nieuws

Eenderde van de ontgronders over tien jaar in nood

bouwbreed

Voorlopig is er rust op het ontgrondingsfront, zolang natuurontwikkeling en het winnen van oppervlaktedelfstoffen aan elkaar gekoppeld worden. Over enkele jaren echter komt de discussie over het ontgronden in Nederland weer op gang. Over tien jaar zal eenderde van de huidige ontgronders in nood verkeren. Eenderde kans ziet kans om het werk gewoon voort te zetten en eenderde wijkt uit naar alternatieven, zoals het importeren van grondstoffen of het winnen van zeegrind.

Dat zijn de verwachtingen van de deelnemers aan de discussie, waarmee het symposium van het Gelders Ontgrondings Genootschap in de Jaarbeurs te Utrecht werd afgesloten.

Het symposium ging over actuele knelpunten bij het ontgronden. Tijdens de bijeenkomst bleek dat er op het moment weinig actuele knelpunten zijn. Dit werd door prof. dr.

H. Voogd, hoogleraar planologie aan de Faculteit der Ruimtelijke Wetenschappen van de RU Groningen, als volgt verwoord: ‘De afnemers zien de voorziening van oppervlaktedelfstoffen niet als knelpunt en ook de beleidsmakers en politici ervaren weinig actuele knelpunten.’

Tijdelijke opleving

Mr. H.S. de Vries, Hoofd Afdeling Ontgrondingen van de Provincie Noord-Brabant en mede-organisator van het symposium, bevestigde in gesprek met Cobouw, dat de koppeling van ontgrondingen aan natuurontwikkeling een tijde lijke opleving geeft voor de bedrijfstak. Naar zijn mening zal de problematiek van het ontgronden over enkele jaren echter in volle hevigheid terugkeren.

Toekomstverwachting

Dagvoorzitter C. Groenhuijsen van John Bukman Management te Hilversum vroeg de deelnemers aan de discussie naar hun toekomstverwachting. Volgens drs. J. Lengkeek van de Vakgroep Sociologie van de Westerse Gebieden van de LU Wageningen blijft de koppeling van ontginning aan natuurontwikkeling voorlopig het overheersende model. Dr.

W.A. van den Berg, OudStaatsraad van de Raad van State, verwacht dat de discussie over het al of niet aanwijzen van wingebieden er weer aan komt. Prof. dr. H. Voogd van de RU Groningen was het meest stellig in zijn toekomstbeeld: ‘Van alle ontgronders komt eenderde in nood, eenderde gaat gewoon door en eenderde gaat op zoek naar alternatieven’, stelde hij.

Prof. dr. J.P. Bahlman, hoogleraar bedrijfseconomie aan de RU Utrecht, zei over de bedrijfstak: ‘De ‘speelruimte is door de extreme afhankelijkheid van overheden, wetten en belanghebbenden wel zeer beperkt. Het is de vraag of het onder die omstandigheden wel mogelijk is bedrijfseconomisch te ontgronden.’ Bahlman stelde dat het vanwege de grote overheidsbemoeienis en de hoge kapitaalslasten uiters riskant is om als ondernemer te ontgronden. ‘De overheid zal duidelijk voor ondernemingen moeten kiezen en de bijbehorende belangen goed af moeten wegen, dat wil zeggen de bedrijven meer uitzicht geven op het beleid op langere termijn.’

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels