden beschouwd. Gokverslaving dient zeker ook bij woningcorporaties met kracht te worden bestreden.

1) Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting, 1994, Proefpo Verzelfstandiging Woningcorporaties, Rotterdam (SEV).

Frans van der Zon, 1994, Evaluatie van het SEV-proefpo verzelfstandiging woningcorporaties, Volkshuisvesting in theorie en praktijk nr. 33, Delft (DUP)

*) Hugo Priemus is wetenschappelijk directeur van het onderzoeksinsituut OTB te Delft.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels