nieuws

Makkelijker aanwijzen van locaties geeft problemen

bouwbreed

Het gebrek aan bouwlocaties en de wetenschap dat de doelstelling het terugbrengen van het woningtekort tot 2 procent in het jaar 2000 niet zal worden gehaald, mag er niet toe leiden dat er minder kritisch naar potentiele locaties wordt gekeken.

“Dat lijkt logisch, maar is penny-wise en op termijn zelfs pound foolisch.”

Deze waarschuwing uitte minister Alders gisteren in Zwolle. Hier was door de Rijksplanologische Dienst de eerste van in totaal vier Regionale Werkconferenties over de Vierde Nota Ruimtelijke Ordening op touw gezet.

Op de bijeenkomst weerlegde Alders de kritiek dat de huidige stand van zaken omtrent het tekort aan locaties door de overheid en met name een falend Vinex-beleid zou zijn veroorzaakt. “Dat er nu vooral in de Randstad sprake is van een locatietekort komt doordat er in 1989 en 1990 iets is misgegaan. U en ik weten dat er het in ontwikkeling brengen van een locatie zo’n vijf tot tien jaar in beslag kan nemen. Er is toen dus niets ondernomen. Er wordt door de locale overheden teveel om de geldbuidel gedanst.”

Alders zei in zijn inleiding niet mee te zullen werken aan het afbreken van de beleidsdoelstellingen zoals die in de Vierde nota- extra zijn geformuleerd. “Een Groen Hart moet een Groen Hart blijven. Dat hebben meer bewindslieden voor mij geroepen maar er zijn tot voor kort in het Groene Hart meer woningen gebouwd dan in het stedelijk gebied. Er zijn daar ook meer bedrijventerreinen gerealiseerd dan in de stedelijke gebieden en dat moet definitief afgelopen zijn.”

De bewindsman riep zijn toehoorders vervolgens op vooral voorzichtig te zijn met het toewijzen van bouwlocaties. Dit zou nodig zijn om toch maar vooral het beleidsdoel van het terugbrengen van het woningtekort in 2000 naar 2 procent te ke halen.

Een doelstelling die zoals Alders en staatssecretaris Heerma eerder deze week aan de Tweede Kamer hebben laten weten voor met name de Randstad niet meer haalbaar is. De opgelopen achterstand van 33000 woningen is volgens hen niet meer in te halen.

“De verleiding is dan groot om reservelocaties en minder goede gebieden te gaan ontwikkelen. Dat is onverstandig en moet worden voorkomen.” Commissaris van de Koningin in de provincie Gelderland, dr. J.C. Terlouw plaatste de nodige kanttekeningen bij het betoog van Alders. Zo vond Terlouw dat het Vinex-beleid te rigide wordt uitgevoerd. “Een compact stadsmodel voor Rotterdam is heel anders dan dat voor een metropool als Doetinchem. Voor het doorvoeren van een ABC kantorenlocatiebeleid geldt precies hetzelfde.”

Betuwelijn

Uiteraard liet de Gelderse Commissaris zijn kans om nog even zijn mening te ventileren over de Betuwelijn niet onbenut. Hoewel hij benadrukte het economisch nut van de Betuwelijn te ke billijken zei hij het onbegrijpelijk te vinden dat alle politieke partijen in hun programma hebben staan dat zij voorstander zijn van duurzame ontwikkelingen maar dan toch besluiten tot de aanleg van een dergelijke spoorlijn.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels