nieuws

Alders: bouwproduktie van groter belang dan sector

bouwbreed

De realisatie van de bouwopgave, zoals verwoord in de grote beleidsnota’s van de rijksoverheid, is voor f. demissionairf. minister Alders de belangrijkste opgave voor de coordinerend bouwminister. “Voor de rest”, zo schrijft Alders in een brief aan de Tweede Kamer, “is de bouw een sector als alle andere. Zij moet zich op eigen kracht handhaven in een open markteconomie.”

Men heeft er lang op moeten wachten, maar woensdag heeft f. demissionairf. minister Alders dan toch zijn ‘Beleidsbrief gecoordineerd bouwbeleid’ naar de nieuwe Tweede Kamer gestuurd, vergezeld van de bijlage ‘Bouw, beleid en overheid, voortgangsrapportage gecoordineerd bouwbeleid 1994’.

De laatste voortgangsrapportage stamde uit 1987. En volgens Alders heeft het kabinet sindsdien een actuele invulling gegeven aan het coordinerend bouwministerschap. In de grote beleidsnota’s (SVV II, Structuurschema Groene Ruimte, NMP 2, de nota volkshuisvesting in de jaren negentig en de Vinex) zijn de kaders voor de gewenste bouwproduktie vastgesteld. Daarnaast zijn omvangrijke investeringsbeslissingen genomen.

Nu is het woord aan de stadsgewesten en andere lagere overheden, meent de bouwminister. Zij zullen samen met marktpartijen ervoor moeten zorgen dat de bouwproduktie wordt gerealiseerd. “Onderzocht wordt hoe ik, binnen het kader van de grote nota’s en met inachtneming van de verantwoordelijkheden van de lokale overheden en marktpartijen, als coordinerend bouwminister hierbij behulpzaam kan zijn.”

Gewone sector

Alders constateert in zijn brief dat de verhoudingen tussen de bouw en de overheid zijn veranderd. “De bouwsector wordt beschouwd als een zeer belangrijke maar niet als uitzonderlijke sector.” Hij onderkent het economische belang van de sector en de rol die de bouw speelt bij de realisatie van de maatschappelijk gewenste bouwproduktie, maar merkt daar direct bij op: “Voor de rest is de bouw echter een sector als alle andere. Deze moeten zich op eigen kracht handhaven in een open markteconomie; dus zonder steun of bescherming van de overheid.”

De rol van het rijk blijft dus beperkt tot het scheppen van randvoorwaarden. “Er komt veel op de bouw af. Uit deze ontwikkelingen vloeien kansen en bedreigingen voort. De bouw zal de problemen zelf moeten oplossen en zelf de kansen moeten benutten. De overheid wil daarbij behulpzaam zijn; niet meer en niet minder.”

Zo kan op initiatief van de bouw een inventarisatie worden gemaakt van de structurele problemen bij het nastreven van continuiteit van de bouwproduktie. Alders: “Het kabinet heeft de bereidheid na te gaan of er, op basis van deze inventarisatie, aan overheidszijde bijgedragen kan worden aan oplossingen voor deze structurele problemen.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels