nieuws

Case ramt erop los in enorm saneringspo

bouwbreed

Als het over het opwekken van energie ging keek men in het voormalige Oost-Duitsland niet of nauwelijks naar de invloeden die dit had op de leefomgeving. Na de samenvoeging is in deze veelal sterk verouderde bedrijven fors de beuk gezet. Precies 75 jaar na zijn in werkstelling ging de elektriciteitscentrale in Lauta ‘onder de hamer’. Een groot deel van het breekwerk wordt hier uitgevoerd door een drietal Case 1288 hydraulische graafmachines.

In Lauta, aan de oostelijke rand van het Lausitzer bruinkolenveld werd ruim 75 jaar geleden een elektriciteitscentrale gebouwd die door diverse uitbreidingen tot een van de belangrijkste van het voormalig Oost-Duitsland werd. Oorspronkelijk was deze centrale gebouwd als energieleverancier voor de nabij gelegen aluminiumindustrie. Tientallen jaren later voorzag deze centrale alle huishoudens in de stad Cottbus en wijde omgeving van elektriciteit. Met de bouw van andere installaties die een beter rendement leverden raakte het marktaandeel van deze centrale achterop en eind 1991 werd besloten tot ontmanteling van dit po. Een po overigens dat een oppervlakte besloeg van ruim 21 hectaren. Op het vrijkomende terrein diende daarna te worden heringericht als industrieterrein. De feitelijke afbraak en saneringswerken startten in april 1993.

Sanering

In april 1993 startte het sloopbedrijf Schwarze Pumpe GmbH dit enorme saneringspo waarbij men 100 man personeel inzette. Dit personeelsbestand is tot op de dag vandaag nog steeds aanwezig waarbij het is uitgegroeid tot 120 man. De omvang van het po liegt er dan ook bepaald niet om. De te slopen gebouwen, zoals ketelhuizen, kolenbunkers, machineruimten, drie koeltorens, vier meer dan honderd meter hoge schoorstenen, kantoren etc. omvatten in totaal 550.000 m3. Daarnaast is er 12.000 m2 van het terrein met een houten dakbedekking overkapt. Deze houten kapconstructies worden door een stalen constructie gedragen. Ook de funderingen die over het algemeen tot een diepte van zes lagen dienden te worden opgegraven en afgebroken.

De te verwerken hoeveelheden materiaal zijn enorm. In totaal bestond de bebouwing uit 41.300 m3 beton, 65.400 m3 gewapend beton, 60.500 m3 metselwerk, 1650 m3 hout, 1600 m3 isoleringsmateriaal. Daarnaast nog ruim 2000 ton aan kunststoffen, olie en teer en enorme hoeveelheden dakbedekking, asbestcementplaten etc. Tot slot moet er ook nog ruim 17.000 ton staal en non-ferro metalen van het werk afkomen en moet er rond 1050 m3 sterk vervuilde grond worden afgegraven.

Case 1288

Na het neerhalen van de gebouwen heeft men sinds enkele weken drie zware Case 1288 hydraulische graafmachines ingezet om de grote puinbrokken en de funderingen met behulp van Krupp en Atlas Copco hydraulische breekhamers en een Vibra-Ram betonschaar te verkleinen en zodoende geschikt te maken voor de Brown-Lennox puinbreker. De Case machines zullen daarnaast worden ingezet voor het afgraven van de vervuilde gronden.

De breker, die o.m. uitgerust is met een magneetafscheider, verwerkt het materiaal verder tot drie korrelgrootten. Een groot deel van dit bewerkte puin wordt op het in te richten bedrijfsterrein hergebruikt als toeslagstoffen voor de aanleg van verhardingen en wegen. De rest wordt afgenomen door de wegenbouwindustrie in de omliggende gebieden.

Schouder aan schouder werken de drie Case 1288 hydraulische graafmachines, die o.m. uitgerust zijn met zware Krupp hydraulische breekhamers, om de enorme massa’s puin geschikt te maken voor verwerking in de breek-installatie.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels