nieuws

Tunnel Betuwelijn kost hoogstens 1,5 mld meer

bouwbreed

Het aanleggen van de Betuwelijn in een tunnel hoeft niet veel duurder te zijn dan bovengrondse aanleg. Rijkswaterstaat beraamt de kosten van ondergrondse aanleg op f. 13 miljard, de stuurgroepVan Engelshoven denkt aan een bedrag van minstens f. 13- maar zeker f. 15 miljard. Maar prof.Van der Hoorn van de TU Delft, uitvinder van een nieuwe boormethode, blijft bij zijn mening dat de aanleg van een tunnel niet veel duurder hoeft te zijn dan bovengrondse aanleg.

Minister Maij verwees ondergrondse aanleg vanwege die hoge kosten naar het rijk der fabelen. En dat CDA en PvdA afzien van een tunnel omdat dat twee keer zo duur zou zijn dan bovengrondse aanleg, is volgens Van der Hoorn dan ook onzin.

Hij heeft sowieso weinig vertrouwen in de geloofwaardigheid van de conclusies van de door Maij ingestelde stuurgroep-Van Engelshoven. Van der Hoorn: ‘Het kan bijna geen toeval zijn dat alle alternatieven voor bovengrondse aanleg van de Betuwelijn slechter en duurder uitvallen.

Ook het feit dat de stuurgroep zegt dat aanleg in een verdiepte bak (het V-polder alternatief van de provincie Gelderland) de geluidshinder nauwelijks zal verminderen, is natuurlijk niet geloofwaardig.

Dat zou betekenen dat we onmiddellijk moeten stoppen met investeren in geluidsschermen en geluidswallen.’ Prof. Van der Hoorn is nog steeds teleurgesteld over de conclusies van de stuurgroep-Van Engelshoven. De hoogleraar hield kort na de presentatie van het rapport, enkele weken geleden, zijn kruit nog droog. Hij wilde eerst goed bekijken hoe de conclusies tot stand waren gekomen. Maar dat de groep een ‘te snel en te vergaand’ oordeel heeft geveld, is hem inmiddels wel duidelijk.

Venijn

De kritiek van de stuurgroepvoorzitter op de door Van der Hoorn ontwikkelde boormachine, was vernietigend. Weliswaar had Van Engelshoven lof voor de ‘conceptionele hersengymnastiek’, maar hij vroeg zich af of de machine wel ooit zou ke werken. Van der Hoorn: ‘Er zit een behoorlijk venijn in de conclusies van Van Engelshoven als hij zegt dat de techniek niet verder ontwikkeld hoeft te worden.

Het is overigens opvallend dat werkelijk alle alternatieven voor bovengrondse aanleg slechter en duurder uitvallen.”

De hoogleraar bestrijdt de opvatting van de stuurgroep dat ondergrondse aanleg van de Betuwelijn f. 13- tot f. 15 miljard zou kosten. ‘Dat is zeker niet het geval. Dat zou het kosten met de huidige boortechnieken en machines.’ Volgens Van der Hoorn zal na een periode van onderzoek blijken dat de kosten van de nieuwe boormethode hooguit f. 1 a f. 1,5 miljard hoger uitvallen dan de f. 6,2 miljard waarmee het kabinet nu rekening houdt.

In ieder geval ruim minder dan f. 10 miljard.

Daarmee komt Van der Hoorn overigens nu zelf ook op een hoger bedrag uit dan aanvankelijk door de provincies en gemeenten langs het trace van de Betuwelijn naar buiten werd gebracht. De bestuurders zeiden dat ondergrondse aanleg via de methode-Van der Hoorn maar f. 5 miljard zou kosten.

‘Maar dat waren de kosten van de kale tunnelbuizen, de rails en drie bovengrondse aansluitingspunten. Het programma van eisen van de Nederlandse Spoorwegen was er nog niet in doorberekend’, aldus Van der Hoorn.

Het oordeel van Rijkswaterstaat -onderdeel van het ministerie van verkeer en waterstaat- over de nieuwe boortechniek, is positiever dan dat van de door Maij ingestelde stuurgroep. Aanleg met de methode-Van der Hoorn zou zelfs iets goedkoper zijn dan een tunnel aangelegd met de huidige technieken. De ingenieuren van Rijkswaterstaat moedigen verder onderzoek naar de methode-Van der Hoorn aan, maar vinden de methode nog niet rijp voor toepassing bij een grootschalig po als de Betuwelijn.

Risicos

Van der Hoorn onderschrijft deze visie. ‘We zullen de risicos die nog aanwezig zijn moeten terugdringen. Tot die tijd is het niet verantwoord in dit stadium definitief te besluiten tot ondergrondse aanleg.

Pas na onderzoek is duidelijk of en op welke wijze de risicos zijn teruggedrongen. We ke de problemen zeker overwinnen maar of dat op tijd is voor de Betuwespoorlijn?’ Van der Hoorn zegt niet graag in de schoenen van de politici te staan die in november een besluit willen nemen over aanleg van de goederenspoorverbinding. ‘Het is en blijft een probleem grootschalige infrastructuur nog boven de grond aan te leggen. De techniek van tunnelboren zou daarom een enorme stimulans moeten krijgen. Met onze boormachine hebben we een uniek exportprodukt in handen. Alle onderdelen zijn bekend, maar de combinatie ervan is uniek. Als de octrooi-aanvraag wordt gehonoreerd, en die kans is heel groot, ke onze aannemers goedkoop van de boortechniek gebruikmaken.’

Ruimtevaart

De kans dat de vinding van Van der Hoorn verder wordt ontwikkeld, is mede afhankelijk van de te verwachten reacties. Van der Hoorn komt zelf over een aantal weken met een officiele reactie op het rapport van de stuurgroep Van Engelshoven. Daarin hoopt hij duidelijk te maken dat de machine wel degelijk kan functioneren.

‘In het verleden is meerdere malen bewezen dat processen aan elkaar gekoppeld ke worden. Bij ons gaat het nou eenmaal anders dan in Amerika. Daar zei men: voor 1970 moeten we een man op de maan hebben. Ho`e we het moeten doen weten we niet.

Als je zon stelling poneert, trek je een schat van expertise aan uit het bedrijfsleven. Iedereen wil aan de ontwikkeling van de ruimtevaarttechniek meewerken. Uiteindelijk hadden ze in 1969 de eerste man op de maan.”

1) Dora Rovers is redactrice van het ANP.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels