nieuws

Nieuwe bouwlocatie Leiden nog onzeker door kosten

bouwbreed

De gemeente Oegstgeest wil best meewerken aan de bebouwing van de voornamelijk op haar grondgebied liggende Broek- en Simontjespolder ten behoeve van de krap in bouwlocaties zittende gemeente Leiden, maar niet tegen elke prijs. Aldus wethouder H.A. Rijks van Oegstgeest in een reactie op de uitkomst van een haalbaarheidsstudie naar de bebouwingsmogelijkheden door Inbo Adviseurs in Woudenberg.

Woningbouw Gerrit van Oosten Onderzoek naar de mogelijkheden werd door de provincie nodig geacht omdat deze polder weliswaar in het streekplan Zuid-Holland West als reserve-locatie is aangeduid, maar de woningbehoefte nogal wat groter blijkt te zijn dan enige jaren geleden werd aangenomen.

Volgens Inbo, die verschillende varianten heel globaal doorrekende, is bebouwing van de polder met 1000-1400 woningen ‘in financieel-economische zin slechts haalbaar met acceptatie van een financieel tekort zelfs na aftrek van de te verwachten grondkostensubsidie’. De aanvraag voor die locatiesubsidie moet voor eind van dit jaar bij het ministerie van VROM liggen.

Het tekort bij een maximale subsidie zal dan nog altijd zon f. 10000 per woning bedragen. Dat komt vooral door de infrastructurele werken, die voor de ontsluiting van deze polder richting Leidse Merenwijk en Warmond nodig zijn.

De nieuwe, autoluwe wijk, zou via een tunnel aansluiting krijgen op de Leidse Merenwijk ter hoogte van een te bouwen station Leiden-Noord.

Overigens zijn die tienduizend gulden per woning, die men op de exploitatie tekort komt al evenmin hard. Volgens Inbo zal men tenminste een marge van 15 tot 20% aan moeten houden.

Onzekerheden

Dan is het met de onzekerheden overigens nog niet gedaan.

Een globaal bodemonderzoek heeft aangetoond dat hier en daar lichte verontreinigingen voorkomen. Onduidelijk is wat de saneringskosten zullen bedragen. Ook over de verwervingskosten van de gronden heeft men geen duidelijk inzicht.

En al evenmin zijn de kosten van inpassing van de regionale woonwagenlocatie meegewogen.

Omdat ook niet bij voorbaat vaststaat dat de maximale locatiesubsidie van het rijk kan worden verkregen, geeft Inbo zelf al aan te zoeken naar ‘aanvullende kostendragers’ dan wel over te gaan tot versoberingen bij de invulling van het plan. Getracht kan worden een deel van de subsidie te verkrijgen, die het rijk verstrekt voor het autovrij realiseren van een woonwijk hoewel het hier slechts om autoluw bouwen gaat.

Meer vrije sector-woningbouw in duurdere categorieen is een andere suggestie, hoewel dat slechts een geringe bijdrage kan leveren. Ook een meeropbrengstdoor meer kantoorbouw toe te staan werkt marginaal.

Andere ‘besparingen’ zijn te verkrijgen door stedebouwkundige verdichtingen, het rekening houden met een hoofdaansluiting in plaats van twee en het bekorten van het totale uitvoeringstraject om renteverliezen zo klein mogelijk te houden.

Dat laatste zou ook al weinig zoden aan de dijk zetten omdat men in 1997 al de eerste paal voor woningbouw de grond in wil ke slaan.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels