nieuws

Vice-voorzitter Van Herrewegen van C.R.O.W: ‘Eigen onderzoek moet geen hobbyisme zijn’

bouwbreed

Wegenbouwend Nederland steekt op onderzoeksgebied zelf graag de handen uit de mouwen. Dat is goed, maar er moet wel worden gewaakt voor hobbyisme. Dat een asfaltcentrale voor de klant in deze ‘no nonsense’ tijd honderdtwintig verschillende mengsels moet ke draaien is volkomen onzin.

Dit zei vice-voorzitter ir. G.J. van Herrewegen van C.R.O.W. op het symposium ‘Bitumen en asfalt’ in Bussum. Aan de orde waren de inzichten die op het vijfde Eurobitume-congres te Stockholm zijn gepresenteerd. De organisatoren van de dag, NABIT, C.R.O.W, RWS-DWW, TU Delft en VBW-Asfalt, achten een ‘vertaling’ naar de Nederlandse omstandigheden van de huidige stand van de technologische mogelijkheden en problematieken van groot belang.

Dat nog steeds nieuwe inzichten in de wegenbouw te voorschijn komen ligt aan de wisselwerking tussen de weg en het verkeer. Het verkeer in al zijn facetten stelt steeds hogere eisen aan de kwaliteit en duurzaamheid van de wegconstructie. Dat lijkt een prima autonome ontwikkeling waarop technologen steeds maar weer een passend antwoord moeten zien te vinden. In die zin is het uiterst belangrijk onderwerpen als bitumenkwaliteit en mengselontwerp niet als constanten te beschouwen, zo hield Van Herrewegen zijn toehoorders voor.

De bitumen voor de wegenbouw worden in verschillende soorten met dienovereenkomstige eigenschappen geleverd. Afnemers van bitumen stellen daarbij eisen, die op hun beurt weer bepaald worden door de eisen waaraan het mengselontwerp en de mengselsamenstelling moeten voldoen. Ook hier is volgens Van Herrewegen sprake van een wisselwerking, en wel tussen bitumen en het asfalt in de weg. Daar gaat uiteindelijk om mengsels die verkeerslasten duurzaam ke dragen.

De vice-voorzitter ging in zijn voordracht in op het belang van een voortdurende onderzoeksinspanning. Gezien de vragen die ontwerpers en uitvoerders in de asfaltwegenbouw in Europa op zich zien afgevuurd is er alle aanleiding onderzoek niet op een laag pitje te zetten. Daarbij moet bedacht worden dat studie en onderzoek niet mag blijven steken in theorie. De resultaten ervan moeten doortrokken zijn van de grondgedachte dat de praktijk er iets mee moet ke doen.

“In dat opzicht mogen we ons in dit land gelukkig prijzen met de aanwezigheid van wegenbouwbedrijven die op onderzoeksgebied zelf de handen uit de mouwen steken. Maar we moeten wel waken voor hobbyisme. Dat een asfaltcentrale in deze tijd van ‘no nonsense’ 120 verschillende mengsel voor de klant moet ke maken is volkomen onzin”, aldus Van Herrewegen.

De vice-voorzitter van de C.R.O.W stelde vast dat bedrijven bij de eigen onderzoeksinspanning weliswaar het oog sterk gericht houden op de eigen marktpositie, maar dat tegelijkertijd de bereidheid aanwezig is de ervaringen te delen met anderen in het vakgebied.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels