nieuws

Midden en kleinbedrijf werkt steeds meer aan logistiek

bouwbreed

Logistiek denken en handelen is in de bouw bepaald nog geen algemeen goed. Onvoldoende bereidheid om daadwerkelijk veranderingen door te voeren, dus aan vernieuwing te doen, ligt hieraan te grondslag. Het Innovatiecentrum Midden- Nederland organiseerde met dit oogmerk en in samenwerking met enkele NVOB-afdelingen een aantal workshops. Deze werden inhoudelijk ondersteund door Bureau IB, dat gespecialiseerd is op het gebied van materieelbeleid en logistiek in de bouw. Uit de positieve reacties van de deelnemers kan worden vastgesteld, dat werken aan logistiek loont.

De logistieke kosten in de bouw, dat wil zeggen de kosten van het op de werkplek krijgen van materialen, zijn hoog. In de B- en U-sector worden ze geraamd op 25 tot 30 % van de totale produktiekosten (gerekend ‘af toeleverancier’).

Logistiek is er op gericht het produktieproces vlot en zonder storing te laten verlopen. Het bouwproces is echter erg gevoelig voor het ontstaan van stagnaties in de voortgang. Interval- en afstemverliezen tussen de diverse disciplines zijn hier debet aan.

Maar ook verliezen als gevolg van wijziging en herstel spelen daarin een belangrijke rol. In de bouw worden veel – in principe te vermijden – kosten gemaakt als gevolg van deze stagnaties. Kostenbesparing en kwaliteitsverbetering zijn mogelijk , door aanvoer en verwerking van materialen logistiek verantwoord aan te pakken en goed te beheersen en voortgangsproblemen in de produktie te voorkomen.

Workshops

Onvoldoende oog in de bouw voor logistiek , was voor het InnovatieCentrum (IC) Midden Nederland aanleiding, te bezien of een bijdrage kon worden geleverd daarin verandering te brengen. Daartoe werd naar mogelijkheden gezocht de kennis omtrent deze materie bondig en praktisch over te brengen aan een geselecteerde doelgroep van kleine en middelgrote aannemingsbedrijven. Dit waren bedrijven uit de woning- en utiliteitsbouwsector, gevestigd in het werkgebied van het in Utrecht gevestigde InnovatieCentrum.

De keuze van aanpak viel op workshops, een vorm van themagericht leren en werken, toegesneden op het individuele bedrijf waarbij de kennisoverdracht direct gericht is op de ondernemer zelf en zijn naaste lijn- en staffunctionarissen.

Inzicht

De workshops bestaan uit een doorlichtingsprogramma (zogenaamde audit) en twee bijeenkomsten met de deelnemers. De audit is bedoeld om inzicht te krijgen in de ‘logistieke positie’ van het deelnemende bedrijf en bestaat uit een soort checklist die, voorafgaand aan de eigenlijke uitvoering van de workshop, door de betrokken ondernemer wordt ingevuld.

Om de logistieke prestatie van een bedrijf te ke verbeteren is het van belang deze uitgangspositie te kennen.

De centrale doelstelling in de logistiek is het realiseren van een zo kort mogelijk en goed beheerst bouwproces. Dit kan bereikt worden via maatregelen op het vlak van de interne organisatie, de gebruikte hulpmiddelen en de inrichting van de bouwplaats. Maar ook de toe te passen werkmethoden en de relatie met toeleveranciers en onderaannemers zijn hier van belang.

De maatregelen moeten leiden tot een versteviging van de winstpositie, vooral als gevolg van minder faalkosten en lagere indirecte kosten en een verbetering van de kwaliteit van het eindprodukt.

Primair geredeneerd is dus de combinatie van snel en beheerst ‘kwalitatief goed’ bouwen met goede financiele resultaten, een belangrijke maatstaf voor het feit of een bedrijf, logistiek gezien, goed scoort.

Door beoordeling op eindprestatie, organisatie van het uitvoeringsproces en de organisatie van het beleid is vast te stellen of dat het geval is, respectievelijk of daarvoor de voorwaarden worden aangedragen.

Omdat in de audit ook de samenhang van logistiek met andere aspecten van de bedrijfsvoering tot uitdrukking komt, ontstaat een vrij algemeen beeld van de economische situatie van het bedrijf.

Aan de hand van het doorlichtingsprogramma is een beoordeling van elk afzonderlijk bedrijf gemaakt en de score van de bedrijven op de drie hoofdonderdelen vastgesteld. Op het onderdeel ‘Eindprestatie’ varieerden de scores van 40 tot 80 % en bedroeg het gemiddelde 62,8 %.

Opvallend was dat men in veel gevallen aangaf geen duidelijk beeld te hebben van het verschil in bouwtijd met andere bedrijven. Men kent op dit punt kennelijk z’n positie niet. Ook de financiele resultaten waren hier duidelijk van invloed op de magere gemiddelde score.

Onder het hoofd ‘Uitvoeringsproces’ komen aspecten als: transport op de bouwplaats, uitbestedingsbeleid, kwaliteit van de toeleveringen, procesbewaking, instructie en samenwerking op de bouwplaats en werkomstandigheden aan de orde. Over de hele linie scoorde men hier wat beter dan op het onderdeel ‘Eindprestatie’. Het gemiddelde bedroeg 68,1 %.

‘Transport op de bouwplaats’ (incl. bevoorrading) en ‘werkomstandigheden’ scoorden hier relatief het laagst. De gemiddelde score op het onderdeel ‘Structuur en beleid’ lag nog iets beneden die van ‘Eindprestatie’, namelijk op 60,3 %. Hier kwamen onderwerpen aan de orde als: strategische doelstellingen, beleidsuitwerking, relaties met derden, centrale taken binnen de onderneming en innovatie.

De score werd hier vooral negatief beinvloed door een gebrekkige strategische beleidsvorming en onduidelijke taakstellingen (o.a. inkoop) binnen de onderneming. De zekere consistentie in het scoreverloop over de drie onderdelen bevestigt de samenhang tussen deze onderdelen.

Knelpunten

Uit de workshopsessies is gebleken dat veel stagnatie, extra sjouwwerk en correcties van gerealiseerd werk is terug te voeren tot onbeheerste aanvoer en opslag van materialen. Maar ook het niet beschikbaar zijn van werktekeningen en het in laat stadium moeten doorvoeren van wijzigingen spelen hierbij een belangrijke rol.

Andere factoren zijn onvoldoende beschikbaarheid van transportmiddelen en gereedschappen en het onjuiste tijdstip van het aantreden van onderaannemers.

Veel van deze problemen vinden hun ontstaan in onvoldoende werkvoorbereiding. Enerzijds omdat te weinig met een logistieke bril op naar het uitvoeringsproces wordt gekeken anderzijds omdat de logistieke taken binnen de organisatie niet helder zijn benoemd en toegewezen. Er blijkt op dit punt nogal eens een spanningsveld te bestaan tussen ‘kantoor’ en werkvloer.

Verder geldt dat bij het inkopen van materialen onvoldoende wordt gekeken naar de mogelijkheden van ‘gedoseerde aanvoer’. Een heikel punt is de kwaliteit van de initiele informatie, waarmee wordt bedoeld de broninformatie om materialen gemaakt of geleverd te krijgen. In het midden- en kleinbedrijf komen nogal wat bedrijven voor die zich bezighouden met verbouwingen en uitbreidingen. Daarbij moeten in veel gevallen materialen worden besteld op basis van ‘opname in het werk’. Vaak gaan hier dingen fout.

Draaiboek

Logistieke problemen zijn in veel gevallen terug te voeren op gebreken in de aansturing van toeleveranciers en onderaannemers. Vooral bedrijven die vaak werkzaamheden uitvoeren die niet in een uitgebreid bestek met tekeningen zijn vastgelegd, hebben daar last van.

Er is duidelijk behoefte aan een systematische aanpak van dit probleem. Dit is aanleiding geworden om in samenwerking met een van de deelnemende bedrijven tot een plan van aanpak te komen, waarbij eerst de knelpunten worden geinventariseerd en vervolgens – voor de meest voorkomende werkzaamheden in het bedrijf – in een soort draaiboek wordt vastgelegd wat er aan voorbereidende actie ondernomen moet worden, wie dat moet doen en wanneer dat moet gebeuren.

De werkzaamheden zijn daarbij in beginsel geclassificeerd volgens de indeling van het STABU-bestek.

F.K. Hutters (links) en J. Bontekoe (rechts) van Adviesbureau voor materieelbeleid en logistiek in de bouw IB.

Essentieel voor een beheerst bouwproces is de zorg voor een goede interne organisatie, de juiste hulpmiddelen en optimale inrichting van de bouwplaats .

Met enthousiasme aan de slag

In de logistiek gaat het er vooral om oog te krijgen voor de zwakke plekken in organisatie en taakstelling, leidend tot de hier gesignaleerde problemen. In veel gevallen betekent dit dat men ingesleten gedrag moet gaan veranderen. Dat is niet altijd gemakkelijk omdat de steeds wisselende situatie in de bouw veel aanleiding geeft het bijltje er weer bij neer te gooien.

Tijdens de workshops bleven sommige bedrijven dan ook een zekere scepsis houden of die veranderingen wel te realiseren zijn. Anderen vonden daarentegen dat ze de zaken logistiek al behoorlijk op de rij hadden en dat er bij hen niet zo veel viel te verbeteren. De meeste bedrijven gaven echter blijk van een kritische instelling ten aanzien van hun functioneren op logistiek gebied en bleken duidelijk gemotiveerd om op basis van de aangereikte verbetermogelijkheden aan de slag te gaan.

“We hebben er veel van geleerd” was een veel gehoorde opmerking. Hoewel logistiek vooral een zaak is van lange adem omdat de veranderingen structureel dienen te worden doorgevoerd, is een deel van de kennis direct in de praktijk te brengen. Daarom was voorzien in de mogelijkheid om de opgedane kennis bij een in voorbereiding zijn project, of bij een in het bedrijf praktische wijze van werken, toe te passen. Een mogelijkheid dus om direct met logistiek aan de slag te gaan. Veel bedrijven maakten op enthousiaste en betrokken wijze van deze mogelijkheid gebruik.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels