nieuws

Infrastructuur intelligent wonen in elke woning

bouwbreed

In alle woningen zou een infrastructuur voor intelligent wonen ingebouwd moeten worden. In nieuwbouw kan dat relatief eenvoudig, maar ook in bestaande woningen is het mogelijk. De kosten van een centraal systeem zijn ca f 1000 per woning. Die kosten worden terugverdiend door toekomstige besparingen op dienstverlening aan de bewoners.

Dat stelt drs. B.H. Uythof van Invenit te Amsterdam. ”Elke woning zou een meterkast voor telemetrie moeten hebben en elke kamer zou voorzien moeten worden van aansluitingen voor telefoon en kabel. Voor de communicatie binnenshuis kan gebruik gemaakt worden van de bestaande infrastructuur. Het is ook mogelijk een kabel toe te voegen, bijvoorbeeld naast de reeds bestaande leidingen. Eenvoudige boodschappen ke echter via het 220-volts net verstuurd worden.”

Invenit laat tijdens de NWR Bouw RAI zien, wat er nu al mogelijk is op het gebied van elektronica in de woning. ”Wat wij in ons paviljoen presenteren betreft niet de toekomst, maar het heden”, aldus Uythof. ”De technologie heeft zich reeds bewezen en is direct toepasbaar. Het intelligente gebouw is een zich ontwikkelend concept en bestaat uit bouwstenen die het intelligent wonen en werken mogelijk maken. Als de infrastructuur maar aanwezig is, ke de bewoners modules aanschaffen en inprikken.”

Niet duur

Volgens Uythof hoeft de inbouw van de infrastructuur niet meer dan zo’n f 1000 per woning te kosten. ”Dat verdien je elders terug. De private markt voor technologie tot het jaar 2000 is veel groter dan de huidige collectieve markt voor verstrekkingen in de zorgsector. Nu al besteden mensen van 55 jaar en ouder meer dan f 3,2 miljard per jaar aan technologie in huis. Dat wordt in 2010 ca f 5,4 miljard. Wil je de zorgsector laten verschuiven van de collectieve naar de private markt, dan moeten de mensen ke kiezen uit modules die ze op de bestaande infrastructuur aan ke sluiten.”

Van de bouwstenen voor de intelligente woning scoren de voorzieningen voor veiligheid en comfort het hoogst. Ook de audio- en video-component krijgt veel aandacht. Volgens Uythof zal de uitwisseling van informatie binnen en buiten de woning echter slechts mondjesmaat toegepast worden, omdat de woning prive-gebied is. ”De bewoners zullen meer kiezen voor veiligheid en comfort dan voor informatietechnologie”, is zijn verwachting.

Kosten en baten

Het inbouwen van de infrastructuur in woningen wordt geremd door het feit, dat de kosten voor ontwikkeling ergens anders gemaakt moeten worden dan waar de baten vallen. ”Bij de introductie van een nieuwe technologie moeten de markten opnieuw gedefinieerd worden”, stelt Uythof. ”Er moeten discussies op gang komen tussen de partijen en er moeten aanvaardbare oplossingen gevonden worden. Overigens is niet de technologische, maar de sociale context doorslaggevend voor het succes van de nieuwe technologie. Een voorbeeld is het succes van de fax, die sociaal aanvaard is. De functionaliteit van de toekomst is niet te voorzien. Ik stel: zorg dat de infrastructuur aanwezig is. Door het ontwikkelen van modules kun je dan doen aan zorg op maat in de technologie.”

Volgens Uythof zou bijvoorbeeld de zorgsector gediend zijn met de intelligente woning. Hij betreurt dat het financieringssysteem in die sector weinig flexibel is. ”Er zijn blokkades in de financiering, bijvoorbeeld doordat de middelen uit verschillende bronnen komen. Er moet een verdeling van de lasten en de opbrengsten plaatsvinden. Dat raakt aan de autonomie van departementen en beslissers. Het doorbreekt ook de scheiding tussen collectieve en private financiering.”

Rol van de corporaties

In de sector van de sociale woningbouw bestaat steeds meer interesse voor de intelligente woning. ”Dat komt doordat de rol van de corporaties verandert. Er is meer ruimte voor aanvullende dienstverlening”, aldus Uythof. ”De volkshuisvesting gaat de bewoner volgen, niet andersom. De vraag is, wat je nu al in moet bouwen om woningen geschikt te maken voor de huisvesting van morgen. Een voorbeeld is de levensloopbestendige woning te Rotterdam, met service- en alarmsysteem, ontworpen door EGM-architecten.”

Twee jaar geleden nam Invenit nog geen deel aan de NWR Bouw RAI. ”Dat had geen zin, er werd nog te weinig op de markt geboden”, aldus Uythof. Het initiatief tot Invenit is zes jaar geleden genomen door Medicom-Zes, TNO, Philips en Moret Advies. Ruim twee jaar geleden is de groep uitgebreid en de naam Invenit gekozen. In de Stichting Invenit Domotica Advies Nederland is de expertise gebundeld. In de Vereniging Invenit Domotica Platform Nederland zijn de fabrikanten en leveranciers, bouwers, ontwerpers, corporaties en installateurs verenigd.

Uitstraling

Invenit richt zich op de toepassing van elektronische informatie in en om de woning. ”De functies staan daarbij voorop, de techniek staat op de achtergrond”, aldus Uythof.

”In dat opzicht onderscheidt de domotica, de toepassing van elektronica en telematica in de woning, zich van andere systemen voor gebouwbeheer. In de woning worden de beslissingen op een lager niveau genomen. Ik voorspel dat de domotica een uitstraling krijgt op de automatisering van het kantoor. Daar gaat de ontwikkeling ook naar het beslissen op lager niveau. Het klimaat bijvoorbeeld wordt dan geregeld per werkplek door de medewerker zelf.”

Er is inmiddels al heel wat elektronica tot de woning doorgedrongen. ”Het gaat echter meestal om stand-alone toepassingen”, aldus Uythof. ”Bij de intelligente woning worden ze aan elkaar geknoopt en komt er contact met de buitenwereld tot stand.”

Complete systemen

Binnen de domotica hebben zich eerst eiland-oplossingen ontwikkeld, complete systemen voor het bedienen van deuren, gordijnen, beveiliging, licht, verwarming enzovoort. Daarna is de standaardisatie pas op gang gekomen.

”De huidige situatie is er een van clusters rond de fabrikanten, zoals Siemens, Philips en Honeywell. Zij hebben hun eigen standaards, protocollen en systemen. In de toekomst zijn meer algemene normen te verwachten”, aldus Uythof. Een standaard valt daarbij niet te verwachten. Waarschijnlijk is dat de applicaties verschillende protocollen van diverse home bus’ leveranciers aan zullen ke.

Welke toepassingen het breedst ingang zullen vinden durft Uythof niet te voorspellen. Hij verwacht wel, dat de communicatie met de buitenwereld nog lange tijd via post en papier plaats zal vinden.

”Papier biedt een zekere bescherming, omdat de informatie aan plaats en tijd gebonden is. Papieren documenten moeten opgezocht worden en het bekijken is aan fysieke grenzen gebonden. Elektronische informatie daarentegen is los van locatie en tijd beschikbaar. Dat doorbreekt de privesfeer en kan op termijn een barriAre gaan vormen.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels