nieuws

NVWB-Oost teleurgesteld over inzet van overheden

bouwbreed

Reorganisaties, haastig aangebrachte koerswijzigingen en verstikkende procedures zijn er de oorzaak van dat infrastructurele werken niet, of veel later dan nodig is, worden uitgevoerd. Rijkswaterstaat, maar ook provincies en gemeenten, zijn op dit moment drukker met zichzelf bezig dan met de taken waar ze voor staan, zoals de aanleg van infrastructuur.

Dat zei voorzitter H. Eising van de Nederlandse Vereniging van Wegenbouwers-Oost (NVWB-Oost) gisteren op de Oostelijke Wegendag in Arnhem.

De wegenbouwers in het oosten zijn teleurgesteld in de overheden, zo bleek op de bijeenkomst, omdat ondanks het vorig jaar ondertekende convenant om de discontinuiteit in de branche tegen te gaan met onder meer het Interprovinciaal Overleg (IPO), de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de Unie van Waterschappen, er weinig is verbeterd.

Nog steeds is het zo dat er slechts in een beperkt deel van het jaar wordt aanbesteed. Het gevolg is dat er grote schommelingen in de opdrachten blijven bestaan en daarmee de onaantrekkelijke wegenbouw gehandhaafd blijft.

Eising wees erop dat bij alle opleidingen, zowel middelbaar als op hoger technisch niveau, er een teruggaande belangstelling voor het vak is waar te nemen als gevolg van onzekerheid in de branche. Ook de werving voor latere technische functies wordt steeds moeilijker.

Door de toenemende vergrijzing zullen er echter juist meer mensen nodig zijn. Nationaal gezien kan de sector volgens berekeningen van het Economisch Instituut Bouwnijverheid de komende tien jaar ruim achtduizend vaklieden gebrui ken. De branche zal daarom actief campagne moeten gaan voeren om voldoende personeel te krijgen. De overheden ke een steentje bijdragen door meer over het jaar verspreid aan te besteden en daardoor de bedrijfstak aantrekkelijker te maken.

Besluitvorming

Eising hield tevens een pleidooi voor een betere besluitvorming bij grote infrastructurele werken, zoals de Betuwelijn. Deze treinverbinding met het achterland, zo hield hij zijn gehoor voor, laat zien hoe het eigenlijk niet moet.

‘Eerst maken de Nederlandse Spoorwegen een plan, dan kijkt Maij ernaar en vervolgens komen de provincies en gemeenten met hun bevolking aan de beurt. Op die manier wordt veel pijn geleden en energie verspeeld om elkaars belangen te bestrijden. In plaats daarvan zouden de meer ingewikkelde werken zowel bestuurlijk als technisch meer in gezamenlijkheid door de be trokkenen moeten worden voorbereid.’

Op het gebied van de infrastructuur in de regio moet er volgens de NVWB-Oost, dat vijfendertig lidbedrijven kent die jaarlijks met 3500 werknemers een gezamenlijke omzet van f. 700miljoen behalen, ook het nodige gebeuren.

Zo moeten de ontbrekende stukken van de A15 en de A18 (Ressen-Barberich en Varsseveld-Enschede) snel worden aangelegd. Een autosnelweg door de Achterhoek draagt immers bij tot de sociaal-economische versterking van die regio.

Daarnaast waarschuwde de NVWB voor dichtslibbende achterlandverbindingen. ‘Op de A1 (Amsterdam-Duitse grens) reiken de files momenteel al tot Deventer. Voordat die A1 in het oosten uitgebouwd is tot een weg met twee maal drie rijstroken moet de autosnelweg door de Achterhoek zijn aangelegd’, aldus Eising.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels