nieuws

Harry Seidler: een briljant architect gedocumenteerd

bouwbreed

Harry Seidler staat al jaren aan de top van de Australische architectenwereld en geniet over heel de wereld bekendheid. Zijn werk bleef voornamelijk beperkt tot Australie, de ambassade van het werelddeel in Parijs behoort tot de uitzonderingen daarop. Seidler (1923) werd geboren in Wenen en ontving een deel van zijn opleiding volgens de traditie van het Bauhaus in de Verenigde Staten.

De ontwerpen die me van Harry Seidler bekend waren, hebben me altijd gefascineerd door de in de architectuur zichtbaar gehouden constructies. Maar ook het wisselende licht, zoals dat dagelijks door de omtrekkende zon vanuit verschillende invalshoeken op gevels valt, maakte zijn werk boeiend door de plastiek van zowel bouwvolumen als gevelopbouw.

Achteraf is het werk van Seidler begrijpelijk tegen de achtergronden van zijn opleiding en samenwerking met een reeks vooraanstaande ontwerpers. In de jaren dertig vluchtte het gezin Seidler naar Engeland, waar het enkele dagen na de aanstelling van Churchill werd geinterneerd. Uiteindelijk kwam Seidler in Canada aan, waar hij zijn studie hervatte. Daar waren inmiddels ook vooraanstaande docenten van het Bauhaus gevestigd, veelal met een leeropdracht aan een van de universiteiten.

Harry Seidler viel op door zijn begaafdheid als ontwerper en kon in 1945-’46 deelnemen aan een Master class van Walter Gropius. Hij studeerde er samen met onder anderen I.M.

Pei, Harry Cobb, Ulrich Franzen en John Perkin. Op advies van Gropius volgde hij aansluitend een zomercursus bij Josef Albers, die nog geheel in de trant van het Bauhaus zijn studenten begeleidde. Aansluitend werkte hij gedurende en kele jaren bij zijn vroegere docent Marcel Breuer als medewerkend architect. Daarnaast maakte hij korte tijd kennis met het bureau van Oscar Niemeyer in Brazilie.

In zijn eigen praktijk vanaf de jaren vijftig in Sidney ontwikkelde Seidler een geheel eigen oeuvre. Aanvankelijk was vooral het Nieuwe Bouwen van zijn nog kleinere bouwopdrachten af te lezen. Hij vertaalde dat overigens naar de regionale context van zijn nieuwe vaderland.

Het gebruik van de constructie als architectuur-bepalend element in zijn werk kwam al snel naar voren in zijn vroege werk met onder meer eengezinswoningen, landhuizen en dergelijke. Maar voor grotere opdrachten greep hij terug op het werk van Marcel Breuer; in de jaren zestig en zeventig kwam daar de invloed bij van de constructeur/architect Pier L.

Nervi. Seidler en Nervi werkten veel samen, maar toen Seidler eenmaal begrip opbracht voor de werkwijze, heeft hij ook Australische constructeurs op dit spoor gezet.

Het is opmerkelijk dat Seidler een zeer uitgebreid oeuvre uitbouwde met een heel logische ontwikkelingslijn, vanuit het Nieuwe Bouwen naar de hedendaagse architectuurpraktijk. Hij maakte daarin een gestage groei door, zonder zich al te zeer te verliezen in modes.

Wel vindt met reflecties van architecten als Le Corbusier, Alvar Aalto en andere vooraanstaande moderne Europese architecten in zijn werk. Maar steeds verwerkte hij die bronnen verder binnen zijn eigen architectuur. Dat maakt het monumentale boek dat nu verscheen, met bijdragen van onder anderen Kenneth Frampton en Philip Drew, tot een prachtige uitgave die heel royaal werd opgezet en vorm gegeven. Maar het grootste belang van het boek schuilt in de voortreffelijke belichting van achtergronden waartegen Harry Seidler uitgroeide tot een architect van naam met werk waarin zijn Europese afkomst, Amerikaanse opleiding en de kansen die hij in Australie kreeg, voortreffelijk zijn gedocumenteerd.

Kenneth Frampton en Philip Drew:’Harry Seidler Four decades of architecture. Uitgeverij Thames and Hundson, Londen 1992. Formaat:26,5 x 29 cm, 432 blz. ISBN:0 500 97838 7. New York en Prijs: (gebonden in linnen band) 38,00.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels