nieuws

Freischwinger van Stam opnieuw gedocumenteerd

bouwbreed

De Nederlandse architect Mart Stam ontwikkelde in 1926 een stoel zonder achterpoten, zoals die vooral de laatste tien jaar in trek was bij een groot publiek. Het eerste prototype van stukjes pijp met kniestukken voor haakse hoeken, exposeerde Mart Stam in zijn woningen in de Weisenhofsiedlung in Stuttgart. Hing het ontwerp nu in de lucht binnen de moderne beweging of werden ideeen uitermate rap van elkaar ‘geciteerd’?

Mart Stam moet het prototype van de eerste stoel voor zijn vrouw ontworpen hebben. De ontwerp- en bouwprocedure voor de modelwijk geindustrialiseerde woningbouw in Stuttgart was uitermate kort. Gedurende een openstelling voor het publiek werden er woningen gemeubileerd getoond.

Een woning van Stam met houten Thonetmeubelen, een andere met toen uiterst modern aandoende meubels van stalen buis.

Mart Stam toonde hier zijn eerste achterpootloze stoelen:een zeg maar eetkamerstoel en een fauteuil. De eerste stoel was ontwikkeld uit tien stukken gasbuis van gelijke lengte die met kniestukken in haakse bochten waren samengebracht toch een sleevormig stoelframe. Het onderste gedeelte omsloot zo in grote lijnen de ribben van een kubus.

In het nu verschenen boek ‘Eind Stuhl macht Geschichte

schreven Werner Moller en Otakar Macel opnieuw de geschiedenis. Vooral de laatste auteur heeft zich in ons land intensief met de Freischwinger beziggehouden en daar veel over gepubliceerd in binnen- en buitenland. Daar bestond overigens alle reden toe.

Want gelijktijdig met Stam zijn eerste Freischwinger stond in de woningen van dezelfde wijk van Ludwig Mies van der Rohe een bijzonder elegante versie. Mies boog de bei de voorpoten tussen slede en zitting met een ronding tot een elegant frame van vernikkelde stalen buis met een wat ruimere diameter en zitting en leuning van leer. Daarnaast bestond nog een tweede luxere versie met zijleuningen van buis.

Hing de idee van de Freischwinger onder architecten van het Nieuwe Bouwen nu in de lucht of niet? Er moet nogal wat research nodig zijn geweest om in een alinea samen te vatten, hoe Stam zijn idee voor de stoel op een feestdiner op een kaart schetste, die kaart vervolgens via een omweg bij de eveneens aanzittende Mies terechtkwam, die vervolgens snel een eigen versie ontwikkelde.

Allang was bekend, dat ook Marcel Breuer een Freischwinger ontwikkelde die behoudens enkele ondergeschikte details nog veel meer op de stoel van Stam leek. Maar Breuer voegde weer iets nieuws toe aan het ontwerp:een houten rug en zitting met daarin opgenomen vlechtwerk van riet. Deze versie was niet onlogisch omdat Breuer het ontwerp voor Thonet uitwerkte, die met de gebogen houten stoelen veel ervaring met zulke zittingen had.

Er zijn jarenlang rechtzaken gevoerd over het recht om de stoel te produceren. Beide typen worden nog steeds gemaakt, waarbij het ontwerp van Mart Stam uiteindelijk bij Thonet terecht kwam. De lawine van deze stoelen die enkele jaren geleden in de grotere meubelmagazijnen en warenhuizen werd aangeboden, waren aanzienlijk eenvoudiger gemaakt, waarbij ogenschijnlijk vlechtwerk van riet en de houten omrandingen soms beide in kunststof waren uitgevoerd…

In het nu verschenen boek worden al deze facetten breed uitgemeten beschreven. Aanleiding daartoe vormde een tentoonstelling over de stoel die reeds in Dessau en Weil am Rhein te zien was en nu van 16 april tot en met 13 juni in het Museum fur Kunst und Gewerbe Hamburg wordt getoond.

Opmerkelijk daarbij is de breedvoerige aandacht voor de stoelen van gebogen hout van Thonet, waarvan een groot aantal illustraties is opgenomen. Daarentegen zijn de wat later ontwikkelde faulteuils zonder achterpoten van Alvar Aalto nergens afgebeeld en slechts terloops genoemd. Dat is des te opmerkelijker omdat die stoelen ook van gelijmd hout waren samengesteld, hoewel het uiterlijk robuuster was door een ander gebruik van hout.

Wel wordt Rietveld in het boek opgevoerd, niet alleen met zijn ‘zig-zag-stoel’ die inderdaad ook achterpoten ontbeerde, maar ook met de rood/blauwe stoel in de vroegste uitvoering zonder kleur.

In het goed verzorgde boek wordt de geschiedenis van Stams stoel breed uitgemeten, in relatie gebracht met architectuur en stedebouw, hetgeen soms ook nog heel aannemelijk is gemaakt. Kortom een definitief document over een belangrijke stoel.

WVH Werner Moller en Otakar Macel:’Eind Stuhl macht Geschichte. Uitgave:Prestel Verlag, Munchen 1992. Formaat: 22 x 28 cm, 126 blz. ISBN: 3 7913 1192 1. Prijs:(gebonden) f. 78.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels