nieuws

Bouw-vak-werk richt zich na vier jaar op kerntaak

bouwbreed

De stichting Bouw-vak-werk gaat zich vier jaar na haar oprichting eindelijk concentreren op haar kerntaak. Dat blijkt uit het beleidsplan 1993-1994.

Het regisseren en coordineren van een evenwichtig arbeidsmarktbeleid voor de bouw zal centraal komen te staan. “Uitvoering en beleid liepen teveel door elkaar, waardoor we onvoldoende aan onze hoofdtaak zijn toegekomen” , zo licht directeur C. van Vliet het beleidsplan toe.

De boodschap die Bouw-vakwerk de komende maanden aan de uitvoerdende bouw zal moeten uitdragen is, dat hij sterk moet investeren om de instroom van nieuwe vaklieden te bevorderen. Een moeilijk verhaal, aldus Van Vliet, want de produktiviteit zal naar verwacht op de korte termijn iets minder worden. Ondernemers zitten dus niet te springen om te investeren in zaken waar ze nu nog geen last van hebben.

Weinig bedrijven zullen immers op dit moment met een tekort aan personeel zitten “Als we echter iets verder kijken dan blijkt dat waarschijnlijk in 1994, maar zeker in 1995 die produktiviteit weer aantrekt. Als je dan niks gedaan hebt ben je te laat en zullen er grote instroomproblemen ontstaan. Ik ben ervan overtuigd dat dit momenteel het grootste probleem is dat de bouw bedreigt.”

Van Vliet baseert deze uitspraak onder meer op een in opdracht van Bouw-Vak-Werk uitgevoerd onderzoek van het EIB dat in maart van dit jaar zal verschijnen. Hieruit blijkt dat het aanbod van arbeidskrachten in de bouw aanzienlijk terugloopt. Een en ander zal leiden tot omvangrijke tekorten aan bouwplaatspersoneel, met name in de Randstad.

De reden hiervoor is volgens Van Vliet simpelweg toe te schrijven aan de vergrijzing.

Een groot aantal bedrijfstakken is voor wat betreft zijn personeelsvoorziening afhankelijk van een -door demografische oorzaken- afnemend aantal schoolverlaters. “De vakopleidingsinstituten voor de bouw zijn er tot nog toe wonderwel in geslaagd voldoende leerlingen in huis te halen. Dit jaar zie je echter al een kentering. De SVB zal haar doelstelling niet halen.”

Efficient Het zal dus noodzakelijk worden een zo efficient mogelijk arbeidsmarkbeleid te voeren.

Bouw-vak-werk zal daarom sterker dan voorheen in de regios opereren. Het EIB-onderzoek vormt hierin een belangrijk instrument. De vraag en het aanbod van bouwvakarbeiders in de komende periode zijn hierin onderzocht. Belangrijker is echter dat de cijfers zeer fijnmazig op de verschillende regios zijn toegespitst.

Bouw-vak-werk kan de aannemer in de regio zodoende exact voorhouden hoe het met de arbeidsvoorziening in zijn omgeving is gesteld. De samenwerkingsverbanden en de vakopleidingsinstituten ke hier vervolgens op inspelen.

Daarnaast is voor Bouw-vakwerk een belangrijke taak weggelegd in het verbeteren van de relatie tussen het bouwbedrijfsleven en de arbeidsbureaus. Van Vliet: “Ze zullen elkaar de komende jaren hard nodig hebben. Bouw-vak-werk gaat de bedrijven stimuleren om hun vacatures te melden.

De arbeidsbureaus moeten op hun beurt sterker sectoraal beleid gaan voeren. Ze moeten werkbezoeken gaan afleggen, kortom de vinger aan de pols van de arbeidsmarkt bouw houden.”

Gescoord Een derde activiteit voor Bouw-vak-werk vormt de Koepelcampagne die partijen in de bouw willen gaan voeren en waar ze f.3 miljoen voor hebben uitgetrokken. In samenwerking met de vakopleidingsinstituten zal de stichting een groots opgezette voorlich tingscampagne houden om schoolverlaters voor de bouw te werven.

Een en ander betekent niet, aldus Van Vliet, dat de specifieke uitvoeringstaken van Bouw-vak-werk geheel niet meer aan bod komen. De scholing van langdurig werklozen bijvoorbeeld blijft de aandacht houden. “Uit onderzoek is echter gebleken dat we hier uitzonderlijk goed gescoord hebben. Onze opdracht om 2200 langdurig werklozen een baan te bezorgen is vrijwel vervuld.

Het uitvalspercentage bedroeg slechts twintig procent. Bij geen enkele bedrijfstak kom je zoiets tegen.” De prioriteit voor Bouw-vakwerk zal echter wel, zoals gezegd, bij het coordineren van arbeidsmarkt beleid komen te liggen. “Wanneer we van partijen toch uitvoerende nog taken krijgen toegewezen kan Bouw-vak-werk alleen medewerking verlenen als daar financiele middelen tegenover staan om die bijvoorbeeld uit te besteden. We zien ons gedwongen deze aanpak te volgen willen we onze taken structureel uitvoeren” , aldus Van Vliet.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels