nieuws

Rijksuniversiteit Leiden nog steeds garant voor f. 7,3 mln

bouwbreed

De Rijksuniversiteit Leiden lijkt niet te ke ontkomen aan betaling van f. 7,3 miljoen aan de ING Bank, zijnde het door de bank aan de inmiddels failliete poontwikkelaar Fibomij verstrekte krediet voor f. de onvoltooidef. bouw van de De Annex.

Dit op grond van een door de RUL op 7 juli 1992 afgegeven garantieverklaring en de door RUL en bank op 8 april 1993 afgesloten ‘nadere overeenkomst’.

Dit valt op te maken uit de stukken, die het College van Bestuur van de RUL alsnog aan Cobouw openbaar heeft moeten maken. Eerder weigerde de RUL-top een verzoek van deze krant om een aantal op de Annex-affaire betrekking hebbende documenten te verstrekken. Een beroepsprocedure daartegen is nu door Cobouw gewonnen.

De vrijgegeven documenten bevestigen de eerdere onthullingen die deze krant voortdurend deed over de Annex-affaire. Dat betreft onder meer de zo cruciale vraag wie nou eigenlijk opdraait voor de miljoenenstrop.

Zwakste positie

De RUL staat zwak met een door voormalig directeur bedrijfsvoering Th. J. Doevenspeck ondertekende garantieverklaring. Over de omvang van die garantie verschillen bank en RUL echter fundamenteel van mening. Volgens de RUL moet er f. conform de afsprakenf. f. 6,74 miljoen in mindering worden gebracht op de garantiestelling vanwege het vestigen van de borderel van inschrijving van de hypotheek (ad f. 10 miljoen) op het gevestigde recht van opstal.

Maar de bank denkt daar wezenlijk anders over. Die meent dat deze rekensom niet opgaat, nu immers van de bouw als zodanig niets terecht is gekomen. Bovendien heeft bouwbedrijf De Kempen ook nog eens het recht van retentie op het onvoltooide complex.

Dit betekent dat voor de bank de aanvankelijk door de RUL gestelde zekerheden zijn komen te vervallen. Immers, als Fibomij niet zou voldoen aan verplichting tot terugbetaling aan de bank, zou de RUL de aan Fibomij te betalen huur moeten afdragen aan de bank.

In de ‘nadere overeenkomst’ van 8 april 1993 is die zekerheid zelfs uitgebreid. In eerste instantie zou de RUL meewerken aan verpanding door Fibomij aan de bank van de huurpenningen. Maar de RUL heeft zich eveneens tegenover de bank verplicht bij het in gebreke blijven van Fibomij “het bedrag aan maandelijkse huur als eigen schuld aan de bank te zullen betalen”. Van huuropbrengsten is echter in de verste verte geen sprake.

De RUL zal vrijwel zeker het casco van de Annex (moeten) kopen van bouwbedrijf De Kempen en vervolgens op eigen kosten laten afbouwen. Daarmee zou de bank gedupeerd worden. Die grijpt daarom nu terug naar de garantieverklaring.

Opgesoupeerd

Dat is ook logisch. Want anders laat het zich niet verklaren dat de bank op 8 april 1993, toen het werk al maanden stil lag en het (overigens al opgesoupeerde) bouwkrediet aan Fibomij was opgezegd en met een recht van retentie van de aannemer, op het complex toch nog een hypotheek van liefst f. 10 miljoen verstrekte.

Er moeten zekerheden zijn geweest van de RUL.

RUL en bank proberen in eerste instantie hun geschil in onderling overleg te beslechten. Lukt dat niet dan zal de rechter er aan te pas komen.

Wanneer dat gebeurt is de vraag want volgens een woordvoerder van de ING Bank geldt voor het overleg met de RUL geen tijdslimiet.

De bank weigert verder elk inhoudelijk commentaar.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels