nieuws

Nieuw bestemmingsplan voor IJ-oevers fors bekritiseerd

bouwbreed

De gemeente Amsterdam staat weer met beide benen op de grond bij de ontwikkeling van de IJ-oevers. De overdreven verwachtingen over topkantoren zijn wijselijk geschrapt. De belofte dat de inrichting van de oevers van het IJ van hoge kwaliteit wordt, is echter nog niet waargemaakt. Aldus de Amsterdamse Raad voor de Stadsontwikkeling (ARS) over het nieuwe bestemmingsplan voor de IJ-oevers.

De nieuwe versie van het bestemmingsplan is vooral bedoeld om de aanleg van nieuwe rail- en wegpoen een plek te geven, maar de stedebouwkundige vormgeving loopt daar zeer bij achter, oordeelt ARS.

Het gemeentebestuur heeft veel onderdelen van de uitwerking naar de toekomst verschoven. Voor de burgers ontstaat nu echter geen helder beeld van de plannen en onvoldoende houvast om te reageren.

Het plan bevat veel “goedwillende passages over mooie plekjes aan het IJ”. Die zijn echter voor velerlei uitleg vatbaar, aldus de ARS, en garanderen geenszins dat ze er ook komen. De ARS bepleit dan ook een fikse bijstelling, voordat de plannen ter visie worden gelegd.

Kritiek heeft de ARS ook op de manier waarop het water in het plan wordt ingepast. “Merkbaar vanaf het land geschreven”, merkt de raad op over het bestemmingsplan.

De ARS betreurt het dat achter het Centraal Station geen “waterwereld wordt geschapen die getuigt van fantasie” en noemt het een omissie dat iedere relatie met de noordoever van het IJ ontbreekt.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels