nieuws

Hoekprofielen in buitengevels

bouwbreed Premium

Gegalvaniseerde hoekprofielen zijn in het algemeen minder geschikt om in buitengevels te worden verwerkt. Maar als die nu in het bestek zijn voorgeschreven, moet de aannemer zijn opdrachtgever dan niet waarschuwen voor de risico’s ervan? Nee, zover gaat de waarschuwings- plicht van de aannemer nu ook weer niet.

Dat besliste althans de arbiter van de Raad van Arbitrage voor de Bouwbedrijven in december van het vorig jaar toen hij moest oordelen over de vraag of de aannemer, die in 1987/88 een met die hoek profielen versierd’ huis had gebouwd, aansprakelijk was voor de schade, die zich enige jaren na de oplevering ging openbaren.

Opvallend in deze zaak was, dat het ontwerp voor dit woonhuis af komstig was van een tweetal architecten, die ook de directie voerden en volgens de aannemer ook dagelijks op het werk aanwezigwaren. Dat was vooral van belang voor de vraag of zij gezien had den, dat de aannemer de hoekprofielen aan de buitengevels vastzet te met kalk of gips. Onvoldoende toezicht van de directievoerende architect leidt im mers volgens de Raad van Arbitrage tot een ”verbreking van hetoorzakelijk verband tussen de oorzaak van de schade en de schadezelf”.

Omdat dit verband vereist is voor het aansprakelijk zijn van de veroorzaker van de schade zou in dit geval de aannemer de gevelschade niet behoeven te vergoeden.

Aan de opdrachtgeverzou dan de schuld toegerekend’ worden, zodat hij de schade zelf te dragen zou krijgen. Hier was die, omstreden, opvatting niet in het vonnis neergelegdwant de arbiter vond dat door de aannemer onvoldoende was aangetoond, dat de directievoerende architecten elke dag op het werk aanwezig waren geweest en met name getuige waren geweest van hetaanbrengen van de hoekprofielen.

De aannemer had die niet met cementspecie aangebracht. Dat zou weinig problemen hebben opgeleverd omdat specie een enigzins conserverende werking heeft, zodat er niet snel roestvormingzal optreden. Maar met kalk of gips wordt vocht gemakkelijker opgenomen en vastgehouden, zodat de zinklaag van de profielen in een versneld proces corrodeert. En zo roest het profiel steed verder weg. Dat zag ook de arbiter toen hij het huis ging inspecteren, maar hij constateerde ook dat de problemen zich niet overal voordeden. Alleen aan de noordgevel kon hij roestvorming constateren; aan de overige gevels was niets te zien en zelfs de noordgevel van de garage vertoonde geen enkel gebrek. Daarom kwam de arbiter tot de slotsom dat het niet waarschijnlijk was, dat alle aangebrachte hoekprofielen aan het roesten waren. Dat zou immers op veel meer plaatsen zichtbaar moeten zijn, want de oplevering had al vijf en een half jaar eerder plaatsgevonden.

Hij wilde, dat alle hoekprofielen steekproefsgewijs onderzocht zouden worden. Die hoefden dus niet allemaal volledig blootgelegd te worden; bij ieder hoekprofiel moest op een niet zicht baar aangetaste plaats een steekproef gehouden worden. Als daarbij roestvorming aan het licht kwam, diende het hele hoekprofiel te worden vervangen.

Dat gold natuurlijk ook voorde al blootgelegde profielen die al zichtbaar roestvorming vertoonden. Hoe die vervanging diende te geschieden, schreef de arbiter heel gedetailleerd voor: na het verwijderen van het verzinkte hoek profiel en van de kalk /gipslaag moesten nieuwe roestvast stalen hoekprofielen worden vastgezet in met kunsthars gemodificeerdecementmortel. Daarna diende de ondergrond te worden hersteld met zand/cementmortel, waarbij de aansluiting met het bestaan de stucwerk zodanig moest worden afgewerkt, dat de reparatie niet zichtbaar was.

Tenslotte moest er een waterdichtmakende oppervlaktebehandeling plaatsvinden, die tevens het effect zou hebben dat de oude en de nieuwe lagen nagenoeg onzichtbaar op elkaar zouden aansluiten.De kosten van dit herstel dienden in principe voor rekening van de aannemer te komen omdat het aanbrengen van de hoekprofielen met kalk of gips als een uitvoeringsfout van de aanne mer moest worden aangemerkt.

De waterdichtmakende oppervlakte behandeling diende echter in redelijk- heid voor rekening van de opdrachtgever plaats te vinden, omdat hij had nagelaten sinds de oplevering ook maar enig onderhoud aan het stucwerk van de gevels te verrichten. Ook het verschil in kostprijs tussen de gegalvaniseerde en de roest-vaststalen hoekprofielen kwam natuurlijk voor rekeningvan de opdrachtgever, omdat die een kwaliteitsverbetering in vergelijking met het bestek inhielden.

Het verweer van de aannemer, dat hem nog de meeste kans bood omonder de aansprakelijkheid voor de herstelkosten uit te komenhielp hem niet.

Hij had betoogd, dat zijn opdrachtgever de redelijke termijn waar binnen een beroep moet worden gedaan op deverborgen gebreken regeling van de U.A.V. had overschreden door daarmee vier maanden te wachten. Dat was in dit geval niet te lang vond de arbiter, die bij dat oordeel rekening hield met het feit, dat de belangen van de aan nemer door dat wachten niet geschaad waren.

(BR 1994 p. 236)

Reageer op dit artikel