nieuws

Voorzitter Duitse prefab: uitkijken met investeren

bouwbreed Premium

De voorzitter van het Bundesverband Deutsche Beton- und Fertigteilindustrie (BDB) eV, dipl.-ing. R. Werle, verzoekt de leden dringend af te zien van investeringen in uitbreiding van de produktiecapaciteit, als er geen diepgaand marktonderzoek aan vooraf is gegaan. “Slechts op die manier zijn mislukkingen met de daaruit voortvloeiende negatieve gevolgen te voorkomen.”

Werle zei dit op de jaarvergadering van de BDB te Keulen. Hij verzette zich tegen de tendens tot prijsconcurrentie in de prefab beton-branche. “Wij ondernemers moeten in een krapper wordende markt bereid zijn eerlijk te concurreren. Er zijn veel mogelijkheden, zoals kwaliteitsverhoging op alle niveaus en betere dienstverlening aan de klanten”, aldus Werle.

In 1993 is de produktie van de Duitse prefab betonindustrie met 10 % gestegen. De resultaten in 1994 tot nog toe zijn bevredigend. Voor de komende jaren ziet Werle in het bijzonder kansen voor de prefab beton-branche in de woningbouw. Bovendien kan het “immense prive-vermogen” in Duitsland gebruikt worden voor poen in de utiliteitsbouw, weg- en waterbouw en milieubescherming. Volgens Werle kan de prefab betonindustrie dan zorgen voor een behoorlijk aantal nieuwe arbeidsplaatsen.

Structuurwijziging

Op de jaarvergadering besloten de leden tot een ingrijpende structuurwijziging van het Bundesverband. Het bestuur bestaat voortaan uit een voorzitter, twee vice-voorzitters en de voorzitters van de regio’s, de twee aangesloten vakverenigingen (FBS en FDB) en de organisaties voor kwaliteitsbewaking. De verkiezingen zijn niet meer eens in de twee, maar eens in de drie jaar. Er worden vakgroepen en werkgroepen gevormd, waarin meer efficient gewerkt kan worden en die een meer direct contact hebben met het bestuur. De eerste vakgroepen zijn opgericht voor vloeren en wegenbouw. Een van de werkgroepen betreft de bedrijfseconomie. Deze werkgroep heeft onlangs objectieve gegevens over de verhouding tussen de ondernemers en de leveranciers van machines en installaties verzameld.Uit het verslag van de werkgroep bedrijfseconomie blijkt, dat Duitse fabrikanten van prefab betonprodukten in 1992 gemiddeld DM 2,5 miljoen hebben besteed aan machines en installaties, waarvan 37,44 % voor uitbreiding van de produktiecapaciteit, 34,42 % voor rationalisering, 22,55 % voor vervanging en 5,59 % voor milieubescherming. Van de fabrikanten was 63,2 % tevreden met het advies van de machinebouwer, 85,3 % was tevreden met de prijs en 68,5 % was tevreden met de leveringstermijnen. Van alle machines en installaties werd 56 % op tijd en 44 % te laat geleverd. De vertraging bedroeg meestal vier tot acht weken, in een enkel geval twintig weken. Bij 34 % van de nieuwe machines en installaties kwamen gebreken aan het licht. Daarvan werden 48,9 % snel, 37,8 % pas na aandringen en 13,3 % helemaal niet door de leverancier hersteld.

Reageer op dit artikel