nieuws

Graffiti is niet alleen van deze tijd

bouwbreed

Op het in Bonn gehouden 12de Internationale Congres voor Christen Archeologie werd een passage uit een brief van Plinius de Jongere (62-113) aangehaald. Deze Romeinse staatsman en schrijver (bekend om zijn ooggetuigeverslag van de uitbarsting van de Vesuvius) schreef daarin: “Op alle zuilen en muren hebben velen zich geuit in de vorm van korte of lange teksten.” Hij bedoelde daarmee het schrijven op muren van tempels, herbergen, bordelen en badhuizen, dat we nu graffiti noemen!

Aan het begin van dit jaar was de Kleine Zaal van de Doelen in Rotterdam gevuld met deskundigen die zich met het probleem graffiti bezig hielden. De aanwezigen concludeerden dat dit oude verschijnsel moeilijk te bestrijden is. Het kost de Nederlandse Staat gemiddeld f. 40 miljoen per jaar. R.M. Walop, hoofdbureau Veiligheid in Haarlem en spreker op het congres zette de strategieen rond graffiti uiteen. “Het is belangrijk graffiti onmiddellijk te verwijderen, want het motief van de jongeren is aan anderen zo lang mogelijk te laten zien wat je hebt gepresteerd. Daarnaast ke publiciteitscampagnes helpen, maar die gaan voorbij aan de harde kern van graffiti-beoefenaars. Lik-op- stuk-beleid van de politie kan veel bereiken, maar uit ervaring is gebleken dat doorgewinterde graffiti-makers niet terugschrikken, als zij opgepakt worden.”

Coating

Het aanbrengen van een coating is ongeveer even duur als een grondige schoonmaakbeurt. Na het aanbrengen van een beschermlaag is het schoonmaken eenvoudiger en dus goedkoper. Bovendien kan dan gebruik worden gemaakt van minder agressieve, milieuvriendelijkere schoonmaakmiddelen.

Terwijl de congresgangers allengs schoonmaaktechnieken, criminaliteitsfactor en gedoogbeleid, de revue laten passeren, wordt het dui delijk: een eensluidende oplossing voor het probleem is niet voorhanden. De daders, vaak in de leeftijd van 14 tot 18 jaar, zijn moeilijk aan te pakken.

Beginnelingen zien vaak, na gedwongen schoonmaken va n hun werken, nog wel in dat graffiti vervuilend is. Maar de ervaren ‘kunstenaars’ lijken onverbeterlijk door zelfs ’s nachts hun bed uit te klimmen om met spuitbussen op schone muren hun tags en pieces te zetten. Tags zijn korte namen, vergelijkbaar met een handtekening of paraaf. Pieces zijn grote kunstwerken van vaak meerdere mensen.

Erkenning

Het gaat de graffiti-daders om erkenning van collega’s, naambekendheid en spanning. Want hoe harder de politie optreedt, des te spannender het is te proberen daaraan te ontsnappen. “De meeste kliederaars doen het gewoon voor de lol”, schreef Jan van den Brink in het boekje ‘Killroy was here’ dat hij samen met Wouter Schoonman samenstelde. Ze speurden als medewerkers van de afdeling psychologie van de Nederlandse Spoorwegen, naar leuke, vulgaire, spannende en idealistische teksten in kroegen, universiteiten en muren. Zij schatten de muurschrijvers tussen de achttien en dertig jaar en volgens de auteurs schrijven deze mensen onder andere om hun frustaties af te reageren. Schrijven op muren is een vorm van schoppen tegen de maatschappij.

Dit laatste belichtte Philippe Moreau in ‘Op de muren van Pompeji’ dat door Ambo in Baarn werd uitgegeven. De ondertitel luidt: ‘Pompeji, stad van teken’, 123 op stenen en muren aangebrachte opschriften die door Moreau werden verzameld. Ze werden uit het Latijn vertaald door Ivo Gay en bevat als appendix de volledige catalogus van de in de reeks Ambo klassiek verschenen werken.

Het bijzondere in Pompeji is dat er opschriften bewaard zijn gebleven die op kalk zijn geschilderd of met een scherp voorwerp in de bepleistering van muren zijn aangebracht, waarvan de auteurs helemaal niet wilden dat ze de eeuwen zouden trotseren.

Grofheid

Vandaar hun spontaniteit, hun frisheid, soms hun grofheid, die de nieuwsgierige het gevoel geven een inbreker te zijn in de dagelijkse, banale of aandoenlijke bezigheden, voorkeuren en hartstochten van de inwoners van Pompeji voordat ze bedolven werden onder de as van de Vesuvius. De meeste opschriften zouden in onze tijd niet misstaan. Wat denkt u van de volgende voorbeelden: “Uit de winkel is een bronzen kruik verdwenen. Als iemand die terugbrengt zal hij vijfenzestig sestertien ontvangen. Als hij de dief aanwijst zodat wij ons bezit terugkrijgen, twintig sestertien” en “Serena heeft genoeg van Isodorus.” In de kazerne van de gladiatoren stond: “Cresens de retiarius, arts van de nachtvlindertjes.”

In een muur stond gebeiteld: “Muur, ik verbaas me er over dat je niet in elkaar bent gestort, jij die zoveel stompzinnige opschriften moet dragen.” Een ander schreef: “Iedereen krabbelt hier iets. Ik alleen krabbel niets!”

J.H. Kruizinga

Het boekje ‘Op muren van Pompeji’ is voor f. 4,95 verkrijgbaar bij Ambo, postbus 308, 3740 AH Baarn.

Graffiti uit de oudheid: gerestaureerde muur in Pompeji

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels