nieuws

‘Afkijken mag!’

bouwbreed Premium

Met de titel ‘Afkijken mag!’ -vroeger heette dat een ludieke titel- is vorige maand een rapport verschenen dat de (onderzoeks) relatie schetst van het ministerie van VROM met de grotere onderzoeksinstellingen en een aantal universiteiten. Een lezenswaardig werkje dat tot stand is gekomen mede op basis van een kleine honderd vraaggesprekken met direct betrokkenen binnen en buiten VROM.

Waar u (en ik) in geen jaren en jaren bij hebben stil gestaan is het feit dat er geen beleidsterrein van welk ministerie kan zijn of het wordt tot op het bot besnuffeld al dan niet onder toezicht van hooggeleerde professoren, die daaraan een uiterst redelijke -en goed gestoffeerde- boterham verdienen. ‘Afkijken mag!’ heeft uitgewezen dat VROM op dit gebied bij de rijksoverheid tot de toppers behoort met zo ongeveer f. 225 miljoen per jaar, een bedrag dat niet de neiging heeft in de toekomst lager uit te vallen.

Logisch dan ook dat onderzoekers en professoren tevreden zijn over de omvang van de jaarlijkse opdrachtenstroom – nochtans, mag het een onsje meer zijn – en geen klacht over de lippen ke krijgen over beheeraspecten – zijnde opdrachtverlening, begeleiding en afsluiting door de opdrachtgever. Wat blijkt namelijk? De contacten tussen universiteiten en onderzoekers zijn niet systematisch en het ontbreekt bij VROM aan in- en overzicht als het gaat om onderzoeken die zijn verricht, onderzoeken die zijn opgedragen en onderzoeken die in uitvoering zijn.

In simpel Nederlands heet dat: weinig zorgvuldig.

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiene (RIVM), de Nederlandse Organisatie voor Toegepast Natuurwetenschappelijk Onderzoek (TNO) en de Nederlandse Organisatie voor Energie en Milieu (NOVEM) staan bij VROM in een goed financieel blaadje. In 1992 kregen zij resp. f. 50, f. 29 en f. 30 miljoen gulden betaald voor hun VROM-gerichte activiteiten. Daarmee is de hoorns des overvloeds overigens nog lang niet leeggeschud, want ook onderzoeksinspanningen bij universiteiten worden beloond. Het Directoraat-Generaal Milieubeheer van Marius Enthoven (DGM) betaalde in een jaar een kleine f. 5,5 miljoen aan professoren en onderhorigen daarvan, de Rijksplanologische Dienst van Hanne Kroese (RPD) boekte krap f. 1 miljoen gulden over, en de Rijksgebouwendienst van Frans Evers (RGD) gireerde precies een ton. Dat geld is en was bestemd voor de financiering van zogeheten leerstoelen bij universiteiten. Niet minder dan vijf professoren bij de Technische Universiteit Delft -prof. ir. J.H. Kop, prof. dr. ir. G.M. van Rosmalen, prof. ir. J.C. Brezet, prof. ir. drs. S.C.M. Menheere en prof. ir. W.H. Vos- staan op het loonlijstje van het VROM-onderzoeksbudget. Dat geldt ook voor prof. dr. P. Glasbergen bij de Rijks Universiteit Utrecht, prof. H. ter Heide van dezelfde onderwijsinstelling en de gepensioneerde directeur-generaal van de RPD, prof. mr. Jenno Witsen, die bij de Katholieke Universiteit Nijmegen de leerstoel Toepassingen in het ruimtelijk beleid van wetenschappelijk onderzoek warm houdt.

Ervan uitgaande dat ‘Afkijken mag!’ ook overnemen inhoudt, tot slot nog wat financiele cijfers. Zo blijkt dat premier Lubbers vorig jaar niet meer dan f. 1,8 miljoen voor onderzoek overhad, Koos Andriessen (Economische zaken) ruim f. 900 miljoen gulden uit de knip trok, Hanja Maij-Weggen (Verkeer & Waterstaat) de f. 200 miljoen royaal passeerde en WVC’s Hedy d’Ancona voor ruim f. 150 miljoen haar beleidsterreinen voldoende onderzocht vond.

Voor alle duidelijkheid: er is en wordt algemeen onderzoek verricht (middellange en lange termijn) innovatief onderzoek, strategisch onderzoek en toepassingsgericht onderzoek. U weet dus waar u terecht kunt.

Reageer op dit artikel