nieuws

Limburg houdt vast aan woningbouw in steden

bouwbreed

De provincie Limburg weigert toe te geven aan de toenemende politieke en maatschappelijke druk om het stringente woningbouwbeleid te versoepelen. Het beleid blijft gericht op versterking van de stedelijke centra. Dit impliceert dat woningbouw op het platteland mondjesmaat wordt toegestaan.

Dit stelt verantwoordelijk gedeputeerde Piet Hilhorst. Hij verweert zich tegen de groeiende kritiek op de uitgestippelde koers. Volgens hem staat het belang van de Limburgse steden voorop. Het toestaan van meer woningbouw in het landelijk gebied betekent het einde van het -mede door de Vinex ingegeven-verstedelijkingsbeleid.

Dat de aanzwellende kritiek op het beleid GS niet geheel onberoerd laten blijkt uit het uitbrengen van de nota ‘Verstedelijking onder druk’ waarin zij nog eens omstandig hun visie inzake het woningbouwbeleid uiteenzetten:

Goedkoopst

“Wie alleen kijkt naar het economisch rendement van de woningbouw op de korte termijn, komt snel tot de conclusie dat de Limburgse bouwopgave (ongeveer 42.000 woningen tot het jaar 2005) op de snelste en goedkoopste wijze kan worden gerealiseerd door buiten de steden in de suburbane gemeenten te bouwen. Daar is goedkope grond voorhanden en daar zijn de kosten voor bouwrijp maken laag, de poen beperkt van omvang en de risico’s overzienbaar.”

Restrictief beleid, zoals dat wordt gehanteerd voor bouwen in landelijke kernen, legt volgens GS “beperkingen op aan de bouwsector en makelaardij op het platteland, beperkt de opbrengsten van bestemmingsplannen en bemoeilijkt de totstandkoming van een sluitende exploitatie”.

Meer suburbanisatie zou volgens GS leiden tot kapitaalvernietiging in de steden “doordat het draagvlak voor voorzieningen wordt uitgehold. De meer draagkrachtige burgers verhuizen naar de randgemeenten. De financiele verhouding tussen steden en dorpen, die al ongunstig is voor de steden, wordt nog verder verstoord. daarnaast veroorzaakt dit in meer en mindere mate verdringing in de randgemeenten van huisvestingsmogelijkheden voor autochtonen. Een regionaal grondbeleid, dat voor enige verevening zou ke zorgen, ontbreekt.”

Meerwaarde

In hun nota beklemtonen GS dat “een sterke, gezonde stad voor de hele regio een economische meerwaarde oplevert, die een positieve uitstraling heeft ook buiten de stad. Op de langere termijn en op regionale schaal leidt een efficient verstedelijkingsbeleid, niet alleen op maatschappelijke en planologische maar ook op financieel-economische gronden onmiskenbaar tot een hoger rendement, dan het alternatief van suburbanisatie.”

Volgens Hilhorst is er alle noodzaak te blijven kiezen voor verstedelijking. Daaraan moeten en zullen de plattelandskernen een bijdrage leveren. Op hun woningbehoefte blijft 15% gekort worden ten behoeve van de taakstelling van de steden.

Dat wordt hem niet door iedereen in dank afgenomen. “Ik krijg ruzie met alle 56 gemeenten. Acht ervan (de heel grote) verwijten me dat zij de hun opgelegde woningbouwtaakstellingen niet ke waarmaken, omdat ik veel te tolerant ben voor het landelijk gebied. Maar het platteland zegt weer: wat krijgen we nou, we mogen niet eens bouwen voor de eigen behoefte”, stelt hij vast.

Overigens wijst Hilhorst er op dat het nu in Limburg zo bekritiseerde beleid eigenlijk niet zo nieuw is: “Dat is al begin jaren tachtig ingezet, op basis van al goedgekeurde bestemmingsplannen. Die aanpak begint nu effect te sorteren. De steden zijn eindelijk in staat de minimumtaakstelling te halen. In het landelijk gebied daarentegen ontstaat gekerm, omdat niet de volledige behoefte wordt gehonoreerd. Maar dat is nu eenmaal het beleid.”

Zie voor een uitvoerig interview met Hilhorst over het dilemma van kiezen voor de stad of het platteland Week-Uit.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels