nieuws

Mecanoo in Almelo: markante bibliotheek

bouwbreed

Het tien jaar jonge architectencollectief Mecanoo, opgericht door bijna afgestudeerde ingenieurs, maakt de laatste jaren een belangwekkende ontwikkeling door in haar architectuur. Aanvankelijk nam Mecanoo de draad op van het Nieuwe Bouwen met eenvoudige heldere woningarchitectuur. De laatste jaren incorporeert de groep een trendy vormwil, in werk van wisselende kwaliteit. De Openbare Bibliotheek in Almelo is daar een interessant voorbeeld van.

Almelo verloor de laatste decennia grote delen van haar textielindustrie. Die beheerste tot in het centrum het stadsbeeld, maar is gedeeltelijk gesloopt en ook opnieuw gebruikt voor andere functies, waaronder wonen.

Op de hoek van een vooroorlogse straatwand met gevarieerde kleinschalige bebouwing langs stedelijk water, was een terrein beschikbaar voor de bibliotheek. Het stuk grond was eigenlijk te klein, maar de ligging tegenover het stadhuis van J.J.P. Oud ondersteunt de centrumfunctie van de omgeving.

Aansluitend op de bestaande straatwand staat een slank, hoog en gesloten bouwvolume met trappehuizen en secundaire ruimten. De eigenlijke bibliotheek ligt daar in een gedeformeerde L-vorm tegenaan. In het verlengde van het hoge bouwdeel snijdt een smalle vide de bibliotheek in tweeen tussen split-level-gewijs gesitueerde vloeren. Op de hoogste verdieping zijn administratie en directie ondergebracht aan een dakterras met een grote glaspui aan de vide.

De architectuur is afwisselend in vorm en materiaalgebruik. Langs de straatzijden ligt een bouwvolume van twee verdiepingen. Op de begane grond zijn glaspuien tussen schijfkolommen naar binnen geplaatst, met om en om een ronde kolom voor in het gevelvlak. De gevel is op de verdiepingen met koper bekleed en in de kopgevels met blauwe platen gehard glas afgewerkt. Aan de achterzijde zijn gevels en dakverdieping met zink bekleed.

Hoewel uit de detaillering veel zorg voor het ontwerp spreekt, ontstond als geheel een wat bont collage van zowel toegepaste bouwmaterialen als samengevoegde bouwvolumen. Hoogte en diepte van het gesloten bouwvolume van baksteen doen afbreuk aan de kleinschalige behoudenswaardig geachte straatwand. Verder toenemende bouwhoogte aan de achterzijde tast de omgeving nauwelijks aan, als inleiding op het hogere stadhuis. Plaatselijk zijn op de verdiepingen grote glaspuien opgenomen, overigens zonder dat men er in de gevels ruimtefuncties van kan aflezen.

De hoofdentree ligt tamelijk onopvallend naast een in de bibliotheek opgenomen cafetaria op de hoek. Binnenkomend staat men na de tochtsluis onder een kleine vide naar de eerste verdieping. Daarin is aan een kolom een kleine maar wat zwaarmoedige versie van Rem Koolhaas zijn elegante ‘champagnebalkon’ in het Nederlands Danstheater in Den Haag opgenomen. De bedoeling was er af en toe een musicus te laten spelen, aansluitend op een afdeling muziek, die echter voor de ingebruikname verhuisde.

Wat verderop is langs de gevel een vide tussen eerste en tweede verdieping aangebracht. De langgerekte vide tussen de splitlevel-vloeren biedt onderkomen aan enkele uitgekraagde balies voor informatie en toezicht over meerdere vloeren. De overbruggende trapjes liggen onderling schuin verspringend en roepen zo herinneringen op aan de transportkokers van de Van Nellefabriek in Rotterdam en de bruggen tussen pakhuizen terzijde van het Design Museum in Londen. De trapjes zijn een trede hoger dan de niveauverschillen, waardoor men boven aangekomen weer een trede afdaalt; het is vormwil die in het dagelijks gebruik tot veel misstappen leidt.

Mecanoo ontwierp ook de inrichting van de bibliotheek. Deze is naar Nederlandse maatstaven comfortabel met veel royale zitjes. De ruimtewerking wordt in het geheel ernstig aangetast door relatief hoge boekenstellingen, waar tl-armaturen boven hangen. Daardoor is de sfeer meer bepaald als stapelplaats van boeken dan door de ruimtelijke kwaliteit. Plaatselijk met zorg gebogen balken onder de betonvloeren worden geheel aan het oog onttrokken door deze inrichting, als dure ongeziene vormwil.

Gebruikers zullen spoedig hunweg vinden in de verschillende afdelingen van de bibliotheek. De talrijke vides bieden referentiepunten binnen het gebouw, de royale gevelpuien naar de stedelijke omgeving. Dat zijn belangrijke kwaliteiten binnen het gebouw, dat tien jaar eerder door Mecanoo vormgegeven veel zakelijker zou zijn geworden. Soms heb ik de indruk dat die periode me persoonlijk meer overtuigt. Maar als een collega over een verrijking van de oorspronkelijke architectuur van het team ontwerpers zou spreken, dan is dat wellicht met even veel recht.

Het gemak waarmee het bouwvolume, met een bijna organische plattegrond, in de situatie werd ingebed, vormt een eigen kwaliteit van het ontwerp. Het herinnerde me aan bibliotheken van de Alvar Aalto, die ik bewust meteen weer wilde vergeten door de dierbare herinneringen aan die organische overzichtelijke en nauwelijks te evenaren ruimtelijke kwaliteit. Een tien jaar jong bureau mag men niet teveel met zo’n persoonlijke voorkeur belasten, hoewel ze in eerder werk Aalto nadrukkelijk citeerden.

De behaalde architectonische kwaliteit in de bibliotheek van Almelo doet veel verwachten voor de toekomst, bijvoorbeeld ten aanzien van de Centrale Bibliotheek voor de TU in Delft, waarvoor zij een meervoudige opdracht wonnen die nu wordt uitgewerkt.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels