nieuws

Meesterwerk vergeleken met interessante serie

bouwbreed

Bij de Duitse uitgeverij Ernst & Sohn en de Rotterdamse Uitgeverij 010 verschenen vrijwel gelijktijdig twee monografieen van gebouwen. Een boek geeft de lezer goedgedoceerde informatie over een museumuitbreiding. Het royaal opgeblazen prachtboek van een andere uitbreiding toont het gebouw zoals het waarschijnlijk nooit meer zichtbaar is: geheel leeg, voor het ingebruiknemen. Een vergelijking.

Onder redactie van Ingeborg Flagge, hoofdredacteur van het maandblad van de Duitse architectenbond ‘Der Architekt’, is bij uitgeverij Ernst & Sohn een nieuwe reeks boeken gestart. Onder de serietitel ‘BauWerke’ verschijnen boeken die het makkelijk hanteerbare formaat gemeen hebben, een tekst in het Duits en Engels, en een interessant gebouw documenteren. Voor de indeling en lay-out wordt ieder deel afzonderlijk bezien.

Bij de selectie van gebouwen gaat het niet om onvoorwaardelijke ‘meesterwerken’ waar de hele architectuurpers over struikelde. Ieder gebouw waaraan een deel BauWerke wordt gewijd, vormt eerder een ‘Geheimtip’ voor architectonische kwaliteit, waarin materiaalgebruik, indeling en vormgeving samengaan.

Tijdschriften beperken zich steeds meer tot beeldvervormende foto’s die meer zeggen over de intentie van fotograaf en soms de architect, dan over de gerealiseerde architectuur. Bovendien zijn detailtekeningen hier nauwelijks meer mogelijk en verdringt de zogenaamde theorievorming de bouwtechnische informatie.

De serie BauWerke kan dat probleem oplossen. Het eerste deel is gewijd aan het museum voor de cultuur van het begraven. Architect Wilhelm Kucker ontwierp de aanbouw bij een bestaand gebouw met respect voor de directe omgeving, inclusief het oude gebouw. Het ontwerp is door Klaus-Dieter Weibeta beschreven. Ook zijn korte bijdragen gewijd aan museale collectie en de architectuur van Kucker. Een royaal aantal foto’s, gebruikelijke tekeningen zoals plattegronden en doorsneden en een tekening met details van een museale vitrine documenteren het ontwerp. Persoonlijk kan ik me interessante details voorstellen die ook beter zijn uitgetekend. Maar verder vormt het een humaan document van het museale ontwerp met achtergronden, keurig opgemaakt met voortreffelijke foto’s die veelal in kleur zijn gereproduceerd. Zeg maar een werkdocument waar geinteresseerde collega’s datgene in vinden dat in tijdschriftpublicaties vaak nauwelijks meer wordt aangestipt. Het spectaculaire boek over de nieuwbouw en uitbreiding van de academie in Maastricht is een prachtig tegengestelde uitgave. Het gebouw van Arets is een zeldzaam hoogtepunt in de architectuur. De bouwtechniek, bouwfysica en gebruiks(on)-vriendelijkheid zijn ondergeschikt aan de verlichte Vormwil. Het gebouw dat vorige week officieel werd geopend, is prachtig gefotografeerd door Kim Zwarts. Zijn zwart/witfoto’s zijn grafische kunstwerken, zowel tijdens de bouw als bij de oplevering zonder hinderlijke inrichting. Het boek celebreert een werk van de jonge Limburgse Maestro Arets, ongeveer even zwart/wit als zijn architectuuropvatting. Werktekeningen laten ingewikkelde wapening voor beton zien, maar zijn weinig instructief. Met plattegronden zijn ze te klein afgedrukt om goed leesbaar te zijn.

Maar hier is alvast een beeldend monument voor de architect opgericht. Onleesbaar wat de tekstbijdrage f. afkomstig uit New York!f. betreft. Maar indrukwekkend vormgegeven door Stefan Graatsma. Kortom een onleesbaar Prachtboek dat een illusie oproept van een monument dat inmiddels is verknoeid de gebruikers en hun materieel. En de omslag bestaat uit een licht beschadigbaar zilverkleurig papier dat volgens Arets om een Mies van der Rohe-publikatie is gebruikt en na voldoende naslaan inmiddels de sporen van gebruik en voortgaand verval laat zien. Wat een heerlijke frustraties van een aankomende beroemdheid.

‘Das Museum fur Sepulkralkultur’ onder redactie van Ingeborg Flagge. Uitgeverij: Ernst & Sohn, Berlijn 1994. Formaat: 22,5 x 24 cm, 72 blz. ISBN: 3 433 02437 5. Prijs: (ingenaaid) DM 32.

Wiel Arets: ‘Maastricht Academy for the arts and architecture’. Uitgeverij 010, Rotterdam 1994. Formaat: 29 x 29 cm, 92 blz. ISBN: 90 6450 204 8. Prijs: (gebonden) f. 59,50.

WvH

Een trap als ruimtelijke sculptuur in de Maastrichtse academie naar ontwerp van Wiel Arets.

Archieffoto

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels