nieuws

Convenant moet rendement vakopleiding verhogen

bouwbreed

De vakopleidingsinstituten voor het leerlingwezen moeten een plan van aanpak opstellen om de zorgwekkend hoge uitval in het leerlingwezen tegen te gaan. In het cursusjaar ’93-’94 moet er al een substantiele verhoging van het rendement, varierend van 2,5 tot 7,5 procent, worden geboekt.

Dat staat in het convenant dat minister Ritzen (Onderwijs) binnen enkele weken met de vakopleidingsinstituten aan de Tweede Kamer belooft heeft te sluiten. Het convenant is overigens een initiatief van de stichting Centraal orgaan van de Landelijke Opleidingsorganen (Colo).

De minister van Onderwijs werd deze week door de Tweede Kamer aan de tand gevoeld over de ‘tragische situatie in het leerlingwezen. De Kamer baseerde haar oordeel aan de hand van vorig jaar door het ministerie verstrekte cijfers waaruit bleek dat in sommige sectoren nog geen dertig procent van het aantal leerlingen dat instroomt een diploma haalt. De Kamer liet de minister weten de situatie zo zorgwekkend te vinden dat ze ‘snel en krachtig ingrijpen’ noodzakelijk acht.

Ingrijpen in deze rendementsproblematiek is echter een complexe zaak. De verantwoordelijkheid voor de opleidingen ligt namelijk bij een groot aantal betrokkenen en is verdeeld over verschillende fases in de opleiding.

Naast de streekscholen die zorg dragen voor het onderwijs (een dag per week) moeten bijvoorbeeld ook de werkgevers worden aangesproken. Het komt voor dat leerlingen geen bedrijf ke vinden dat hun een leerovereenkomst wil aanbieden. Zon overeenkomst, die hen de noodzakelijke werkervaring moet opleveren is een voorwaarde om het diploma te behalen. Onder de ongeveer tweeduizend leerlingen die met dit probleem kampen bevinden zich overigens veel allochtonen.

Een ander veel voorkomend probleem is dat werkgevers de leerlingen ontmoedigen om nog naar school te gaan en hen proberen over te halen meteen full time in dienst te treden, dus zonder diploma. De minister vindt het ronduit verbieden van deze praktijken te ver gaan. Wel deelt de minister de opvatting van de Kamer dat de jongeren verplicht moeten worden in elk geval een diploma in het voortgezet onderwijs te halen, bijvoorbeeld van het primair leerlingwezen. Dat zou volgens Ritzen ke door een jongere als leerplichtig te beschouwen totdat het diploma is behaald.

Betrekkelijk Een woordvoerder van de Stichting Beroepsopleidingen Weg- en waterbouw (SBW) wijst in dit kader op de betrekkelijkheid van de rendementscijfers. “Van de 3152 leerlingen die de laatste tweeenhalf een opleiding bij de SBW heb ben beeindigd hebben er 1400 een diploma behaald. Echter slechts 192 leerlingen hebben de opleiding voortijdig beeindigd. De rest is een andere leerovereenkomst aangegaan of kreeg te maken met de dienstplicht. In feite heeft de SBW een rendement van rond de 70 procent.”

Desondanks geeft de woordevoerder te kennen dat het rendement voor verbetering vatbaar is. “Als SBW hebben we om hier iets aan te doen de ‘nulde-jaarstrajecten’ ingevoerd; een eenjarige opleiding die vooraf gaat aan het eerste jaar primair leerlingwezen.

Daarnaast hebben we de assisten-vakkkracht (halfwas-niveau) ingevoerd die na de primaire opleiding afzwaait om het bedrijfsleven in te gaan.”

De Stichting Vakopleiding Bouwbedrijf (SVB) liet weten dat het rendement van het leerlingwezen rond de 60% bedraagt. De stichting kon vrijdag nog niet meedelen of zij reeds een plan van aanpak heeft opgesteld.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels