nieuws

Nieuwe vorm nodig voor woningverbetering

bouwbreed

Het is van belang dat er snel nieuwe vormen van woningverbetering worden gevonden. Mogelijkheden in dit kader zijn een verlaging van de Besluit Woninggebonden Subsidie-grens (WBS) en het niet fiscaal belasten van onderhoudsreserves. Gebeurt dit niet dan is de kans groot dat opnieuw een vervalspiraal in voor-oorlogse woonwijken in gang wordt gezet.

Dit schrijft de Amsterdamse wethouder van stadsvernieuwing, L. Genet in een brief aan de leden van de Vaste commissie voor volkshuisvesting en ruimtelijke ordening van de Tweede Kamer. Vanmiddag is de particuliere woningverbetering onderwerp van een mondeling overleg tussen de vaste kamercommissie en staatssecretaris Heerma.

Al eerder is er door onder anderen de Haagse wethouder van Ruimtelijke Ordening en Stadsvernieuwing P. Noorda nus bij Heerma op een andere aanpak van de woningverbetering aangedrongen. En ook de Vereniging van Nederlandse Gemeenten heeft in een brief aan de Tweede Kamer aandacht voor de problematiek gevraagd.

Aanleiding hiervoor is de constatering dat er ten opzichte van 1991 een enorme terugval van het aantal ingrijpende woningverbeteringen is waar te nemen. Dit zou onder andere worden veroorzaakt door het feit dat de regelingen die de particuliere woningverbetering juist moeten bevorderen niet goed functioneren. In dit kader noemt de VNG het inwerking treden van het Besluit Woninggebonden subsidies, het wegvallen van subsidiemogelijkheden voor woningverbetering en onvoldoende mogelijkheden om het aanschrijvingsinstrument als beleidsinstrument in te zetten.

Zorgen In de gisteren naar de Tweede Kamer verstuuurde brief onderschrijft Genet de zorgen van zijn Haagse collega en de VNG. Uit de vergelijking van de Kwalitatieve Woning-Registratie ’84 en ’85 is volgens Genet opnieuw gebleken dat de kwaliteit van de voorologse particuliere huurwoningen niet alleen het slechtst is, maar dat die met name in de grote steden ook nauwelijks beter wordt. “Daarmee contrasteert” , zo benadrukt de Amsterdamse wethouder, “het teruggelopen tempo van woningverbetering sterk.”

In Amsterdam vond niet-ingrijpende woningverbetering in grote aantallen plaats omdat een hogere investering niet nodig of op grond van technische staat niet gewenst was, of, aldus Gent, omdat een dergelijke ingreep het best tegemoet kwam aan de wensen van bewoners en eigenaren. “Veel panden in Amsterdam zijn te goed om te slopen en te slecht om ingrijpend te verbeteren.”

Getroffen Het is ook de niet-ingrijpende woningverbetering van particuliere huurwoningen die hard is getroffen. Ook de uitvoering van de ‘kleine beurt’ en bijzondere gevallen als verbetering van studenteneenheden zijn in de ogen van de wethouder moeilijk geworden.

Hij ondersteunt dan ook de aanbeveling van de VNG om de BWS-grens te verlagen. Uit de gemeentelijke praktijk is namenlijk gebleken dat de investeringsgrens van f.50000 tot f.53000 bij inrgijpende verbetering op grond waarvan het BWS subsidies verstrekt, te hoog is. Particuliere verhuurders ervaren hun eigen bijdrage als te hoog en besluiten de woningen niet te verbeteren.

Fiscaal Daarnaast wordt gepleit om fiscale mogelijkheden te bieden waardoor het reserveren van middelen voor onderhoud mogelijk wordt. In dit kader zouden dan onderhoudsreserves niet fiscaal moeten worden belast en toevoegingen aan deze reserves zouden juist fiscaal aftrekbaar moeten zijn. “In ieder geval zou belastingaftrek voor onderhoud van goedkope woningen, als gevolg van Oort afgeschaft, hersteld moeten worden” , zo stelde de VNG eerder al vast.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels