nieuws

‘De oplossing van onze nationale problemen moeten …

bouwbreed Premium

‘De oplossing van onze nationale problemen moeten we zoeken in een grootschalige omschakeling naar hoogwaardige produkten en produktietechnieken. De produkten moeten we bovendien verder weg dan de traditionele afzetmarkten zien te slijten.’ Voorzitter J. van den Akker van de FME meldt in nummer 37 van Onderneming dat de nieuwe fiscale R & D-faciliteit die onderzoek en ontwikkeling stimuleert dan ook geen moment te vroeg komt. Hij vindt het evenwel jammer dat de reductie op de loonbelasting geen 20 maar 12,5 procent is. Volgens hem hebben kleinere bedrijven met weinig R&D-medewerkers meer baat bij een hogere reductie per onderzoeker dan bij een hoger plafond van de regeling. Zorgwekkend noemt hij het verlies van 13 procent werkgelegenheid in de metalektro. Het gaat hierbij om 30000 banen oftewel de complete werkgelegenheidsgroei van de jaren tachtig. Deze banen zijn voorgoed verloren omdat er structurele veranderingen optreden. Een toenemend aantal bedrijven koopt onderdelen in Oost-Europa of verplaatst de produktie naar die landen.

‘In een vroegtijdig stadium moet een familiebedrijf nadenken over de financiele structuur van de onderneming. Dat begint al op het moment dat de eerste zoon of dochter in het bedrijf komt.’ Dat stelt J.

Janssen, lid van de raad van bestuur van Heijmans in nummer 23 van De Werkgever.

Volgens hem wordt bij opvolging in een familiebedrijf lang niet altijd objectief en bewust een keuze gemaakt. Er is vaak sprake van een glijdende besluitvorming. De financieringsstructuur over tien of vijftien jaar moet evenwel helder zijn. Als een ondernemer besluit zijn kinderen in de zaak te halen heeft dat verstrekkende gevolgen. Het blijft bijvoorbeeld een vraag of de kinderen er goed van af komen wanneer zij aandelen krijgen van het familiebedrijf. Janssen merkt op dat nog maar weinig bedrijven in handen zijn van de vierde of vijfde generatie. Heijmans is inmiddels geen familiebedrijf meer maar een structuurvennootschap.

‘Muiden heeft te stellen met ruimtelijk en milieubeleid van grote buren die met steun van de provincie aan zijn open water willen knagen. Het rijksplanologische beleid zou die ontwikkeling juist moeten voorkomen.’ Wethouder V.

den Hartog-Pottjewijd voor Milieu en ruimtelijke ordening van Muiden legt in nummer 10 van ROM de bezwaren tegen de plannen omtrent het IJmeer uit. Het meer en de oevers zijn uitgeroepen tot ROM-gebied.

Dat houdt het nodige overleg in maar veel plannen omtrent het IJmeer vallen bij Muiden slecht. Te denken valt aan de wijk Nieuw-Oost die Amsterdam wil bouwen. Ook Almere wil in een deel van het IJmeer bouwen. Andere plannen betreffen de aanleg van een kunstmatig eiland voor de opslag van vervuilde bagger en de aanleg van een dam of een brug tussen Almere en Amsterdam. De Muidense wethouder verwacht dat de bebouwing in het IJmeer in het plan van aanpak van het ROM-gebied wordt opgenomen. Buiten het gewest Gooi en Vechtstreek verzet niemand zich daartegen. Muiden vestigt de hoop op VROM en op de Vereniging tot Behoud van het IJsselmeer. VROM riep in eerdere kwesties Amsterdam tot de orde bij plannen die de ecologische hoofdstructuur van het gebied verstoorden.

‘GS van Limburg zijn niet van plan aan de druk op het platteland toe te geven door meer woningbouw in de suburbane dorpen toe te staan. Aan de andere kant ziet het college ook geen mogelijkheden om de groei van deze dorpen nog verder te beperken dan nu het geval is.’ Volgens nummer 8 van Limburgs Milieu Nieuws verwacht het college meer heil van stimulering van de bouw in de steden. Een gericht gemeentelijk verdelingsbeleid voor bouw en woonruimte en regionale samenwerking kan de suburbanisatie stoppen. De nieuwe Huisvestingswet biedt daarvoor de mogelijkheden.

Als gevolg van de suburbanisatie krijgen de steden het steeds moeilijker om het kwaliteitsniveau van veel voorzieningen te handhaven omdat mensen met midden- en hogere inkomens wegtrekken. De reden voor die verhuizing ligt onder meer in het gebrek aan eengezinswoningen in een groene ruimte. De suburbanisatie richt zich vooral op dorpen met meer dan 4000 inwoners op korte afstand van de stad. Ook de kleinere kernen op wat grotere afstand van de stad worden door de suburbanisatie bedreigt.

‘Eens te meer blijkt dat de bezuinigingen die in het verleden op onderhoudskredieten binnen het departement Openbare Werken werden toegepast zich nu beginnen te wreken. Zopas is gebleken dat de voorspankracht van de Waterloobrug in Halle afneemt en dat daardoor het verkeer beperkt en op korte termijn misschien zelfs verboden moet worden.’ Volgens nummer 45 van Bouwkroniek wordt het verkeer over deze brug in elke richting beurtelings toegelaten. De spankracht blijft evenwel afnemen zodat binnen afzienbare tijd sloop en vervangende nieuwbouw volgt. Eerder werden vier andere te slecht bevonden bruggen gesloopt. De aandacht voor de toestand van de bruggen ontstond na het instorten van een brug nabij Melle in maart vorig jaar. De totale kosten voor de Waterloobrug belopen minstens BF100 miljoen.

Reageer op dit artikel