nieuws

Unieke prijsvraag voor oude centrum van Berlijn

bouwbreed Premium

Na de voorgaande internationale prijsvragen voor de Reichstag en de stedebouwkundige invulling rond dit monumentale gebouw, de prijsvraag ‘Spreebogen’, is inmiddels wellicht de belangrijkste laat-twintigste-eeuwse prijsvraag onder architecten en stedebouwkundigen uitgeschreven voor het Spree-Insel in Berlijn. Opnieuw een internationale prijsvraag met een aantrekkelijke opzet in twee ronden.

Bij de prijsvraag Spree-Insel gaat het om de stedebouwkundige inrichting van het oudste gedeelte van Berlijn: de ruimte grenzend aan het Museum-Insel, waar vroeger het Stadtschloss heeft gestaan en nu het Palast der Republik uit de DDR-periode op sloop wacht.

Deze zomer maakte een groep voorstanders van reconstructie van de gevels van het Stadtschloss een unieke mock-up: het exterieur werd voor een groot deel op ware grootte in Parijs op kunststofdoek geschilderd en op een frame van steigerbuizen enkele maanden in het stadsbeeld geexposeerd.

Maar dat men niet terugkomt op het besluit van de verworpen reconstructie, is vrijwel definitief. Toch vormt het een onzekere factor, die de onderhavige prijsvraag nog weer moeilijker maakt. Maar ook het verdere prijsvraaggebied bevat enkele hinderlijke val kuilen, waarvan het de vraag is of buitenlandse deelnemers door de distantie meer of minder kans maken bij jurering.

Programma

Het programma van de stedebouwkundige ideeenprijsvraag voorziet in de volgende opgaven. Het ministerie van buitenlandse zaken is op de oorspronkelijke plaats van het Schloss gedacht, sedert de jaren vijftig de plaats van het nu ‘wegens tonnen toegepast gespoten asbest’ slooprijpe Palast en de daarvoor liggende paradeplaats tot aan de Spree. Aansluitend wordt een conferentiecentrum gevraagd. De nieuwe bouwvolumen moeten een goede stedebouwkundige aansluiting geven op de fameuze straat Unter den Linden. Het Staatsratsgebaude -met een gevelfragment van het Schloss- kan in de nieuwe ontwerpen worden opgenomen, zoveel mogelijk aanknopend bij de oorspronkelijke stedebouwkundige situatie; met name het terrein achter het gebouw biedt mogelijkheden tot verdichting. Het ministerie van Binnenlandse Zaken is op een aansluitend gebied gedacht, waarvan de voormalige Reichsbank deel uitmaakt, een massief bouwsel dat in 1938 gereed kwam. Het DDR-ministerie voor buitenlandse zaken is tijdelijk in gebruik als ministeriele huisvesting, maar wordt afgebroken. Op deze locatie stond ondermeer de Bauakademie van Schinkel, waarvan volledige reconstructie wordt overwogen (en in de architectuurdebatten op minder weerstanden stuit dan het Schloss). In het programma worden verder een bibliotheek en mediacentrum gevraagd.

Herinrichting

Tenslotte worden hoge eisen gesteld aan de gebruiksmogelijkheden en inrichting van overblijvende open ruimten in het gebied en moet rekening worden gehouden met nog te bouwen tunnels voor de metro.

Daarmee streven de prijsvraaguitschrijvers (Bondsrepubiek en gemeente) naar een ingrijpende herinrichting van het oude hart van Berlijn. Er kan niet teruggevallen worden op het oorspronkelijke stedelijke weefsel van het door de eeuwen gegroeide vooroorlogse centrum, hetgeen ook de reconstructie van de gevels van het Schloss minder logisch maakt: de verdere oorspronkelijke setting ontbreekt; een gelijkvormig stedelijk bouwvolume lijkt echter niet onmogelijk.

In de directe omgeving van de net gerestaureerde Dom, het aansluitende Museum-Insel, de monumentale gevelwanden van Unter den Linden en het in de jaren tachtig gerealiseerde gebied rond de St. Nicolaikirche, vormen hoekstenen rond een eind-twintigeeuwse herinrichting waarin de oorspronkelijke bebouwing niet wordt gereconstrueerd, maar wel rekening wordt gehouden met de positieve impulsen uit het verleden.

Opmerkelijk is daarbij, dat twee pompeuze ministeries in het gebied een plaats toebedeeld krijgen. De indruk wordt gewekt dat deze programmatische eisen correleren met de situatie van het Haagse VROM: het noodzakelijke bouwvolume is uitgangspunt, in plaats van een zorgvuldig stedebouwkun dig plan dat op ruimtelijk toelaatbare criteria berust.

De prijsvraag staat wereldwijd open voor buitenlandse architecten en overtreft daarmee de recent gepubliceerde Europese richtlijnen voor dergelijke opdrachten. De prijsvraag bestaat uit twee fasen. In de eerste fase wordt het schetsontwerp van een stedebouwkundig plan met functieverdeling gevraagd, een isometrie van het ontwerp, een blad met nader uitgewerkte schetsen van de stedebouwkundige idee (alle drie op A2-formaat) en een korte toelichting. In verband met de te verwachten grote internationale belangstelling, is een relatief beperkte inzending gevraagd. Hieruit worden circa vijftig ontwerpen door een internationale jury (met onder anderen Herman Hertzberger, Josef P. Kleihues, Gustav Peichl en Renzo Piano) geselecteerd voor een meer gedetailleerde uitwerking van het schetsontwerp uit de eerste fase. Daarbij kan het programma van eisen ook worden aangescherpt.

In de eerste fase bestaat de honorering alleen uit een eventueel toelaten tot de tweede fase.

In totaal staat DM550000 ter beschikking, waarvan circa DM3000 per ontwerper als tegemoetkoming in de kosten van deelname aan de tweede ronde. De eerste prijs in de tweede ronde is DM120000 en neemt via prijzen van DM 90000, 60000, 40000, 20000 af tot zeven aankopen van DM10000.

Hoewel de prijswinnaar(s) op grond van het juryrapport met de stedebouwkundige uitwerking ke worden belast, vormt hun prijs geen garantie dat zij worden uitgenodigd voor deelname aan verdere prijsvragen die de Duitse overheid voor heeft genomen voor bijvoorbeeld beide ministeriele ontwerpen. Dat maakt zelfs de eerste prijs nogal mager, zodat de winnaar meer op -internationaal- aanzien moet teren.

Deelname

Tot 22 oktober, de inzendingstermijn, ke prijsvraagbescheiden worden verkregen door betaling van DM50 met een scheck bij de Arbeitsgemeinschaft Wettbewerb Spree-Insel, Breite Strasse 1, D-10178 Berlijn. Telefoon: 09 49 30 2038 2006, fax 2038 2007.

De prijsvraag is goedgekeurd door de UIA, de internationale architectenorganisatie. De tweede fase sluit aan op een vrij snelle jurering en heeft als inzendtermijn midden-april 1994. In mei vindt de jurering in tweede ronde plaats met aansluitend van juni tot september een tentoonstelling van de ontwerpen.

Reageer op dit artikel