nieuws

‘Nieuw- naast oudbouw kan confronterend zijn’

bouwbreed

Fons Asselbergs, ex-wethouder van Ruimtelijke ordening, volkshuisvesting en stadsontwikkeling van Amersfoort, lijkt zich nog moeilijk van zijn stad los te ke maken. Hoewel de PVDA-er met ingang van 1 mei de functie van directeur van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg gaat bekleden en hij alle officiele gelegenheden rond zijn afscheid inmiddels achter de rug heeft, blijft hij consequent “we’ en “wij” zeggen als hij over de toekomst van Amersfoort praat.

Asselbergs is veertien jaar wethouder van Amersfoort geweest. In die jaren was hij de drijvende kracht achter grootse plannen en ging Amersfoort over de magische grens van 100000 inwoners in. Er breekt nu een tijd aan waarin kan worden geoogst. Zo is er het befaamde Centrumplan waarin wordt uitgegaan van een vernieuwing en verstedelijking van de binnenstad. Dit f. 1,7 miljard kostende plan, dat onder meer de bouw van 2000 woningen, 20000m2 winkeloppervlakte en 175000m2 kantorenruimte omvat, is goedgekeurd en kan worden uitgevoerd.

Asselbergs is altijd de man achter dit plan geweest, dat overigens grote kritiek vanuit de bevolking kreeg. Nu dus eindelijk kan worden begonnen met oogsten heeft de wethouder zijn jas aangetrokken.

“Kijk” , zegt hij, terwijl hij er even goed voor lijkt te willen gaan zitten, “de stad is nooit af. Dat is natuurlijk een open deur, maar het is wel de waarheid en dat brengt tevens de vraag naar voren:Wanneer moet je weggaan. Voor wat betreft het Centrumplan zit mijn werk er grotendeels op.

Het programma-ontwerp is klaar, de raad heeft er mee ingestemd en ook de financiele onderbouwing is rond. Dus?

…” Wat heb ik er nog te zoeken? “Inderdaad” .

Gevolgen Toch blijkt duidelijk uit zijn woorden dat hij nog niet los is van zijn inmiddels oude functie en ‘zijn’ stad Amersfoort. Dat wordt pas echt

delijk wanneer hij het heeft over Kattenbroek, de uitbreidingswijk van Amersfoort. “Wij (!) proberen daar het wonen en werken in de wijken weer terug te brengen. Het ruimtelijk ordeningsbeleid dat in de jaren zestig en zeventig is gevoerd is altijd teveel op het splitsen van wonen en werken gericht geweest.

Dat was niet goed. Daardoor ontstaan er te eenzijdige wijken met alle sociale gevolgen van dien. In Kattenbroek proberen wij dat wonen en werken te integreren door woningen met kantoorruimtes te bouwen. In dit kader kan ook het streven om in de binnenstad weer woningen te realiseren worden gezien. Wonen en werken bij elkaar.”

Het zijn in zijn ogen ook de sterke punten van het Centrumplan. “In wezen maak je een kwaliteitskaart die je toetst op economische-, sociale- en culturele factoren. Valt een van deze drie factoren weg dan valt het hele plan in het water.”

Ziel Asselbergs zegt met alle plannenmakerij slechts een doel voor ogen te hebben gehad en dat was de ziel in de binnenstad terugbrengen. “Amersfoort moet Amersfoort blijven.

Maar de binnenstad is niet alleen het hart, maar ook de ziel van een stad. En dat moet in Amersfoort terugkomen. En met het centrumplan gebeurt dat ook. Daar ben ik van overtuigd.”

Overtuigd is Asselbergs ook van een vooruitstrevend volkshuisvestingsbeleid en de rol die woningcorporaties daarbij innemen. Hij is een fervent aanhanger van ‘de club’ van H.

van de Broek, directeur van de Amersfoortse woningcorporatie SCW.

Deze corporatie heeft, zoals bekend, de stichting Latei opgericht met als doel in den lande lucratieve poen uit te voeren om vervolgens de winst naar de woningcorporatie door te sluizen. Met die extra gelden ke de volkshuisvestingstaken worden uitgevoerd.

“Een uitstekende manier van werken” , aldus Asselbergs. Hij geeft wel toe in het begin de nodige twijfels te hebben gehad.

“Toen Van de Broek er mee kwam heb ik wel bij hem aangedrongen dat het allemaal volgens de regels moest zijn.

Om zeker te weten of het wel koosjer was, heb ik vervolgens VROM gevraagd het uit te zoeken. Na een maand of zes kreeg ik het bericht dat de SCW en Latei volgens de geldende regels opereerden” .

Boos Aan de andere kant zegt hij de boosheid van de Zwolse wethouder mevrouw Meindertsma, die bijkans in de gordijnen vloog toen bleek dat Latei volgens haar voor veel te veel geld gronden in uitleggebieden van de stad Zwolle had gekocht, te ke begrijpen. “Terecht dat je dan boos bent. Ik vind ook dat Van de Broek dat anders had moeten aanpakken.

Dat heb ik hem ook gezegd. Hij had ook wat voor Zwolle moeten doen. Ik denk dan bijvoorbeeld aan het uitvoeren van minder aantrekkelijke poen. Maar goed, het kwaad was al geschied. Waar Meindertsma nu voor pleit, het voor keursrecht voor gemeenten ook voor uitleggebieden te laten gelden, is natuurlijk een punt. Aan de andere kant, grondbeleid voor buitengebieden is een moeilijk probleem waar in ’76 het kabinet Den Uyl/Van Agt over is gestruikeld. Sindsdien is het in politiek Den Haag ‘not done om daarover te praten.”

Brutaliserend Met ingang van 1 mei zetelt Asselbergs in Zeist als directeur voor de Rijksdienst van Monumentenzorg. “Ik heb mij ruim vier maanden op deze functie ke voorbereiden.

Ik ben er van overtuigd dat ik er binnen de kortste keren in zit. Monumentenzorg is ook een belangrijk onderwerp, zeker in een moderne stad waar bijvoorbeeld aan oude monumentale gebouwen een nieuwe bestemming moet worden gegeven. Of naast monumenten nieuwe gebouwen. Wanneer dat gebeurt dan vind ik dat het wel confronterend mag zijn, maar zeker niet brutaliserend.

Men mag zich er nooit aan ergeren. Gebeurt dat wel, dan is het niet goed geweest…”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels