nieuws

PvdA-er De Pree is heel bewust geen regionalist

bouwbreed

“Ik heb me altijd heel bewust niet als regionalist opgesteld” , antwoordt Tweede Kamerlid Wilfried de Pree (PvdA) op de vraag of het feit dat hij in het noorden woont van invloed is op zijn functioneren in het Parlement. “Ik zit in een Tweede Kamerfractie, en daar ben je met landelijk beleid bezig. Dat ik uit Friesland kom betekent natuurlijk wel dat ik de belangen van het noorden in de gaten houd, maar ik ben geen regionalist.”

Van oorsprong is De Pree geen Noorderling. Hij is op 30 mei 1938 geboren in Nieuwer-Amstel, is getogen en heeft gestudeerd in Utrecht, en is na zijn studententijd vertrokken naar het noorden.

“Ik ben negen jaar Nederlands Hervormd predikant geweest, eerst in Hindelopen en na viereneenhalf jaar in Assen. Vervolgens ben ik in 1973 naar Leeuwarden gegaan, waar ik als docent in de sociale filosofie en ethiek verbonden aan de sociale academie in Leeuwarden.”

De politiek had al vanaf zijn jeugd De Prees interesse.

Naar verluidt is het een boekje over Troelstra geweest, dat De Pree kreeg van een van zijn ooms, dat zijn belangstelling wekte. Op zijn achttiende werd hij lid van de PvdA. “Ik ben ook in mijn studententijd actief geweest. In die tijd hoorde ik bij Nieuw Links:’Tien over rood’. Toen ik in Leeuwarden als docent werkzaam was, ben ik actief in de lokale politiek geworden. In de predikantentijd hield ik me daar niet zo mee bezig.”

Kandidaatstelling

Dit resulteerde erin dat De Pree in 1974 gemeenteraadslid voor de PvdA in Leeuwarden werd. In 1978 werd hij wethouder, en in 1981 werd hij door het PvdA-gewest Friesland kandidaat gesteld “op een verkiesbare plaats op de lijst” .

Een systeem overigens, dat sinds het jongste PvdA-congres tot het verleden behoort.

Kieslijsten van de PvdA worden voortaan centraal opgesteld. Iets, waar De Pree in beginsel mee kan instemmen, maar: “Wel had ik het beter gevonden als ergens op papier zou staan dat men verplicht is oog te hebben voor regionale spreiding. Dat is op het congres wel even aan de orde geweest, maar toen zei Felix Rottenberg dat dat eigenlijk vanzelf spreekt. Maar het staat natuurlijk niet op papier.”

Ondanks dat De Pree niet in Friesland is geboren en getogen werd hij

h kandidaat gesteld. “Men kende je vanuit de regionale politiek, men wist wie je was. Mij wordt wel eens gevraagd:’He, jij bent geen Fries van huis uit, en toch ben je vanuit Friesland in de Kamer terecht gekomen. Hoe kan dat?’

Dan merk je toch wel dat men denkt:’Die Friezen kijken alleen naar hun eigen mensen.’

Dat is dus niet het geval. Het is nooit een punt van discussie geweest bij de kandidaatsstelling.”

Oog voor problemen

Op de vraag hoe men in de Tweede Kamer tegen het noorden aankijkt, antwoordt De Pree: “Men heeft wel oog voor de problemen in het noorden, op het ogenblik zeker.

Aan de andere kant heb ik me altijd heel bewust niet als regionalist opgesteld, ook niet in mijn eigen fractie. Ik heb altijd gezegd:’Ik zit in een Kamerfractie, en daar ben je met landelijk beleid bezig.’

Dat je uit Friesland komt betekent natuurlijk wel dat je de belangen van het noorden in de gaten houdt. Je bent ook goed van de problematiek ter plaatse op de hoogte, en als dat van pas komt zul je dat ook zeker in de fractie inbrengen.

Maar ik ben geen regionalist.

Je moet bereid zijn om voor iets te stemmen, waarvan je weet dat het ongustig uitpakt voor het noorden, maar waarvan je tevens erkent dat de redelijkheid of de noodzaak aanwezig is. Je kunt dan niet, omdat je uit het noorden komt, tegen zijn. Ik geloof niet dat dan je geloofwaardigheid in de fractie er groter op wordt.”

Volkshuisvesting

Het noorden kent op het gebied van de volkshuisvesting zo zijn specifieke problemen.

Zo is er, in tegenstelling tot andere delen van het land, geen sprake van een tekort aan woningen, maar kampt men met leegstand en ontvolking van het platteland. De Pree: “Het trieste vind ik altijd… Nou ja, triest is een verkeerd woord, want dat is zo zielig. Maar, Friesland heeft een hele goede onderwijsstructuur, en dan vooral Leeuwarden. Die stad telt zon 1200 HBO-studenten en heeft dus een landsdelige -zie de Vierde Nota- functie voor het HBO. Dat betekent dat het opleidingsniveau van de jongeren in Friesland heel goed is.

Het probleem is dat er voor die goed opgeleide jongeren in onvoldoende mate gekwalificeerd werk beschikbaar is. Dat leidt er dan toe dat nogal wat jonge mensen met HBO-opleiding zeggen:’Als ik een baan wil hebben, dan moet ik naar de Randstad.’

En dat leidt tot leegstand van woningen en ontvolking van het platteland. Ik verwijs naar dat hele goede rapport ‘De achterkant van Stedelijk Nederland’ van een jaar of twee geleden. Daaruit blijkt glashelder dat er een aantal plattelandsgebieden zijn, niet alleen in het noorden, maar ook in Zeeland en Limburg, die leeglopen. Dorpen raken ontvolkt, dus nieuwbouw hoeft daar al helemaal niet meer, het voorzieningenniveau daalt…”

Daar komt nog bij dat Friesland, van oorsprong een sterk agrarische provincie, zwaar te leiden heeft onder het nu gevoerde Europese landbouwbeleid. “Daardoor zijn er nogal wat klappen in Friesland gevallen, vooral in de zuivel. Nu heb je weer dat GATT-akkoord, met alle consequenties van dien voor de werkgelegenheid. De werkgelegenheid in de landbouwsector en in de industrie gaan dus achteruit, en dat verlies wordt onvoldoende gecompenseerd door nieuwe bedrijven.”

Optimistisch

De Pree zegt ondanks alles op termijn “niet zo pessimistisch”

te zijn over de toekomst van het noorden.

“Ik denk dat afstand in geografische zin voor bepaalde soorten bedrijven een steeds minder grote rol gaat spelen.

En het noorden biedt nu eenmaal een aantal voorbeelden, die de Randstad in mindere mate te bieden heeft. Wij kennen geen verkeersproblematiek, althans niet vergelijkbaar met de Randstad; er is hier een goed en goedkoop woonmilieu, de grond is ook goedkoper. We hebben, zoals ik al zei ook een goed opgeleide beroepsbevolking.

Al deze elementen zullen op termijn de doorslag geven. Er zijn bedrijven die de stap al hebben gewaagd en die nu in Friesland zitten. Daarmee gaat het uitstekend.

Overigens lachen ze zich in landen als Frankrijk en Duitsland helemaal rot. Daar snappen ze het helemaal niet. Wat is nou 100 of 150 kilometer? Je bent vanuit Leeuwarden met de auto in een kleine anderhalf uur in Amsterdam, dus zo groot is die afstand niet.”

Overheid

De overheid kan bij de geschetste ontwikkelingen ondersteuning bieden. Er is al een aantal regelingen, waarmee investeringen in het noorden worden bevorderd, en op dit moment wordt gediscussieerd over belastingluwe zo^nes en andere fiscale faciliteiten in het Noorden.

De Pree: “Het is goed dat men daarmee bezig is. Dat betekent dat door de rijksoverheid wordt erkend dat, evenals de grote steden, ook het Noorden een hele aparte problematiek kent.

In het verleden werd in dit verband natuurlijk vaak gesproken van een rivaliteit tussen de regio en de Randstad. Waar moet nu geld heen, waar zitten de problemen? Ik moet zeggen dat ik dat een hele onzinnige discussie vind. En mijn ervaring is de laatste jaren dat die ook eigenlijk niet meer wordt gevoerd.

Op het gebied van de volkshuisvesting bijvoorbeeld erkent men in Friesland dat, als het gaat om stadsvernieuwing, er een enorme problematiek is in de grote steden en dan met name in de grote vier. Men vindt dan wel dat er ook erkend moet worden dat er in Friesland dorpen zijn die met vernieuwing te maken hebben.

Dat vind ik winst, dat men niet zegt:’Er moet niet te veel geld daarheen, want wij…’, maar dat men zegt:’Okee, daar moet geld naartoe, maar heb ook oog voor onze problematiek. Dat vind ik een hele zinnige benadering die op termijn ook het meeste zal opleveren.

Daar ben ik van overtuigd.”

De Pree is op termijn “niet zo pessimistisch” over de toekomst van het noorden.

NOB, Afdeling Foto

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels