nieuws

RWS: uitbaggeren vaargeul Westerschelde onverantwoord

bouwbreed

Het steeds maar uitbaggeren van de vaargeul om de Westerschelde op diepte te houden, zou een economische en ecologische miskleun van de eerste orde zijn. Het versterkt alleen maar het dichtslibben, zal een steeds grotere investering vergen en op den duur leiden tot het einde van de monding (estuarium) en het verdwijnen van de scheepvaartweg.

Dit schrikbeeld schetste hoofdingenieur directeur H. Saeijs van Rijkswaterstaat Zeeland op een symposium over de Westerschelde in Vlissingen.

Hij wees erop dat het Seineestuarium ondanks kostbare investeringen in een eeuw is vernietigd. Dat proces is volgens hem ook voor de Westerschelde in gang gezet.

Ontpolderen, het teruggeven aan de rivier van polders, is volgens hem de manier om achter in het estuarium voor meer vloed te zorgen, waardoor de vaargeul op een natuurlijke wijze op diepte blijft.

Het ontpolderen zou volgens Saeijs wel geleidelijk moeten gebeuren. Het symposium in Vlissingen was georganiseerd door de Hoge School Zeeland in Vlissingen ter introductie van de nieuwe studierichting die watermilieu-ingenieurs moet voortbrengen. Zij ke volgens Saeijs bij het vinden van economisch en ecologisch verantwoorde oplossingen voor verzanding, vervuiling en verzilting van het Scheldeestuarium een belangrijke rol spelen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels