nieuws

Hofje voor 55-plussers

bouwbreed Premium

Een belangrijk onderdeel van de merkwaardige gebouwen in stad of dorp vormen de hofjes of zoals ze in Friesland worden genoemd liefdesgestichten. We denken hierbij aan het Sint Anthony gasthuis, het Armenhuis en het Weeshuis in Bolsward. Zij waren een typisch verschijnsel van de sociale structuur van de maatschappij in vroeger eeuwen. De wat oudere vrouwen voor wie ze voornamelijk werden gebouwd, waren vaak afhankelijk van de mildheid van rijke mensen.

Verreweg de meeste hofjes zijn daardoor persoonlijke monumenten van weldadigheid geworden. Gevelstenen, gedenkborden, namen houden de herinnering aan de stichter of stichteres tot op de huidige dag levend. Er zijn in ons land in de loop der eeuwen al heel wat hofjes verdwenen omdat ze te bouwvallig werden. Een aantal van hen werd overgebracht naar nieuwe wijken waar zij aangepast aan de moderne eisen van de woningbouw, heel begerenswaardige semiwoningen vormen.

Een van de steden waar met grote zorg over de hofjes wordt gewaakt is Amsterdam. Er zijn ongeveer veertig historische hofjes, waarvan het Rozenhofje een van de belangrijkste is. Zo belangrijk dat er zelfs kort geleden een boekje over verscheen van H.W.P. Remmerts de Vries: 250 jaar Rozenhofje Wonen op een hofje (Six Art Promotion BV Amsterdam). Het Rozenhofje, Rozengracht 147-181, werd in 1740 gebouwd op de plaats waar eerst ‘de Nieuwe Doolhof’ een attractie vormde tot deze in 1717 ten onder ging. Op 30 augustus 1740 overleed de houtkoper Jan de Jager die bij testamentaire beschikking bepaalde ‘dat uit zijn nalatenschap zouden worden gekocht of gebouwd bijeengevoegde woningen voor behoeftige, eerlijke en in zonderheid bedaagde en oude lieden, die men daar om niet moest laten wonen’.

In 1743 waren vijf huisjes van het Rozenhofje dat naar een weduwe werd genoemd tot CCn geheel gevormd. Elk huisje had een bovenkamer, zodat er in het geheel tien ‘welbetimmerde’ woningen waren die op 10 mei 1744 betrokken konden worden. In de loop der jaren werd het mogelijk door schenkingen en legaten het hele terrein te kopen. In 1790 kwamen er zes huisjes bij en door een schenking van regent Anthony du Pluis werden 12 woningen ingericht tot regentenkamer. Later kwamen er nog woningen bij zodat men in 1824 beschikte over 28 woningen voor 38 bewoners.

De bewoonsters waren van verschillende Protestantse gezindten, zoals nu nog het geval is, terwijl echter buitenkerkelijken ook werden opgenomen. In 1756 kreeg iedere bewoner eeneenvierde kwart zak rogge en in 1850 werd 20 ton turf verstrekt, per week drie tarwebroden en met Kerstmis grutterswaren.

Er is in de loop der jaren niet veel aan het Rozenhofje veranderd. Een oude pomp vormt het middelpunt van de tuin die uit vijf bleekvelden bestond. Na de afbraak van een zandstenen toegangspoort in 1884 werd een nieuw voorgebouw aangebracht.

Het aantal van 55 huisjes werd teruggebracht tot 28. In de jaren tachtig onderging het Rozenhofje een ingrijpende restauratie die echter het uiterlijk niet heeft aangetast.

Nu wordt dit unieke hofje, waarvan de regentenkamer op schriftelijk verzoek bezocht kan worden, bewoond door vrouwelijke 55 plussers. Men geniet hier vrij wonen, vrij licht en centrale verwarming. Tussen tien en elf uur moeten de bewoners binnen zijn, waarop de toegang wordt gesloten. Uitzonderingen zijn mogelijk. Vroeger waren er strenge bepalingen tegen het gebruik van vuur. Een van die bepalingen vindt u nog op een oud bord in de gang: ‘Ieder zal zeer zorgvuldig acht geven op Vuur en Licht en derhalve nooit eenige doove-kolen of asch in houten bakken of manden moge doen, maar alleen in Steenen, ijzeren en koperen vaten en niemand zal immer met Vuur of Licht, tenzij in eene Lantaarn, naar de eersten of tweeden Zolder mogen gaan op verbeurte van vier gulden”.

Zo ver zal het tegenwoordig niet meer komen want de bewoonsters beschikken over centrale verwarming! Een blik op het Rozenhofje.

Reageer op dit artikel