nieuws

Nederlandse invoer in 1993 met ruim 35 procent gestegen Portugese wijnbouw heeft EU in vizier

bouwbreed

Portugese wijnproducenten gaan eindelijk rekening houden met Europese consumenten, concludeerde ik een jaar geleden na de proeverij van nog niet op de Nederlandse markt verkrijgbare wijnen, die de Portugese ambassade jaarlijks aanricht in het Voorburgse Vreugd en Rust. Ik bedoelde daarmee dat Portugese wijnbouwers hun klassieke waarden niet langer als alleen zaligmakend zien en bereid zijn eeuwenoude tradities wat aan te passen als de Europese consument zich dan wat happiger, of althans minder terughoudend betoont. Die trend lijkt nu door te zetten.

Ik heb daarover ooit eens een gespierde discussie gehad met een klassieke wijnkoper, die met ‘rekening houden met andere Europeanen’ niet meer of minder dan heiligschennis vond. Maar dat wij anders spreken dat onze moeders ons hebben geleerd is net zomin cultuurbarbarij als het gebruik van andere druiven of vinificatiemethoden. Sterker nog: als een wijnbouwer de meest traditioneel denkbare wijn maakt, maar geen mens bereid vindt om die te kopen, dan eindigt hij in het museum of in het faillissementenregister of in beide. Maar in toenemende mate schijnt Portugal de (marketing-)mogelijkheden van de EG te ontdekken. Erg lang ging de Portugese wijnexport naar Nederland zo’n kleine 10 procent per jaar omhoog, maar in 1992 was die stijging plotseling bijna 17% en in 1993 zelfs ruim 35%. De cijfers: in 1989 14.602 hl, in 1990 15.585 hl, in 1991 17.541 hl, in 1992 105.364 hl. Het roer is om in Portugal en de consument heeft dat goed in de gaten.

Het vorig jaar roemde ik met name de rode Cima 1989, die 10% Cabernet-Sauvignon in zich had. Eigenaar ir. Manuel Maria de Souza e Holstein Campilho vertelde mij er toen het nodige over. Op de Quinta Lagoalva de Cima, 18 km van Santarem, heeft men naast de inheemse druiven Cabernet-Sauvignon, Syrah en Chardonnay aangeplant, er wordt machinaal geoogst en de ervaren Californische wijnmaker Keith Hohlfeldt introduceerde nieuwe vinificatietechnieken. Een aantal Cima-wijnen wordt nu tot mijn onuitsprekelijke genoegen geimporteerd door Eddy de Boer van Vinites/La Cascina in Haarlem.

Deze keer waren er behalve drie witte ook z’n vijftien rode te proeven uit Dao en Bairrada (resp. ten noordoosten en ten noorden van de historische stad Coimbra) en Alentejo (tussen Lissabon en de Spaanse grens). Van de Dao’s sprong de donkere, acht maanden op nieuw hout gelagerde Quinta des Roques 1991 eruit: een intrigerend complexe, stevige, maar niettemin elegante wijn, naar alle waarschijnlijkheid nog maar aan het begin van zijn carriere (in smaakontwikkeling dan). Een andere versie van dezelfde oogst zonder houtrijping kon mij minder behoren. De Quinta werkt volgens de modernste vinificatietechnieken, maar heeft geen enkele ‘buitenlandse’ druif gebruikt. Vijf klassieke Dao-druiven zijn in gelijke aandelen de samenstellers: Touriga Nacional, Jaen, Tinta Roriz, Alfrocheiro Preto en Tinta Pinheira. Ik kan er geen worst van maken, maar zij wel wijn en daar gaat het om.

Rust en Vreugds nieuwe kok Gert-Jan Hageman had drie wijnen als uitgangspunt genomen voor de lunch. Een boerse witte Bucelas bij de red snapper, een stevige Dao (Quinta da Pellada) bij gestoofd wild zwijn met linzen en een Moscatel de Setubal bij de ananas tarte-Tatin. Zijn keuze werd door de meeste disgenoten, onder wie de Portugese ambassadeur Antonio Caiscals, zeer gebillijkt.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels